Informele zorg

Informele zorg

COLUMN It takes a village

'It takes a village to raise a child', luidt de uitdrukking. Het is een van oorsprong Afrikaans gezegde: er is een hele gemeenschap nodig om een kind alles te geven wat het nodig heeft. Ik ben het daar van harte mee eens. Ik vind het gezin zoals ik dat zo om me heen zie vaak een beetje te klein en te benauwd. Veel gezinnen hebben iets weg van sektes, met eigen, nogal dwingende opvattingen voor alle gezinsleden, een sekteleider (meestal de moeder, soms de vader) en een doorgaans weinig open houding tegenover de buitenwereld.
Informele zorg

BOEK ‘Er is veel onbegrip voor nabestaanden’

Haar moeder is 65 als de eerste tekenen van dementie zich aandienen. Samen met haar zus besluit Aniana Taelman voor haar moeder, die snel achteruit gaat, te zorgen. En alsof het vechten tegen de ziekte en zelf overeind blijven niet lastig genoeg zijn, komt er ook een ander rouwproces naar boven. Dat andere rouwproces is de niet verwerkte zelfmoord van haar vader van zestien jaar eerder. In Het einde is nu schrijft Aniana haar strijd, pijn, woede en angst van zich af en zet ze de eerste stappen naar haar eigen heling.
Ervaringsdeskundig
Emile Petiet is senior adviseur bij Arteria Consulting.

Blog: Betaalde ervaringsdeskundigen zijn een stap naar betere en goedkopere zorg

We moeten nog tot 2022 wachten, maar dan is de financiering van ervaringsdeskundigen in de ggz eindelijk geregeld. Een discussie die al sinds 2012 wordt gevoerd, is hiermee beslecht. Geen reden om achterom te kijken, maar juist vooruit. Wat is er mogelijk op het gebied van ervaringsdeskundigen, juist ook buiten de ggz?

Over informele zorg

Het belang van informele zorg

Mantelzorgers, vrijwilligers, burenhulp, lotgenotencontact, zelfhulp, actief burgerschap: er zijn vele vormen van informele – en dus onbetaalde – zorg en ondersteuning. Samen met professionals houden deze informele zorgverleners het Nederlandse zorgstelsel draaiende.

Lees meer

Ons land scoort internationaal gezien hoog als het gaat om informele zorg, zegt onderzoeker Marianne Potting, al is het nooit genoeg. ‘Dat zit ‘m niet in de bereidheid onder Nederlanders om zich in te zetten, maar omdat de toenemende vraag om zorg en ondersteuning veel groter is dan het aanbod. Dat heeft onder andere te maken met het bezuinigen op professionals. De indicatie om een professional in te zetten, wordt steeds zwaarder. Bovendien verandert de visie: je hebt niet altijd professionals nodig voor de beste ondersteuning. Soms is het prettiger om te praten met iemand uit je eigen omgeving die je vertrouwt, zoals je buurvrouw.’

Samenwerken

Om zo goed mogelijk zorg en ondersteuning te kunnen geven, moeten informele zorgverleners en professionals samenwerken. Hoe doe je dat het beste? Herken en erken elkaars unieke bijdrage, zegt Potting. Daarmee begint het. ‘Dat is een voorwaarde tot samenwerking. Je hebt elkaar nodig, omdat je allebei een unieke en belangrijke rol inneemt in het leven en welzijn van de cliënt.’ Verder moeten organisaties beseffen dat professionals niet automatisch op de juiste manier met vrijwilligers omgaan, hoe goed ze ook zijn in hun werk. ‘Werken met cliënten is niet hetzelfde als werken met vrijwilligers. Dat laatste verloopt niet vanzelfsprekend probleemloos. Professionals zouden daarin begeleiding moeten krijgen.’

Curriculum aanpassen

Potting ziet hiervoor zeker oplossingen. ‘Hoe je vrijwilligers aanstuurt, kunnen we opnemen in het curriculum. Bestaande professionals kunnen we bijscholen. Daarnaast is het verstandig om te erkennen dat “omgaan met en aansturen van vrijwilligers” een competentie is. Die vaardigheid zie ik bijvoorbeeld bijna nooit genoemd in vacatures.’

Waardering

Ten slotte zouden organisaties het vrijwilligersbeleid kunnen aanpassen. Goed omgaan met vrijwilligers betekent volgens Potting meer dan de vrijwilliger verzekeren en hem een kerstpakket geven. ‘Organisaties moeten bedenken welke kennis over cliënten ze wel of niet met vrijwilligers delen en hoe ze vrijwilligers betrekken bij incidenten. En als een vrijwilliger na jarenlange zorg vertrekt, rondt het traject dan goed af. Waardering is echt superbelangrijk.’