‘Wooncontainers voor overlastveroorzakers zijn niet stigmatiserend’

Amsterdamse woningcorporaties plaatsen dit najaar zes containerwoningen voor mensen die extreme overlast veroorzaken. Na Amsterdam, Maastricht en Kampen starten binnenkort nog acht projecten. Jeroen Singelenberg (SEV) coördineert een landelijk experiment rond containerwoningen naar Deens voorbeeld. 'Deze groep wordt nu gewoon rondgeschopt en vaak voor vijf jaar uitgesloten van een corporatiewoning.'
‘Wooncontainers voor overlastveroorzakers zijn niet stigmatiserend’


Door

Martin Zuithof – ‘In containerwoningen veroorzaakt deze groep minder overlast en hebben ze minder

problemen met hun drugsgebruik, zo blijkt in Denemarken. Ze zitten verder

van de drugsscene af en moeten meer moeite doen om aan

drugs te komen.’

‘Zowel het gedrag

als de gezondheidstoestand blijkt verbeterd. Bij een aantal is zelfs verburgerlijking

opgetreden omdat ze hogere eisen stellen aan hun woonomgeving.’

Jeroen Singelenberg, programmaregisseur van het programma ‘Keer de

verloedering’ van de Stuurgroep Experimenten Volkshuisvesting
(SEV),

vertelt betrokken over zijn ervaringen in Denemarken.

Daar bestaan al langer zogeheten‘skaeve huse’ , projecten voor mensen die

zoveel overlast veroorzaken dat ze in normale sociale woningen niet te handhaven

zijn. Singelenberg coördineert een nationaal experiment waarin de ervaringen

rond negen projecten met containerwoningen worden uitgewisseld. Gemeenten,

corporaties en de hulpverlening zijn in wisselende samenstelling betrokken bij

het experiment dat gericht is op kennisuitwisseling: hoe kan het beste een project

voor containerwoningen worden opgezet?

Zonder hulpverleningSingelenberg: ‘We kijken bij een

nulmeting hoe mensen er binnen komen. Hoe staat het met de ervaren overlast in

de omgeving? Na een aantal maanden doen we een evaluatie om te kijken of er een

positief effect is voor de betrokkenen en de omgeving. Dat positieve effect is

in Denemarken al gebleken. De meeste bewoners blijken er na vijf jaar nog te

zitten. Ook zonder hulpverlening blijken ze het beter te doen doordat ze een

eigen dak boven hun hoofd hebben en tot rust zijn gekomen.’

Hopeloze uitzettingsgevallenVoor het programma meldden

zich in 2005 negen steden aan: Amsterdam, Utrecht, Tilburg, Bergen op Zoom, Ede,

Leiden, Den Helder, Enschede en Leeuwarden. ‘Iedereen zit met dezelfde

problemen. Er zijn lijsten met hopeloze uitzettingsgevallen en zorgwekkende

zorgmijders. Die lijsten kent iedereen ter plaatse, politie, corporaties,

welzijn, gemeenten. Daar probeert men iets voor op te zetten.’

De plannen voor containerwoningen komen nu in een

stroomversnelling. Zijn er zo veel gevallen waar instanties zich geen raad mee

weten?
‘Volgens ons zijn er ongeveer drie ernstige probleemgevallen

op iedere 10.000 inwoners. Dat is een schatting op basis van een paar steden

waar de situatie goed in beeld is gebracht, zoals Maastricht en Tilburg. Dat

zijn steden met een goed zogeheten tweede-kansbeleid, waarmee ze bewoners die in

de fout gaan een tweede kans geven op wonen in een gewone huurwoning met een

contract voor verplichte begeleiding.’

‘Het betreft de gevallen die daar weer mislukken omdat ze zich niet aan de

afspraken houden. Dan blijken dat er zo’n drie op de tienduizend te zijn.

Landelijk schat ik de groep op zo’n 4000 gevallen. Een deel van de doelgroep

zijn de hopeloze uitzettingsgevallen. Dat zijn degenen die uit een huurwoning

komen en niet meer plaatsbaar zijn. Anderen komen uit het daklozencircuit , waar

ze niet in een groepsaccommodatie passen.’

Welke voorzieningen moeten er rond deze containerwoningen zijn?

‘Het belangrijkste is het vinden van een locatie. Die moet niet te

dicht bij de overige bebouwing liggen, zodat er geen overlast is. Wat betreft

begeleiding wordt er naar Deens voorbeeld gewerkt met beheerders, die tussen

verschillende locaties pendelen en een oogje in het zeil houden voor praktische

kwesties. Hij biedt geen individuele hulpverlening en bij deze projecten is ook

geen verplichte bemoeizorg.’

‘De beheerder is ook geen ordehandhaver, zo is de ervaring in Denemarken.

Bij problemen moet de politie worden ingeschakeld anders verliest de beheerder

het vertrouwen van de bewoners.’

Heeft de reguliere hulpverlening de handen van deze groep

afgetrokken?
‘De bal ligt nu bij de cliënten. Het zijn mensen

die het helemaal gehad hebben met de hulpverlening. Ze zijn niet bereikbaar via

het vertrouwde model van begeleiding en bemoeizorg. Individueel is er wel

contact met de verslavingszorg of de geestelijke gezondheidszorg. Maar er is ook

geen woonbegeleiding zoals in de sociale pensions of de hostels.’

Is het geen pijnlijke nederlaag voor de maatschappij om bepaalde

groepen weer in afzondering weg te zetten?
‘Het pijnlijke vind ik nu

dat we het niet onder ogen zien. De groep is er en wordt in feite gewoon

rondgeschopt en vervolgens voor vijf jaar uitgesloten voor een corporatiewoning.

Dat vind ik eigenlijk pijnlijker dan dat een corporatie zo’n project neer gaat

zetten en ook alle verliezen neemt die erbij horen. Niets doen is erger.’

Zijn er echt geen alternatieven?‘Voor deze groep niet.

We stellen wel als voorwaarde dat het deel uitmaakt van een keten. Dat

betekent dat corporaties een ‘tweede kans’ beleid moeten hebben en dat er

hostels zijn die ook voor moeilijke groepen huisvesting aanbieden.’

‘Ook in een stad als Utrecht, waar de keten bijna ideaal geregeld is,

blijft er toch een groep over die er onderuit valt. Het moet niet te makkelijk

worden, eerst moet je andere oplossingen in een normale woonomgeving geprobeerd

hebben. Dus niet: ‘zet maar neer voor iedereen die problemen geeft’. Verwijzen

naar een wooncontainer moet ook niet beloning op slecht gedrag worden. ‘

Maar is mensen wegstoppen in containers op afgelegen plekken niet

ook gewoon een vorm van stigmatisering?
‘Nee, de vrees voor

stigmatisering is er de oorzaak van dat het zo lang heeft geduurd voordat deze

projecten worden opgezet. Het voornaamste risico als deze groep zo zichtbaar

gehuisvest wordt, zijn negatieve reacties uit de omgeving.’

‘Jongeren gaan soms pesten en ruiten ingooien. In

Maastricht is dat gebeurd en daar is toen een hek geplaatst om de bewoners tegen

de buitenwereld te beschermen. Voor bewoners was dat geen reden om weg te

willen. Ze vinden nog altijd dat deze woonvorm leuker is dan de alternatieven

die er bestaan. In Kampen

, Maastricht en Denemarken willen mensen er blijven

wonen.’

Ziet u ook onderling meer sociale controle bij deze

projecten?
‘Onderling zijn er nauwelijks contacten. Men heeft ook

overlast van elkaar, maar het is leven en laten leven. Men tolereert veel van

elkaar, want men is bang om zijn plek weer te verliezen. We proberen aan te

tonen dat dit een permanente voorziening is, die nodig is om de woonladder

compleet te maken. We zouden willen dat het net zoals in Denemarken permanente

locaties worden.‘

Links: Stuurgroep Experimenten Volkshuisvesting, programma ‘Keer de

verloedering!’
, Skaeve Huse, Wooncontainers, Kampen en Inzet wooncontainers bij overlast

geëvalueerd

Lees ook: Gemeenten zoeken steeds vaker naar aparte

opvang voor probleemhuurders
, Zorg + Welzijn, 2 december

2003

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.