‘Als kind heb je het recht om veilig op te groeien. En als dat niet gebeurt, heb je het recht om te klagen’, zegt kinderombudsman Margrite Kalverboer tegen de NOS. Het probleem is: kinderen weten de weg binnen het systeem niet goed te vinden of hebben geen vertrouwen in de procedures. Dat concludeert Kalverboer in het rapport ‘Je bent nog maar een kind, je durft gewoon niet’.
Al tien jaar hetzelfde probleem
Het probleem is niet nieuw. Tien jaar geleden werd al vastgesteld dat uithuisgeplaatste kinderen onvoldoende worden gehoord, maar sindsdien is er weinig verbeterd. Kalverboer: ‘We zijn niet fundamenteel opgeschoten.’ De klachtprocedures voldoen nog steeds niet aan de tien regels die de Kinderombudsman in 2016 al opstelde.
Eerder schreven we ook over de knelpunten in de rechtspositie van uithuisgeplaatste kinderen en hun beperkte inspraak in beslissingen die hen direct raken.
Slechte timing
Hoewel kinderen informatie krijgen over hoe zij misstanden kunnen melden, gebeurt dat vaak op momenten waarop zij daar niet ontvankelijk voor zijn. Bijvoorbeeld kort na een ingrijpende uithuisplaatsing. In de praktijk blijkt dat informatievoorziening alleen niet voldoende is, iets wat ook naar voren kwam in ons eerdere artikel over vertrouwenspersonen in de jeugdzorg en hun bereik onder jongeren.
Laagdrempeligere klachtprocedures
Kalverboer pleit daarom voor laagdrempeligere klachtprocedures. Kinderen moeten eenvoudiger en desgewenst anoniem, bijvoorbeeld online, een melding kunnen doen. Daarnaast is het volgens haar belangrijk dat kinderen terugkoppeling krijgen over wat er met hun klacht gebeurt. Transparantie en opvolging zijn essentieel om het vertrouwen in de jeugdzorg te herstellen.
‘Niemand was geïnteresseerd’
Volgens de Kinderombudsman is dus structurele verbetering nodig. Niet alleen in regels en procedures, maar vooral in de dagelijkse praktijk: kinderen moeten daadwerkelijk ervaren dat er naar hen geluisterd wordt. Kalverboer: ‘Kinderen blijven zeggen: “Er is wel van alles gebeurd, maar ik heb het aan niemand durven zeggen, want niemand was geïnteresseerd.” Mensen vragen vaak niet eens “Hoe gaat het nu met jou?” of “Wat speelt er?” Als dat niet gevraagd wordt, ga je dat ook niet zeggen.’ Er is dus meer nodig voor een goed functionerend klachtrecht dan een toegankelijke procedure. Het gaat volgens Kalverboer ook over de basis: het klimaat en de cultuur waarin deze jongeren opgroeien moet gezond zijn.
Lees ook een eerder interview met Kinderombudsman Margrite Kalverboer. Hierin roept ze sociaal werkers op om kinderen apart van hun ouders te spreken over hun leefsituatie.
Aanbevelingen van de Kinderombudsman
De Kinderombudsman doet in het rapport een aantal aanbevelingen die gericht zijn aan de sector en de professionals die daarin werken.
- Zorg voor een laagdrempelige en toegankelijke klachtenprocedure.
Informeer jongeren standaard en op begrijpelijk niveau over hun klachtrecht. Sluit aan bij hun behoeften door bijvoorbeeld online klachten en feedback mogelijk te maken en anonimiteit te waarborgen. - Creëer een veilig pedagogisch klimaat.
Zet het welzijn en de ontwikkeling van jongeren centraal, bied ruimte voor inspraak en verantwoordelijkheid, investeer in vertrouwensrelaties en betrek jongeren serieus bij besluiten die hen raken. - Stimuleer een cultuur van reflectie en leren.
Sta open voor signalen en feedback van jongeren, geef snel en duidelijk terugkoppeling en investeer in het goede gesprek. Probeer conflicten waar mogelijk informeel op te lossen en erken altijd het gevoel van onvrede.
Lees hier het rapport van de Nationale Ombudsman: ‘Je bent maar een kind, je durft gewoon niet.’

