Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Reacties0

Zo krijg je je cliënt van de bank af: ‘Maak van bewegen een standaard gespreksonderwerp’

Het EK voetbal in Duitsland, de Tour de France en de Olympische Spelen. Of je deze zomer veel sport volgt of juist niet, zelf bewegen is nog belangrijker. Sociaal werkers komen veel cliënten tegen die piekeren of op een andere manier niet goed voor zichzelf zorgen. Hoe krijg je daar verandering in? Aline Slijkerman geeft 6 tips waarmee je je cliënt van de bank afkrijgt.
‘In het sociaal werk gaat het vaak over het welzijn van mensen, maar lang niet iedere sociaal werker heeft aandacht voor het bewegen van cliënten’, ziet Aline Slijkerman. Afbeelding via Pixabay

Bokstrainingen voor volwassenen met verslavingsproblematiek, krachttrainingen voor mensen met een lvb, kinderen van ouders met problematische schulden die zich aanmelden bij de voetbalclub, hardloopclinics voor mannen die in agressieregulatie-therapie zitten. En zo kan Aline Slijkerman nog wel even doorgaan. Bij Spurd, het sportbedrijf van de gemeente Purmerend, werkt zij aan de sportstimulering van personen in een kwetsbare positie. ‘Juist voor deze doelgroep kan sport of beweging een enorm positieve impact hebben op hun mentale gezondheid’, weet Aline.

Positieve effecten

Hoogleraar neuropsychologie Erik Scherder heeft dat eerder al uitgespit. Een half uurtje wandelen per dag genereert al positieve effecten voor de gezondheid. Denk aan een beter immuunsysteem en langer, gezonder leven. De kans op chronische aandoeningen zoals diabetes en hart- en vaatziekten vermindert aanzienlijk als je een halfuurtje bewegen in je dagelijkse routine opneemt.

Blijf op de hoogte van de laatste praktische inzichten voor sociaal werkers met de gratis online nieuwsbrieven van Zorg+Welzijn, het vakmedium voor professionals in het sociaal domein.>>

Maar minstens zo belangrijk voor sociaal werkers: bewegen heeft – naast het lichamelijke gezondheidseffect – ook een positief effect op onze mentale gezondheid. Zo zorgt bewegen voor een uitlaatklep en verbeterde stressregulatie. Stressgevoelens die cliënten ervaren kunnen door middel van sport of bewegen geleidelijk afgevoerd worden. Volgens Scherder draagt dit bij aan herstel van stressvolle situaties en zorgt het ervoor dat cliënten beter in staat zijn om met nieuwe stressprikkels om te gaan. Verder leidt sport/bewegen tot positieve veranderingen in de gemoedstoestand: bewegen vermindert of voorkomt bijvoorbeeld angst- of depressieve klachten.

Geen sportcoaches

Aline benadrukt dat zij geen wetenschapper maar vooral een groot ambassadeur van bewegen is, juist voor mensen in een kwetsbare positie. Ze werkt samen met welzijnsorganisaties en jongerenwerkers, maar spart ook geregeld met medewerkers van Leviaan, waar mensen begeleid wonen. ‘Ik besef heel goed dat mensen in het sociaal werk lang niet altijd net zoveel affiniteit met sport hebben als ik’, zegt ze. ‘Niet voor niets hebben zij voor een beroep in het sociaal werk gekozen. Ze zijn hulpverleners en géén sportcoaches.’

Voordelen

Tegelijkertijd legt Aline uit dat de noodzaak van beweging of sporten er wel is voor cliënten. Het heeft diverse voordelen. ‘We willen allemaal dat cliënten zoveel mogelijk meedoen in de maatschappij, ieder op zijn of haar eigen manier. Sport kan een uitlaatklep zijn, geeft structuur, zorgt ervoor dat mensen zich onderdeel voelen van een club, leidt tot nieuwe sociale contacten, biedt afleiding van verslaving en ga zo maar door’, somt ze op.

Bovendien is het helemaal niet zo ingewikkeld om je cliënt meer te laten bewegen, legt Aline uit. Ze deelt haar ideeën:

1. Ga naar buiten

Heb je een cliënt met depressieve gevoelens of zie je juist op tegen een moeilijk gesprek? Ga samen wandelen in het park. ‘Als je elkaar niet hoeft aan te kijken, ben je eerder open en eerlijk over wat je bezighoudt. Al wandelend moeilijke vragen beantwoorden is minder confronterend dan één-op-één een gesprek voeren aan de keukentafel’, schetst Aline.

Ook voor ouderen is het heel zinvol om samen een rondje te wandelen. Bij mensen die hun hele leven lichamelijk (en geestelijk) actief blijven, Ook voor wie al dementie heeft, is wandelen gezond. Voldoende bewegen kan de kans op dementie zelfs verminderen, stelt Alzheimer Nederland.

2. Geef de voorzet, je hoeft niet te scoren

Ook al heb je als sociaal werker weinig met sport, dan is dat volgens Aline helemaal geen probleem. ‘Zorg dat je een goede samenwerking hebt met de sportaanbieders in je directe omgeving. Geeft een cliënt bijvoorbeeld aan dat hij/zij graag weer eens het sporten op wil pakken? Stimuleer dat en maak dan gebruik van dat netwerk’, legt Aline uit. Je hoeft immers niet zelf te sporten, maar alleen een zetje in de goede richting te geven.

Heb je je cliënt eenmaal zo ver gekregen dat hij/zij bijvoorbeeld naar een sportclub gaat, zorg er dan voor dat de coach terplekke hem of haar daadwerkelijk ziet. ‘Een sportcoach die informeert en stimuleert, dat geeft een goed gevoel. De kans is groot dat hij of zij dan vaker wil gaan’, zegt Aline. Ze maakt de vergelijking met voetbal: ‘Je hoeft als sociaal werker alleen de voorzet te geven, een ander zorgt er dan wel voor dat er gescoord wordt.’

3. Denk in mogelijkheden

Aline weet uit ervaring dat praktische problemen soms in de weg staan. Ze geeft als voorbeeld dat er op een groep voor begeleid wonen voldoende animo was om samen te gaan sporten, maar dat vervoer een probleem was. De bus van de instelling was niet beschikbaar op het moment dat er een sportles op de planning stond. ‘Als Mozes niet naar de berg komt, kan de berg wel naar Mozes komen’, lacht Aline. Dus werd de sportcoach op de woongroep uitgenodigd, waardoor iedereen alsnog zijn/haar energie kwijt kon. ‘Denk dus in mogelijkheden.’

4. Maak van bewegen een standaard onderwerp

Een minder praktische suggestie, maar mogelijk wel nuttig: ‘In het sociaal werk gaat het vaak over het welzijn van mensen, maar lang niet iedere sociaal werker heeft aandacht voor het bewegen van cliënten’, vermoedt Aline. Ze wil hen vooral uitdagen: ‘Maak van bewegen een standaard gespreksonderwerp. Vraag op welke manier een cliënt de komende tijd gaat bewegen, al is het maar samen wandelen naar de supermarkt. Alle kleine beetjes helpen.’

5. Laat geld geen rol spelen

Laat voldoende bewegen en/of sporten niet afhangen van de financiën van een cliënt, benadrukt Aline. Zo is er bijvoorbeeld het Jeugdfonds Sport & Cultuur dat kinderen uit gezinnen met weinig financiële middelen helpt om deel te nemen aan sport- en cultuuractiviteiten. ‘Bij gemeenten zijn er ook allerlei regelingen voor minima. Die weg kennen de mensen die in de wijkteams werken waarschijnlijk beter dan ik’.

6. Maak gebruik van je netwerk

Werk jij met lvb’ers? Of juist met ouderen? De kans bestaat dat zij zich niet thuis voelen op een reguliere sportclub. Het sportaanbod is niet altijd passend bij de doelgroep van sociaal werkers. Aline wijst erop dat dat echt geen probleem hoeft te zijn: ‘In de gemeente Purmerend hebben we sportcoaches in huis die affiniteit hebben met specifieke doelgroepen en daar goed mee om kunnen gaan, van volwassenen met ggz-problematiek tot mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt.’ Ook dit is weer een kwestie van je netwerk in kaart brengen.

Tot slot: Aline heeft geregeld gezien dat mensen in kwetsbare posities dankzij sport zich ontworstelden aan hun persoonlijke situatie. ‘Laat die kans dus niet onbenut en zoek naar mogelijkheden. Je hoeft vaak alleen maar dat zetje in de goede richting te geven.’

Dit artikel is eerder gepubliceerd als premium verhaal. Omdat de sportzomer 2024 in volle gang is, is dit artikel ter inspiratie tijdelijk te lezen voor al onze bezoekers. Heb je het verhaal helemaal uitgelezen? Ga lekker bewegen… 🙂 Wil je meer premium stukken lezen? Neem een gratis proefabonnement voor zeven dagen. Je zit nergens aan vast.

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.