Taboe op mantelzorg heerst ook in het sociaal domein

Waar landelijk gezien één op de zes werknemers mantelzorg is, zijn dat er binnen de sector zorg en welzijn één op de vier. Zij doen dus privé wat ze ook in hun werk doen: zorgdragen voor een ander. Liesbeth Hoogendijk: ‘Mensen die van zichzelf sterk de neiging hebben om te zorgen en de ander op eerste plek te zetten, zijn ook vaak de mensen die vergeten aan zichzelf te denken.’ Daarom is het van belang dat werkgevers in het sociaal domein een mantelzorgvriendelijke werkomgeving creëren.

Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Werkgevers moeten een mantelzorgvriendelijke werkomgeving creeren
Foto: Fotolia

In 2005 richtten Mezzo, de landelijke vereniging voor mantelzorgers, en HR-trainings en adviesbedrijf Qidos de stichting Werk&Mantelzorg op. Aanleiding was een vraag vanuit het ministerie van VWS: uit onderzoek kwam naar voren dat één op de zeven werkende Nederlanders mantelzorger is. Liesbeth Hoogendijk, directeur van Mezzo en voorzitter van de Stichting Werk&Mantelzorg: ‘Mezzo, Qidos en het ministerie vonden dat de bekendheid van dat gegeven meer aandacht verdient bij werkgevers en werknemers. Doel van de stichting is dus om meer bewustzijn te creëren voor de combinatie van werk en mantelzorg.’

Mantelzorgvriendelijke werkgevers

Dertien jaar na oprichting van de stichting, zijn er volgens Hoogendijk mooie resultaten behaald. ‘Er zijn bijvoorbeeld ruim driehonderd werkgevers die mantelzorgvriendelijk zijn. Mede dankzij onze bijdrage is inmiddels in bijna alle cao’s opgenomen dat er aandacht voor de combinatie van werk en mantelzorg moet zijn en hebben we een traject ontwikkeld waarbij we bedrijven helpen om mantelzorgvriendelijk personeelsbeleid te voeren.’

Niet voldoende

Maar is dat voldoende? Hoogendijk is stellig: ‘Nee. Alle bedrijven in Nederland moeten een mantelzorgvriendelijk beleid voeren. Maar we merken dat de combinatie van werk en mantelzorg een thema is dat tijd nodig heeft om goed te landen. Dit heeft er enerzijds mee te maken dat veel mantelzorgers zichzelf niet specifiek als mantelzorger herkennen. Aan de andere kant blijkt het voor veel mensen lastig om privé en werk te combineren.’

Cultuurverandering

Volgens Hoogendijk is de belangrijkste stap die werkgevers en werknemers moeten zetten om mantelzorg bespreekbaar te maken. ‘De meeste leidinggevenden weten heel goed om welke werknemers het gaat, maar ze denken dan “wie ben ik om die privékwestie aan te kaarten”. Voor werknemers geldt eigenlijk hetzelfde. Het gaat om een onderwerp wat hen privé aangaat, dat willen ze niet altijd als onderwerp op tafel leggen op hun werk.’ In het geval van werknemers speelt volgens Hoogendijk ook onzekerheid mee. Want als je zegt dat je het thuis wat zwaarder hebt, krijg je dan wel een vaste aanstelling? Of wordt je dan wel een mogelijkheid geboden om door te groeien? ‘Er zitten heel veel oordelen en vooroordelen onder dit thema. Toch blijkt uit onderzoek van de stichting dat als je het bespreekbaar maakt, dit al enorm kan helpen. Maar om dit te kunnen doen, is wel een forse cultuurverandering nodig.’

Verantwoordelijkheid

Om een werkomgeving te creëren die mantelzorgvriendelijk is, hebben werkgever, werknemer en gemeenten een gezamenlijke verantwoordelijk stelt Hoogendijk. ‘Je kunt die verantwoordelijkheid niet bij een ander op het bordje leggen.’ Er zijn vele manieren die werkgevers kunnen helpen om mantelzorgvriendelijk beleid te voeren. De stichting Werk&Mantelzorg biedt op vele manieren ondersteuning en dit doen zij geheel belangeloos. Maar er zijn ook andere manieren. Hoogendijk: ‘Iedere werkgever is gevestigd in een gemeente en in iedere gemeente is een Steunpunt Mantelzorg. Deze steunpunten zijn er niet alleen voor inwoners. Ook werkgevers kunnen daar bijvoorbeeld advies inwinnen. Er is veel meer mogelijk dan we nu denken en al die opties moeten op tafel komen.’ En dat is van belang, want niemand is erbij gebaat dat de druk bij mantelzorgers te hoog wordt. ‘ Een onderzoek van het SCP beschrijft dat mantelzorgers die minimaal vier uur per week voor iemand zorgen binnen twee jaar in een cyclus van frequenter verzuim terechtkomen. Daarnaast neemt de arbeidsproductiviteit van iemand die vol met zorgen zit af en lopen werkgevers het risico dat mantelzorgers minder willen gaan werken of stoppen met werken. En als het gaat om een belangrijke kracht voor je bedrijf, is dat heel jammer.’

Zorghart

Ook uit de laatste benchmark van de stichting komt duidelijk naar voren dat het aantal werknemers met mantelzorgtaken in de sector zorg en welzijn hoger is dan in andere sectoren. Niet zo gek, vindt Hoogendijk. ‘Mensen die een zorghart hebben en dus kiezen voor een baan in de zorg, komen ook vaker bewust of onbewust in de rol van mantelzorger terecht.’ Toch zijn ook nog lang niet alle werkgevers in deze sector mantelzorgvriendelijk. ‘In zorgorganisaties, waar we te maken hebben met een tekort aan personeel, is taboe op het onderwerp hetzelfde als in het bedrijfsleven.’ En daarbij zit ook het door Hoogendijk genoemde zorghart medewerkers in deze sector soms in de weg. ‘Mensen die van zichzelf sterk de neiging hebben om te zorgen voor een ander en die ander op de eerste plek te zetten, zijn ook vaak de mensen die vergeten aan zichzelf te denken. Net zoals zij loyaal zijn aan die mevrouw die in kamer 20 zit te wachten, zijn ze ook loyaal aan hun eigen moeder.’ Juist werkgevers in zorg en welzijn zijn er dus bij gebaat om aandacht te besteden aan de mantelzorgvriendelijkheid van hun organisatie. Meer weten? Kijk dan eens op de website van Werk&Mantelzorg.

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.