Uitkeringsgerechtigden oplossing voor personeelstekort?

Hoe pak je het personeelstekort in de sector zorg en welzijn actief aan? Zorgorganisatie Viattence is begonnen met het zelf opleiden van uitkeringsgerechtigden. Over een jaar hebben zij een diploma én een baan. De kandidaten zijn zorgvuldig geselecteerd, want je moet wel hart voor het vak hebben, aldus de betrokkenen. De start is succesvol. ‘Mensen zijn heel gemotiveerd en krijgen hierdoor zelfvertrouwen.’

Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Uitkeringsgerechtigden oplossing voor personeelstekort?
Foto: Viattence

Nederland telt volgens UWV zo’n 130.000 vacatures in de zorg. Het personeelstekort groeit gestaag en ook Viattence ziet de bui hangen. Deze organisatie op de Veluwe biedt lichte tot zware zorg aan ouderen, zowel thuis als in woonzorglocaties in Wezep, Heerde, Epe en Vaassen. ‘Het aantal vacatures valt bij ons nu nog mee, maar de arbeidsmarkt wordt steeds krapper en we vrezen dat er volgend jaar wel problemen ontstaan. Dat willen we voorkomen’, aldus Riëtte van Heeswijk, programmamanager HRM.

Maatschappelijke verantwoordelijkheid

Van Heeswijk: ‘We hebben over een jaar 25 goede mensen klaar staan. We doen dit als werkgever niet alleen voor onszelf, maar we vinden dat we ook een maatschappelijke verantwoordelijkheid hebben. We kwamen in gesprek met de gemeente Heerde die kaartenbakken vol heeft met mensen die heel moeilijk aan werk komen en soms wel tien jaar in de bijstand zitten. Zo ontstond het idee om met meerdere gemeenten de koppen bij elkaar te steken.’

Met behoud van uitkering

Het resultaat is een samenwerking tussen Viattence, de gemeenten Heerde, Epe en Apeldoorn, werkbedrijf Lucrato en de ROC’s Deltion en Landstede. Er zijn 25 opleidingsplekken voor mensen die hun uitkering mogen behouden tijdens een eenjarige opleiding tot Helpende Zorg en Welzijn niveau 2. De financiering wordt gedeeld tussen de gemeente, die bijdraagt via de uitkeringen, en Viattence die het schoolgeld en boekengeld betaalt.

Hart voor het vak

De selectie voor het project was streng. Qua leeftijd, ervaring en opleidingsniveau kan in principe iedereen instappen, maar motivatie is cruciaal. Van Heeswijk: ‘We willen wel kwaliteit leveren. Je kunt vaardigheden aanleren, maar mensen moeten hart hebben voor dit vak en voor de ouderen die zij verzorgen. Je moet iets voor de ander willen betekenen. Daarom was er een intensief voortraject. Je kijkt of mensen voldoende leerniveau hebben en of zij de zorg ook echt leuk vinden.’

Praktijkopleiding

Vanwege die strenge selectie zijn niet alle 25 plekken gevuld met uitkeringsgerechtigden. In februari zijn 13 uitkeringsgerechtigden begonnen met de praktijkopleiding. Zij variëren in leeftijd van negentien tot zestig jaar. Zij volgen een BOL-traject, Beroepsopleidende Leerweg. Het gaat om vier dagen per week, van maandag tot donderdag. De leerling loopt dagelijks vier uur stage op Viattence locaties en krijgt vier uur les. Drie docenten begeleiden de leerlingen tijdens de stage-uren op locatie en ook de groepslessen zijn bij Viattence.

Coachen op de werkvloer

‘Het mooie hiervan is dat je alles wat je leert meteen kunt toepassen en op elke leervraag snel een antwoord krijgt’, zegt praktijkopleider Maaike van het Ende. ‘Als je vragen hebt over een specifieke vorm van dementie, dan stel je die ’s middags in de klas. En als je je afvraagt waarom op een bepaalde manier wordt gewassen of aangekleed, dan kan de docent meteen meekijken en uitleggen.’ Als praktijkopleider coacht ze de professionals op de werkvloer. ‘Er lopen nu relatief veel leerlingen mee op de afdelingen, waardoor eigenlijk iedereen werkbegeleider is. We hebben onze medewerkers geïnformeerd met voorlichtingsbijeenkomsten en ik ben regelmatig op de afdeling om te coachen, dat helpt enorm. Ik ben makkelijk benaderbaar.’

Verkorte opleiding

De deelnemers hebben na één jaar een erkend diploma Helpende Zorg en Welzijn niveau 2 en een baan van minimaal 24 uur. Ze krijgen hun diploma op basis van schooltoetsen en de uitvoering van alle praktijkopdrachten gedurende het jaar. Van Heeswijk: ‘Normaal doet een leerling die op zijn zestiende hiermee begint twee jaar over dit diploma. Dit is een verkorte opleidingsroute, speciaal voor volwassenen, en daarom heel intensief. Je krijgt hetzelfde aanbod als tijdens de reguliere opleiding, maar het is op een andere manier vormgegeven, in een kleine groep met veel begeleiding.’

Maatje

Het bleek lastig om geschikte kandidaten te vinden voor alle 25 opleidingsplaatsen, daarom is het dertiental aangevuld met medewerkers van Viattence die nu niveau 1 hebben en de ambitie hebben om door te groeien naar niveau 2. Zij doen dit via een BBL-traject (Beroepsbegeleidende Leerweg), een combinatie van werken en leren. ‘Het voordeel hiervan is dat deze ervaren mensen in de leerlingengroep als maatje fungeren voor de nieuwkomers’, aldus Van Heeswijk, programmamanager HRM.

Taal soms een probleem

Bij de uitkeringsgerechtigden valt op dat het gros een migratieachtergrond heeft en dat sommigen moeite hebben met de Nederlandse taal. ‘Die afkomst heeft ook voordelen, want er zijn steeds meer ouderen van allerlei culturen en onze huidige medewerkers leren over cultuuraspecten van de nieuwkomers. Maar taal is wel soms een probleem. Omdat deze mensen een bijstandsuitkering ontvangen, kunnen we via de gemeente een beroep doen op hulpmiddelen. Zodra we merken dat er taalproblemen zijn, regelen we via Taalpunt bijvoorbeeld een taalmaatje. En als er in het gezin thuis kinderen zijn die moeite hebben met het feit dat moeder na tien jaar gaat werken, dan kunnen we preventief Jeugdzorg inschakelen voor begeleiding. We doen er alles aan met elkaar om te zorgen dat het slaagt. We willen het uitvalpercentage zo laag mogelijk houden.’

Zelfvertrouwen

Volgens praktijkopleider Maaike van het Ende is de start succesvol. ‘Mensen zijn heel gemotiveerd en leergierig. Ze stellen veel vragen. De wil om het diploma te halen en weer aan het werk te gaan is groot. Het gaat om mensen die lang geen kansen hebben gekregen en heel blij zijn met deze opleiding. We krijgen hiermee een groep hele goede mensen in het vak. Het heeft van tevoren veel werk, tijd en energie gekost, maar het is het waard. Ik denk dat er in Nederland veel uitkeringsgerechtigden rondlopen die dit graag willen doen.’ Van Heeswijk: ‘Wat voor mij het succes aangeeft, is wat ik hoor van deelnemers. Zij zeggen: “Ik doe er weer toe, ik ben weer belangrijk. Als ik laat ben krijg ik een appje: waar blijf je.” Het is zo goed voor je zelfvertrouwen en je zelfbeeld.’

Regionale samenwerking is de toekomst

Niet alleen op de Veluwe wordt met interesse gekeken naar de pool van uitkeringsgerechtigden om personeelstekorten op te lossen. Ook in Amsterdam bijvoorbeeld lopen allerlei projecten om mensen uit de bijstand te krijgen. De interesse voor dit soort projecten neemt landelijk toe, merkt Viattence. Van Heeswijk: ‘We worden benaderd door diverse andere organisaties. Zo’n regionale samenwerking is echt de toekomst. Vooral kleinschalige projecten hebben grote kans van slagen. We zagen veel leeuwen en beren op de weg, maar besloten het gewoon te doen. We gaan in juni evalueren met de stuurgroep waarin alle betrokkenen deelnemen en kijken of we dit concept kunnen verduurzamen. Daarvoor zijn verschillende mogelijkheden. We kunnen samen optrekken met andere zorgorganisaties in de omgeving. Qua instroom kun je denken aan een cyclisch systeem. Als er een leerling slaagt en aan het werk gaat, kan er weer een nieuwe beginnen. Zo blijven er intern-opgeleide medewerkers instromen.’

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.