Richt je op hele leefomgeving van kinderen bij bestrijding van armoede

De aanpak van armoede onder kinderen en jongeren staat bij het Rijk en gemeenten hoog op de agenda. Toch neemt het aantal kinderen en jongeren in armoede niet af. Kinderombudsvrouw Margrite Kalverboer: ‘Armoedebeleid is nu vooral gericht op het verbeteren van het leven van kinderen buitenshuis. Om deze kinderen echt te helpen, moet er een samenhangende aanpak komen die zicht richt op de hele leefomgeving van kinderen, te beginnen bij het verbeteren van de onzekere en instabiele thuissituatie.’
Foto: Fotolia

In Nederland leven 378.000 kinderen in armoede. Dat betekent dat één op de negen Nederlandse kinderen in armoede opgroeit. De Kinderombudsman bracht het rapport Alle kinderen kansrijk waarin te lezen is dat kinderen die opgroeien in armoede op alle vlakken in hun leven worden beperkt in hun ontwikkeling en het armoedebeleid onvoldoende aansluit bij wat deze kinderen echt nodig hebben. Kinderombudsvrouw Margrite Kalverboer: ‘Opgroeien in armoede is zoveel meer dan het niet hebben van spullen. Deze kinderen lopen op alle vlakken in hun leven achterstand op en hebben minder kansen om zich goed te ontwikkelen.’

Toekomstperspectief

Kalverboer stelt dat opgroeien in armoede maakt dat je je als kind minder voelt, het heeft invloed op de keuzes die kinderen maakt in hun leven en op hun toekomstperspectief. Bijvoorbeeld omdat de kinderen thuis stress en spanning ervaren en de band tussen ouders en kinderen onder druk staat. ‘Daarom moeten we ervoor zorgen dat kinderen en jongeren kunnen opgroeien in een gezin waar genoeg geld is van om te leven, waar warmte en aandacht is en waar kinderen en jongeren vrij zijn van dagelijkse zorgen.’


Armoede is een financieel probleem. Maar het is ook eenzaamheid, een laag zelfbeeld en ongezond leven. Roeland van Geuns, lector Armoede en Interventies bij de Hogeschool van Amsterdam. ‘Je moet mensen geen verantwoordelijkheid geven die ze niet aankunnen.’ Lees meer >>


Armoedebeleid

Ondanks dat er vanuit Rijk en gemeenten veel ingezet wordt op de bestrijding van armoede, neemt het aantal kinderen dat in armoede opgroeit toch niet af. Dat is deels te wijten aan het huidige armoedebeleid. Zo geven gemeenten die meewerkten aan het onderzoek van de Kinderombudsman bijvoorbeeld aan dat het aanbod aan kindvoorzieningen geen structurele oplossing biedt voor armoedeproblematiek en wordt de zelfredzaamheid van ouders in armoede overschat.

Aanbevelingen

Om de armoedeproblematiek écht aan te pakken, doet Kalverboer in het rapport een aantal aanbevelingen. Zo zou ze bijvoorbeeld graag zien dat er maatwerk aan gezinnen in armoede wordt geboden zodat zij adequaat worden geholpen bij de noodzakelijke behoeften die ze hebben. Ook zou er meer aan de kinderen zelf gevraagd moeten worden wat ze nodig hebben en hoe voorzieningen beter kunnen zodat hun stem structureel beter gehoord wordt. Kalverboer: ‘En maak samen met ieder gezin een perspectiefplan gericht op het stabiliseren van de situatie nu en het verbeteren van het toekomstperspectief van alle gezinsleden zodat het leven van het gezin als geheel verbetert.’ Ook pleit de Kinderombudsvrouw voor meer aandacht van een stabiele thuissituatie van deze kinderen. Bijvoorbeeld door schulden zo vroeg mogelijk te voorkomen en verhelpen zodat leefomstandigheden niet ongewenst veranderen als gevolg van schuldenproblematiek en door te zorgen dat gezinnen verzekerd zijn van kwalitatief goede huisvesting die voor de lange termijn gegarandeerd is zodat gezinnen een stabiele woonruimte hebben en houden.

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.