Appèl op schuldeisers moet geldproblemen van jongeren verkleinen: Meenemen van lasten uit het verleden

Jongeren steken zich steeds makkelijker en dieper in de schuld. Kredieten worden in de regel makkelijk verstrekt en de kredietverleners laten de schuld flink oplopen voor ze ingrijpen. Het gaat bij jongeren, zo onderzocht het Nibud, om schulden van € 250 tot € 5000. De gemeente Utrecht roept schuldeisers op meer te doen om te voorkomen dat jongeren zich in de schulden steken. Zijn deze jongeren de volwassen met schulden van morgen?

Nicoline Bos, voorlichter gemeente

Utrecht:
‘De gemeente onderneemt actie omdat steeds meer jongeren bij

de Gemeentelijke Kredietbank aankloppen voor schuldsanering. Vorig jaar ging het

om een dikke honderd jongeren, op een totaal van 1200 gevallen. Het is een

slechte zaak dat zij al op zo jonge leeftijd met schulden zitten. En doordat zij

vaak maar weinig inkomsten hebben, valt het hen moeilijk van de schulden af te

komen. Natuurlijk zijn jongeren zelf, en ook hun ouders, verantwoordelijk voor

hun koopgedrag. Vandaar dat we aan preventie doen, door bijvoorbeeld

voorlichting op scholen te geven. We maken daarbij gebruik van jongeren die uit

eigen ervaring over hun financiële problemen vertellen. Naar aanleiding van de

brief van B&W heeft het Nibud al contact met ons opgenomen om gezamenlijk

een voorlichtingsprogramma op te zetten.’

Caroline Sodenkamp, woordvoerder Nibud: ‘Wij zijn

inderdaad wel wat van plan, omdat blijkt dat de situatie bij bepaalde jongeren

zorgwekkend is. We denken daarbij aan gerichte voorlichting aan jongeren en hun

ouders. We gaan daarvoor ook lesmateriaal samenstellen. Ook zetten we in op een

landelijke campagne. Maar meer dan dit kan ik er niet over zeggen. Het moet

allemaal nog ingevuld worden. Wel zijn we over deze materie in gesprek met

gemeenten, de VNG en de ministeries van Sociale Zaken en VWS.’

Hettie Wolf, chef afdeling schuldhulpverlening gemeente

Enschede:
‘In het verleden hadden we altijd een enorme uitval bij de

schuldhulpverlening aan jongeren, iets van tachtig procent. Vandaar dat we in

’99 met een nieuw project begonnen zijn. Wij dragen het samen met de jeugdzorg,

want veel jongeren hebben naast hun financiële ook andersoortige problemen. In

ons team zit ook een budgetbegeleider die jongeren thuis bezoekt en hen leert om

met geld om te gaan. Wij maken de jongeren als het ware rijp voor het drie jaar

durende schuldsaneringtraject van de Stadsbank. Je zou kunnen zeggen dat we een

lik-op-stuk beleid hanteren met snel ingrijpen, waarbij de zelfwerkzaamheid van

jongeren voorop staat. Het resultaat is dat we steeds meer jongeren helpen en

dat de uitval in ieder geval drastisch gedaald is. Om te voorkomen dat jongeren

al meteen huurschuld opbouwen, zijn we ook begonnen met het geven van

huuradvies. Samen met de jongere bekijken we dan in gesprekken of huren er al

inzit of dat hij nog beter een tijdje kan wachten. En natuurlijk geeft onze

preventiewerker door de hele stad voorlichtingen aan jongeren en hun

ouders.’

Arno Bonte, woordvoerder Dwars, jongerenorganisatie

GroenLinks:
‘Wat Utrecht doet, is een stap in de goede richting. Maar

ik zou verder willen gaan. Allereerst bepleit ik een wettelijke regeling tegen

de agressieve praktijken van kredietmaatschappijen. Jongeren zijn erg gevoelig

voor hun manier van doen, en daar dienen ze tegen beschermd te worden. Verder

zou ik willen dat gemeenten meer bewindvoerders aanstellen die jongeren bijstaan

om hun schulden te saneren. En ook ben ik voor een uitgebreide budgettraining

voor jongeren. Zodat ze leren met geld om te gaan. Zo’n cursus moet in elk geval

beschikbaar zijn voor jongeren die al schulden hebben gemaakt. Maar moet ook een

vast onderdeel worden van het onderwijs.’

Marco van Westerlaak, medewerker Jongerenorganisatie CNV:

‘Goed kunnen rekenen is misschien niet stoer, maar wel reuze handig. Wie het

Nibud-onderzoek goed leest, ontdekt dat van de onderzochte groep jongeren

twintig procent schulden heeft en de rest schuldenvrij is. Van de groep jongeren

met schulden heeft twintig procent meer dan € 900 schuld. Dit is dus vier

procent van de totale onderzochte populatie. Dit komt overeen met een harde kern

probleemjongeren die in alle onderzoeken de kop op steekt. Het is dus niet nodig

alle jongeren te veroordelen en te betuttelen. Het is beter gericht actie te

ondernemen op de kleine groep jongeren die in de problemen zit. Met

voorlichting, steun en doelgroepgerichte projecten kunnen deze jongeren bereikt

en geholpen worden. Dan kan die grote groep jongeren waar het erg goed mee gaat,

lekker genieten van hun welverdiende geld.’

Uit ‘Jongeren 2001’ van kinderen en jongerenonderzoekbureau

Qrius:
‘De hoogte van de telefoonrekeningen blijkt een belangrijke bron

van irritatie te zijn tussen jongeren en hun ouders. Vaak gaat het een keer goed

mis, waarna ouders hun kind aan een afbetalingsregeling onderwerpen en allerlei

belemmerende maatregelen nemen.’/Marty PN van Kerkhof

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.