Westland toont durf in de Week van de Alfabetisering

SOCIAAL BESTEK - Het thema van de Week van de Alfabetisering, die van start gaat op maandag 9 september, is dit jaar 'DURF! … mee te doen'. Honderden gemeenten, bedrijven, bibliotheken, scholen en vele tienduizenden mensen komen deze week samen met Stichting Lezen & Schrijven in actie voor een geletterd Nederland.

Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Westland toont durf in de Week van de Alfabetisering
De Westlandse cursusgroep NT1. V.l.n.r. Anja, Monique, Carina, Guido, Cobi (docent) Arie, Dick en Marjolein. Foto: Gerard Vellekoop

Naar schatting hebben 2,5 miljoen volwassenen moeite met lezen, schrijven en/of rekenen. Vaak zijn ook digitale vaardigheden en de omgang met de e-overheid een probleem.

Minder afhankelijk

Het leren lezen en schrijven op latere leeftijd heeft vele positieve effecten, zo blijkt uit talloze onderzoeken. Mensen krijgen meer zelfvertrouwen en worden minder afhankelijk van anderen. Ze doen hun eigen thuisadministratie, kunnen internetbankieren en regelen ook andere zaken zelfstandig met de computer. Ze doen hun werk beter en met meer plezier, maken sneller promotie en als ze geen werk hebben, vinden ze gemakkelijker een baan. Ze worden maatschappelijk actiever en gaan vrijwilligerswerk doen. Ze worden betere ouders doordat ze hun kinderen kunnen voorlezen en helpen bij hun huiswerk en ook beter geïnformeerd raken over opvoedingszaken zoals de schoolkeuze en een gezonde levensstijl.

Nieuwe wereld

Bovenal krijgen mensen het gevoel weer mee te tellen en ertoe te doen. Alleen al het bezig zijn met leren, maakt dat mensen zich gezonder en gelukkiger voelen. Vele deelnemers aan schrijf- en leescursussen zeggen dan ook dat er ‘een nieuwe wereld voor hen is opengegaan’. De gunstige effecten van leren lezen en schrijven mogen dan alom bekend zijn, de stap om naar de bibliotheek of het ROC te gaan, is voor de meeste volwassenen niet makkelijk. Dat geldt vooral voor mensen die Nederlands als moedertaal hebben, de zogeheten NT1-ers.

Faalervaringen

Vaak is in hun jeugd de school een aaneenschakeling geweest van faalervaringen en hebben ze daardoor een hekel gekregen aan leren. De angst voor herhaling zit er diep in. Als het vroeger niet lukte, waarom zou het nu dan wel lukken? Verder spelen er gevoelens van schaamte. Iedereen leert als kind op school toch lezen en schrijven, en als dat op volwassenen leeftijd nog steeds lastig gaat, dan kun je dat maar beter zoveel mogelijk verborgen houden. Zo gebruiken ze dikwijls smoesjes, zoals ‘ik ben mijn bril vergeten’ of ‘ik vul dit formulier liever thuis in’. Vaak hebben mensen zich erbij neergelegd dat lezen en schrijven iets is ‘wat ze toch niet kunnen’.

Taalhuizen

Er is kortom enorm veel ‘durf’ nodig om te stap te zetten naar een cursus. Gelukkig zijn er mensen die afgelopen jaar die durf wel getoond hebben. Dit was onder meer het geval in het Westland. Een aantal mensen daar heeft hun angst en schaamte achter zich gelaten. Zij hebben zich in de bibliotheek van Naaldwijk op het taalspreekuur aangemeld voor een cursus. Nu krijgen ze daar les van een docent van het Mondriaan College. Een heel mooi voorbeeld van onderlinge samenwerking. Op tal van andere plekken in Nederland gebeurt dat ook. Inmiddels zijn er meer dan tweehonderd zogeheten Taalhuizen waarin bibliotheken, ROC’s en andere taalaanbieders hun krachten gebundeld hebben.

Vrijwilligerswerk als motivatie

In het Westland hebben de cursisten het ook aangedurfd om hun eigen verhaal zelf op te schrijven. Zij zijn, zoals we dat noemen, échte Taalhelden. De verhalen zijn verzameld in een prachtig boekje met portretfoto’s. Deze week zal cursist Carina het boekje overhandigen aan wethouder Piet Vreugdenhil tijdens een feestelijke Taalhuis-bijeenkomst. Carina schrijft zelf in het boekje dat haar vrijwilligerswerk de belangrijkste motivatie was om weer naar school te gaan. ‘Nu kan ik veel beter verslagen maken. Ben je erg onzeker en angstig, kortom heb je hier last van, kom weer naar school. Dan leer je daar beter mee omgaan.’

Voorgetrokken

Een andere cursist uit het boekje is Siem. Hij vertelt dat hij vroeger op de achterste stoel van de klas werd gezet en dat hij daardoor veel aandacht tekort is gekomen. ‘Andere kinderen werden voorgetrokken omdat ze lekkere dingen meenamen voor de juf of meester, zoals tomaten. Mijn ouders waren geen tuinder, dus ik had die had ik nooit bij me.’ Hij bleef verschillende keren zitten en is toen maar aan het werk gegaan. Nu is hij blij dat hij de verloren schooljaren weer wat kan inhalen. Of neem Anja, die zich dankzij de lessen niet meer schaamt. ‘Wij als cursisten zitten in hetzelfde schuitje, we praten ook nog over veel andere dingen. Daardoor voel je jezelf veilig.’

Ommekeer

Guido moest twee jaar geleden nog iedereen om hulp vragen en gebruikte allerlei foefjes om te verbergen dat hij moeite had met lezen en schrijven. De school bracht een grote ommekeer in zijn leven. Hij heeft veel gehad aan de steun van zijn medecursisten. Hij kan het zelf haast niet geloven, maar nu is hij bezig zelf een boek te schrijven. Marjolein verwoordt het thema van de week misschien wel het beste. Zij vertelt:Durf naar school te gaan als je moeite hebt met lezen en schrijven. Durf voor jezelf op te komen. Durf in de spiegel te kijken. Durf te zeggen tegen jezelf: pak de trein. Durf naar de bibliotheek te gaan om een boek te lezen. Want als je dat durft, krijg je een hoop zelfvertrouwen.’ Het boekje telt slechts twaalf pagina’s en kan een bron van inspiratie zijn voor iedereen die zich inzet voor een geletterdheid Nederland.

Thomas Bersee is adviseur volwasseneneducatie bij Probiblio, de ondersteuningsorganisatie van de openbare bibliotheken in Noord- en Zuid-Holland.

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.