Informele zorg

‘Zonder humor was ik verzopen in het bureaucratische proces’

Mantelzorger Jac. Splinter zette zijn frustratie, onmacht en woede over de (zorg)bureaucratie om in het humoristische, licht absurde Grote BureaucratieVakantieBoek. Daarmee houdt hij ambtenaren en zorgprofessionals ook een spiegel voor. ‘Het begint met empathie. Verplaats je in de ander.’
Transformatie

Jan Willem Duyvendak: ‘Afhankelijk zijn van professionals is geen schande’

Politiek en beleid overschatten burgers en onderschatten professionals. Dat stelt Jan Willem Duyvendak vandaag op de Dag van de Sociaal Werker. Hij sprak zelfs over de verkleutering van de professionals en moedigt sociaal werkers aan om voor hun vak te gaan staan.
Informele zorg

Een op vijf zorgvragers heeft geen sociaal netwerk

Van de ouderen en mensen met een beperking heeft 20% geen informeel netwerk voor hulp.
Informele zorg
‘Gemeenten moeten eerst mantelzorgers vinden’

‘Gemeenten moeten eerst mantelzorgers vinden’

Drie op de vier mantelzorgers heeft geen idee wat de transitie per 1 januari voor hen gaat betekenen. Dat blijkt uit onderzoek van Mezzo. ‘Gemeenten zijn ook verantwoordelijk voor ondersteuning aan mantelzorgers.’
Informele zorg
Wat betekent eigen kracht voor deze mensen?

Wat betekent eigen kracht voor deze mensen?

Er zijn mensen die wakker liggen van termen als ‘eigen kracht’ en ‘sociaal netwerk’. Mensen die door de drie decentralisaties tussen wal en schip raken, vrezen Marie-José Hijnekamp en Hesther Konings. Bijvoorbeeld een 85-jarige vader met zijn 57-jarige inwonende zoon.
Informele zorg
‘Te weinig geïnvesteerd in vrijwillige zorg’

‘Te weinig geïnvesteerd in vrijwillige zorg’

Het overheidsbeleid staat bol van teksten over de participatiemaatschappij en meer zorg voor elkaar. Het wordt als dé oplossing gezien om de bezuinigingen in de thuiszorg op te vangen. Maar er is veel te weinig geïnvesteerd in vernieuwing van de vrijwillige zorg, stelt Patrick Anthonissen, medeoprichter van Zorgvoorelkaar.com.
Informele zorg
‘Professional vindt samenwerking mantelzorger lastig’

‘Professional vindt samenwerking mantelzorger lastig’

‘De samenwerking tussen professionals en mantelzorgers moet veel meer op elkaar afgestemd worden’, vindt Roos Scherpenzeel coördinator bij het Expertisecentrum Mantelzorg. De cliënt en de mantelzorger worden leidend in de zorg en dat vraagt om een verandering bij de zorgprofessional.

Over informele zorg

Het belang van informele zorg

Mantelzorgers, vrijwilligers, burenhulp, lotgenotencontact, zelfhulp, actief burgerschap: er zijn vele vormen van informele – en dus onbetaalde – zorg en ondersteuning. Samen met professionals houden deze informele zorgverleners het Nederlandse zorgstelsel draaiende.

Lees meer

Ons land scoort internationaal gezien hoog als het gaat om informele zorg, zegt onderzoeker Marianne Potting, al is het nooit genoeg. ‘Dat zit ‘m niet in de bereidheid onder Nederlanders om zich in te zetten, maar omdat de toenemende vraag om zorg en ondersteuning veel groter is dan het aanbod. Dat heeft onder andere te maken met het bezuinigen op professionals. De indicatie om een professional in te zetten, wordt steeds zwaarder. Bovendien verandert de visie: je hebt niet altijd professionals nodig voor de beste ondersteuning. Soms is het prettiger om te praten met iemand uit je eigen omgeving die je vertrouwt, zoals je buurvrouw.’

Samenwerken

Om zo goed mogelijk zorg en ondersteuning te kunnen geven, moeten informele zorgverleners en professionals samenwerken. Hoe doe je dat het beste? Herken en erken elkaars unieke bijdrage, zegt Potting. Daarmee begint het. ‘Dat is een voorwaarde tot samenwerking. Je hebt elkaar nodig, omdat je allebei een unieke en belangrijke rol inneemt in het leven en welzijn van de cliënt.’ Verder moeten organisaties beseffen dat professionals niet automatisch op de juiste manier met vrijwilligers omgaan, hoe goed ze ook zijn in hun werk. ‘Werken met cliënten is niet hetzelfde als werken met vrijwilligers. Dat laatste verloopt niet vanzelfsprekend probleemloos. Professionals zouden daarin begeleiding moeten krijgen.’

Curriculum aanpassen

Potting ziet hiervoor zeker oplossingen. ‘Hoe je vrijwilligers aanstuurt, kunnen we opnemen in het curriculum. Bestaande professionals kunnen we bijscholen. Daarnaast is het verstandig om te erkennen dat “omgaan met en aansturen van vrijwilligers” een competentie is. Die vaardigheid zie ik bijvoorbeeld bijna nooit genoemd in vacatures.’

Waardering

Ten slotte zouden organisaties het vrijwilligersbeleid kunnen aanpassen. Goed omgaan met vrijwilligers betekent volgens Potting meer dan de vrijwilliger verzekeren en hem een kerstpakket geven. ‘Organisaties moeten bedenken welke kennis over cliënten ze wel of niet met vrijwilligers delen en hoe ze vrijwilligers betrekken bij incidenten. En als een vrijwilliger na jarenlange zorg vertrekt, rondt het traject dan goed af. Waardering is echt superbelangrijk.’