Wmo

Wmo

De dorpsondersteuner is goedkoper dan eenzame mensen

De zorgkosten nemen af als de dorpsondersteuner actief is in het dorp. Dat blijkt uit onderzoek van de Aletta Jacobs School of Public Health. Ouderen wonen langer thuis, hebben meer sociale activiteiten, betere informele zorg en minder huisartsbezoeken. Leefbaarheid is de taak van de gemeente en dat kost de overheid geld.
Wmo

Kostenbeheersing sociaal domein geeft gemeenten kopzorgen

Waren er net na de transitie nog wat reserves aan de kant van de Wmo om de hoge jeugdzorgkosten op te vangen. Nu lopen ook de Wmo-tekorten op en zitten gemeenten met de handen in het haar. De Vereniging van Nederlandse gemeenten (VNG) brengt in kaart waar de kosten per gemeente liggen en hoe deze ingeperkt kunnen worden.
Dagbesteding

Dagbesteding op maat staat onder druk

Nieuwe cliënten en minder inkomsten nopen organisaties in de gehandicaptenzorg om hun dagbestedingsaanbod aan te passen. Dagbesteding op maat staat daarbij onder druk. Zorg + Welzijn sprak met De Baalderborg Groep en ’s Heeren Loo over de veranderingen die zij hebben doorgevoerd.
Wmo

Vijf jaar na de decentralisatie: Do or die

De Wmo jubileert na de decentralisatie in 2015. In dertien interviews analyseren Piet-Hein Peeters en Jasper Loots de stand van de decentralisatie: “Veel gedaan, te weinig bereikt”. Pardon? En de wijkteams en het maatwerk en de zorg dichtbij dan? Er is veel gebeurd, volgens de geïnterviewden, en ook veel misgegaan. ‘De samenleving wordt de nieuwe gezondheidszorg’, aldus Peeters.
Wmo

Wmo: Grotere tevredenheid bij cliënten

De tevredenheid van cliënten over de Wmo is toegenomen. Onderzoeker Leon Heuzels: ‘Gemeenten lijken de Wmo steeds beter in de vingers te krijgen. Ze hebben de toegang en de processen steeds beter ingericht en ook de deskundigheid van de medewerkers is toegenomen. Dat vertaalt zich naar een grotere klanttevredenheid.’
Wmo

‘De grote zak pillen kon in de prullenbak’

Hij was zo zwaar en zo ziek dat hij bijna dood was door diabetes type 2. Na één dag dieet hoefde hij al geen insuline meer te spuiten en in vijf maanden viel hij 40 kilo af. Nu zet Wim Tilburgs zich topfit in voor de strijd tegen diabetes en de verbetering van de leefstijl die er mee te maken heeft. ‘Minstens 60 tot 70 procent van de huisartsenbezoeken is leefstijl-gerelateerd.’
Professionalisering

E-learning polarisatie: wat speelt er eigenlijk in de wijk?

Als er nieuwe groepen mensen in de wijk komen wonen, dan kan het samen leven in de buurt ongemakkelijk worden omdat er bijvoorbeeld spanningen ontstaan. Dat is het moment dat je als professional aan het werk gaat met het tegengaan van polarisatie. Hoe voorkom je dat groepen tegenover elkaar komen te staan en er geen gesprek meer mogelijk is?
Wmo
Hulp bij ethische dilemma’s

DILEMMA Wat zou jij doen?

Een thuiszorgmedewerker belt aan op het adres waar ze al maanden komt. Er woont een ouder echtpaar. Meneer is ongeneeslijk ziek en wacht thuis op de dood. Mevrouw zorgt liefdevol voor hem. De thuiszorgmedewerker heeft al langer in de gaten dat meneer geen plezier meer heeft in het leven. Vandaag geeft hij aan dat hij niet meer wil eten omdat hij dood wil. Zijn vrouw wil hier niets van weten, zij wil hem zo lang mogelijk bij zich houden. Hoe vind jij dat de thuiszorgmedewerker zich moet opstellen?
Wmo

Huishoudelijke hulp biedt kans om welzijn ouderen te verbeteren

Betrokkenheid bij je cliënt is een belangrijk onderdeel van het werk voor veel huishoudelijke hulpen. Maar het signaleren van problemen, begeleiding of boodschappen doen zit niet in hun takenpakket. In Zwolle hebben studenten van Windesheim en Deltion onderzoek gedaan naar hoe cliënt en huishoudelijke hulp gezamenlijk communiceren en werken. Schoonmaken en hand- en spandiensten aan de cliënt gaan vaak samen.
Wijkteam
Huisarts in gesprek met patiënt

Handboek Welzijn op recept: denken in oplossingen

Geen pilletje van de huisarts, maar een wandeling naar het zwembad. Om patiënten met psychosociale contacten beter te helpen, zijn ruim tachtig gemeentes aan de slag gegaan met ‘Welzijn op recept’. Alle kennis en ervaring is nu gebundeld in het ‘Handboek Welzijn op recept’.

Over wmo

Elke gemeente zijn eigen zorg en ondersteuning

Bijna 2 miljoen mensen krijgen zorg en ondersteuning, volgens de kerncijfers 2015 van het Sociaal en Cultureel Planbureau. Veelal uit het informele netwerk. Vanaf 2015 wordt zorg en ondersteuning vanuit de Wmo door gemeenten georganiseerd en gefinancierd. Uitgangspunt is dat mensen zo lang mogelijk thuis kunnen blijven wonen. Dat heeft geleid tot werken in wijkteams, een woud aan pilots en veel discussie.

Lees meer

Gemeenten worden sinds 1 januari 2015 geacht ervoor te zorgen dat mensen zo lang mogelijk thuis kunnen blijven wonen. De gemeente geeft ondersteuning thuis via de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo). Gemeenten zijn verantwoordelijk voor de ondersteuning van mensen die niet op eigen kracht zelfredzaam zijn.

Uit onderzoek naar de uitvoering van de Wmo blijkt dat in 2016 de waardering voor wijkteams ietsje is gedaald naar van 6,7 in 2015 naar 6,6. De grootste problemen van de decentralisatie zitten nog steeds in het jeugdhulp. Een op de 5 Nederlanders vindt dat de decentralisaties goed uitpakken. 47 Procent heeft geen vertrouwen in de decentralisatie, vooral niet bij de uitvoering van de ouderenzorg. Dat blijkt uit een onderzoek van I&O Research. Vlak vóór 2015, voordat de Wmo en Jeugdwet overgingen naar de gemeente, gaf 54% aan geen vertrouwen te hebben.

Wijkteam

Onder de Wmo vallen verschillende vormen van hulp en ondersteuning. Het gaat bijvoorbeeld om: begeleiding en dagbesteding; ondersteuning van mantelzorger; beschermde woonomgeving voor mensen met een psychische stoornis; opvang in geval van huiselijk geweld en mensen die dakloos zijn. Maar ook om ondersteuning die past bij persoonlijke situatie van de cliënt die een zorgvraag heeft. Iedere gemeente organiseert de toegang tot ondersteuning op zijn eigen manier. Sommige gemeenten kiezen voor het Wmo-loket. Veel gemeenten kiezen sociale wijkteams waar mensen terecht kunnen met hun hulpvraag. Wat het wijkteam precies doet, verschilt per gemeente. De gemeente kan onder voorwaarden een persoonsgebonden budget (pgb) geven. Met een pgb kan de cliënt de ondersteuning zelf kiezen en inhuren.

Meldt iemand zich bij de gemeente met het verzoek om ondersteuning, dan moet de gemeente onderzoek doen naar de persoonlijke situatie. Vooral over dat onderzoek naar de hulpvraag van de cliënt via het zogenoemde “keukentafelgesprek” is veel discussie geweest vanaf het begin van de decentralisatie in 2015. De keukentafelgesprekken leidden tot veel klachten en tot gefrustreerde cliënten en mantelzorgers. Daar is zeker door gemeenten, zorg- en welzijnsorganisaties en door sociaal werkers van geleerd.

Decentralisatie

De decentralisatie van zorg en ondersteuning in de Wmo heeft een fase van ontwikkeling doorgemaakt. Dat heeft ook geleid tot flinke discussies in de diverse gemeenten over hoe de Wmo vorm te geven. Het heeft ook geleid tot experimenten, pilots die opkomen en net zo snel weer afvallen. Het heeft geleid tot ketenzorg en samenwerking, en zorg dichtbij de cliënt. In dit dossier vind je artikelen die weergeven hoe de discussie is gevoerd en waartoe de transitie heeft geleid. Met alle voors en tegens en ontwikkelingen in de zorg en ondersteuning voor burgers en kwetsbare mensen.

Tot slot nog een paar cijfers uit de publicatie in april 2017 van I&O Research: De professionele hulp en begeleiding worden door zorggebruikers in 2016 met een 7,4 gewaardeerd, dat was een 7,7 in 2014. Een op de tien mensen geeft een onvoldoende aan de geboden hulp. De belangrijkste redenen zijn de lange wachtlijsten (57%), niet goed luisteren naar de hulpvrager (50%) en niet goed samenwerken tussen organisaties (43%).

Uitgelicht congres

Congres Samenwerken aan Sterke Jeugdhulp

Van der Valk Hotel

Lustrum: Dag van de sociaal werker

ReeHorst