Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Reacties0

Met deze regeling zet je cliëntondersteuning lokaal op de kaart: ‘Dit gaat zich als een olievlek verspreiden’

Cliëntondersteuning helpt inwoners hun weg te vinden naar passende hulp, maar is vaak nog te onbekend. In de gemeente Brummen wordt in samenwerking met Movisie de zichtbaarheid van onafhankelijk cliëntondersteuners nadrukkelijk vergroot. Met succes: ‘Hoe eerder een inwoner ons vindt, hoe effectiever de cliëntondersteuning kan zijn.’
Sjaan Steinmetz van Movisie: 'Potentiële verwijzers kunnen een verschil maken door mensen op cliëntondersteuning te wijzen.’ Photo by Rémi Walle on Unsplash
Sjaan Steinmetz van Movisie: 'Potentiële verwijzers kunnen een verschil maken door mensen op cliëntondersteuning te wijzen.’ Photo by Rémi Walle on Unsplash

Onafhankelijke cliëntondersteuning is een waardevolle voorziening binnen het sociaal domein. Het helpt inwoners om hun weg te vinden naar passende zorg of ondersteuning. Maar uit onderzoek van het RIVM blijkt dat lang niet alle mogelijke verwijzers – denk aan huisartsen en andere hulpverleners, maar ook vrijwilligers van de voedselbank of een schuldhulpmaatje – bekend zijn met cliëntondersteuning. 

Dat gaat vlot veranderen als het aan Sjaan Steinmetz ligt. Zij is als projectleider werkzaam bij Movisie en doet onderzoek naar levenslange en levensbrede ondersteuning binnen het sociaal domein. Cliëntondersteuners vervullen daarbij een wezenlijke rol, vertelt Steinmetz. ‘Zij zijn de belangrijke schakel tussen de cliënt, de gemeente en zorgverlener. Die verbindende rol is cruciaal.’

Verbetering is mogelijk

Alleen is er wel verbetering mogelijk: lang niet iedereen weet cliëntondersteuning te vinden. Dat blijkt onder meer uit de “Monitor cliëntondersteuning 2020” van het RIVM. Uit de monitor kwam naar voren dat mensen met een ziekte of aandoening meer gebruik van cliëntondersteuning hadden willen maken. Maar de helft van deze potentiële cliënten weet niet van het bestaan van cliëntondersteuning. ‘Het komt nog steeds voor dat mensen om ondersteuning vanuit de Wmo vragen, bij de gemeente een aanvraag doen en vervolgens na afwijzing van die aanvraag op cliëntondersteuning worden gewezen. Het zou veel wenselijker zijn als iemand al daarvoor die steun krijgt’, zegt Steinmetz.

Rol cliëntondersteuner onbekend

De onbekendheid met cliëntondersteuning zit echter nog veel dieper, bleek uit de RIVM-monitor. Lang niet alle professionals die mensen op cliëntondersteuning kunnen wijzen, zoals huisartsen en wijkverpleegkundigen, zijn ermee bekend. Dat percentage ligt op 46 procent, wat in de ogen van Steinmetz ‘erg hoog’ is. Ook uit gesprekken met cliëntondersteuners, cliënten en gemeenten bleek dat een aantal zaken onduidelijk zijn. Zo is het niet altijd duidelijk wat de rol van de cliëntondersteuner precies inhoudt en hoe die zich verhoudt tot andere partijen in de zorg.

Cliëntondersteuners werken onafhankelijk

Cliëntondersteuners willen inwoners van begin tot eind met raad en daad bijstaan. Daarbij zijn zij onafhankelijk, ze komen dus volledig op voor de (belangen van de) cliënt. Ook zijn zij bereid om te helpen met praktische zaken, zoals het samen invullen van het formulier voor een Wmo-aanvraag.

SPUK-regeling

Om de bekendheid en vindbaarheid van cliëntondersteuners te vergroten, heeft het ministerie van VWS naar aanleiding van de RIVM-monitor een SPUK-regeling in het leven geroepen. SPUK staat voor “Specifieke Uitkering”. Gemeenten kunnen een subsidie van 50.000 euro aanvragen om de bekendheid van cliëntondersteuning te vergroten. Movisie speelt een actieve en ondersteunende rol bij de uitvoering van de regeling. Zo worden opgedane kennis en ervaringen geborgd en worden praktische hulpmiddelen ontwikkeld om lokaal de bekendheid van cliëntondersteuning te vergroten.

Stappenplan van Movisie

Zo is door Movisie onder meer een stappenplan ontwikkeld waarmee de bekendheid van cliëntondersteuning vergroot kan worden bij potentiële verwijzers. Dat arsenaal aan verwijzers is groot, van de praktijkondersteuner bij de huisarts (poh) tot de wijkagent en van een vrijwillig schuldhulpmaatje tot de casemanager dementie.

Mensen op cliëntondersteuning verwijzen

Juist potentiële verwijzers kunnen van grote waarde zijn in het bereik van burgers, stelt Steinmetz. ‘Wat echt opviel was dat de communicatie van gemeenten om cliëntondersteuning onder de aandacht te brengen zich vooral op de inwoners zelf richt, bijvoorbeeld met flyers of filmpjes op sociale media. Maar het is best begrijpelijk dat die boodschap op inwoners niet direct overkomt op het moment dat ze geen hulpvraag hebben. Dan denken ze: “Dat is niet bedoeld voor mij.” En aan de andere kant van het spectrum heb je mensen die wellicht in de stress zitten, maar toch niet ontvankelijk zijn voor die boodschap. Zij redeneren: “Hé, dat is misschien interessant, maar ik heb nu wat anders aan mijn hoofd.” In beide gevallen zouden potentiële verwijzers een verschil kunnen maken door mensen op cliëntondersteuning te wijzen.’

Dat blijkt ook uit de monitor van het RIVM: daaruit bleek dat mensen met een ziekte of aandoening meer gebruik van cliëntondersteuning hadden willen maken. De helft van deze potentiële cliënten weet echter niet van het bestaan van cliëntondersteuning. ‘Er valt dus nog een wereld te winnen’, aldus Steinmetz.

Cliëntondersteuning breder bekend gemaakt

Dat ervaren onafhankelijk cliëntondersteuners José Huisman en Gabi Breuker van Adviespunt Zorgbelang, dat in 21 gemeenten in de provincies Gelderland en Utrecht opereert, ook. In Brummen gingen de twee, in cocreatie met Movisie en de beleidsmedewerker van de gemeente, aan de slag met de SPUK-regeling om cliëntondersteuning bij mogelijke verwijzers onder de aandacht te brengen.

Hoe daar lokaal invulling aan gegeven wordt, is aan de gemeenten zelf. Dat maken zij duidelijk bij de aanvraag, weet Huisman. ‘Er zijn bijvoorbeeld gemeenten die hebben gezegd: wij willen graag vrijwilligers trainen als informele cliëntondersteuner, zodat bijvoorbeeld taalmaatjes, mantelzorgers of andere betrokken burgers de weg naar professionele cliëntondersteuning sneller weten te vinden. Weer een andere gemeente heeft de subsidie heel specifiek ingezet om cliëntondersteuning binnen de lokale kerken breder bekend te maken. Om die plannen uit te werken, staat Movisie gemeenten met raad en daad bij.’

Effectiever te werk gaan

Breuker legt uit dat in de gemeente Brummen het doel tweeledig was: de positie en bekendheid van cliëntondersteuning moet zowel in de professionele als de vrijwillige keten versterkt worden. ‘Die keuze is gemaakt om effectiever te werk te gaan. Grofweg kun je stellen dat wij als cliëntondersteuner pas in beeld komen op het moment dat een inwoner niet de ondersteuning heeft gekregen waarvan hij of zij vindt dat die nodig is. Dat betekent dat je vervolgens als professional veel tijd in herstelwerk en communicatie moet steken.’ Die tijd kan nuttiger besteed worden, leggen Huisman en Breuker uit. ‘Over het algemeen geldt: hoe eerder een inwoner ons vindt, hoe effectiever de cliëntondersteuning kan zijn.’

Startbijeenkomst georganiseerd

Daarom werd samen met Movisie onder meer een startbijeenkomst voor mogelijke verwijzers – denk aan het sociaal werk, medische hulpverleners en maatschappelijke organisaties –  op touw gezet waarin uiteengezet werd wat de toegevoegde waarde van cliëntondersteuning kan zijn. Daarnaast werd samen een bijeenkomst in de bibliotheek georganiseerd, waarin zoveel mogelijk vrijwilligers werden geïnformeerd. ‘En daar zijn tal van vrijwilligers op afgekomen, die zich op allerlei manieren inzetten voor de maatschappij’, aldus Breuker.

Verspreiden als een olievlek

‘Het leuke was dat die bijeenkomst heel veel verbindingen opleverde. Zo was er iemand die als maatje van een inwoner fungeerde, die zelf een lokale sociale kaart had ontwikkeld, met handige telefoonnummers en adressen. Die informatie werd dan uitgewisseld’, vervolgt Huisman, die vertelt dat de startbijeenkomst een schot in de roos was. Zo is er een groep vrijwilligers die de 80-plussers in de gemeente Brummen bezoekt. ‘Zij waren heel geïnteresseerd en vroegen zich echt af: hoe kan ik cliëntondersteuners inschakelen om de inwoner die ik bezoek, verder te ondersteunen? Zo hebben we afgesproken dat we in een volgende sessie met die specifieke groep nog dieper op onze rol en de toegevoegde waarde voor inwoners ingaan. Zo hopen we dat dit zich als een olievlek gaat verspreiden.’ 

Cliëntondersteuning is lagere drempel

En zo zijn er al meer verbindingen gelegd. ‘Het is nog te vroeg om hier een harde uitspraak over te doen, maar we merken nu al dat we makkelijker worden gevonden. Mensen bellen sneller of stellen via de e-mail een vraag. De drempel ligt lager’, aldus Huisman. De startbijeenkomst vond afgelopen voorjaar plaats en de resultaten worden de komende maanden. In de gemeente Brummen wordt getracht om via cliëntervaringsonderzoeken in kaart te brengen in hoeverre de bekendheid van de cliëntondersteuning is toegenomen. ‘Daarnaast gaan we zelf ook aantoonbaar maken hoeveel vrijwilligers wij hebben gesproken en hoeveel professionals wij hebben bereikt’, benadrukt Breuker namens Adviespunt Zorgbelang.

De huidige SPUK-regeling is van kracht tot en met de zomer van 2026. Maar daarna hopen Breuker en Huisman dat dit een vervolg krijgt. Zij maken de vergelijking met de groei van een boom. ‘Een boom moet je soms even flink water geven zodat die gaat groeien en daarna komt die elk jaar wel weer tot bloei, al moet je hem af en toe ook snoeien en bijwerken.’ Zo is het ook met het lokaal op de kaart zetten van cliëntondersteuning. ‘Want er komen elk jaar nieuwe regels en nieuwe hulpvragen op professionals en vrijwilligers af, waar cliëntondersteuning van toegevoegde waarde is. Daarom moet dit geen eenmalige actie zijn, maar moet het thema blijvend aandacht krijgen.’

Kijk voor meer informatie naar de Movisie-publicatie ‘Verwijzers betrekken bij cliëntondersteuning’ met een stappenplan en presentatie.

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.