Leger des Heils ontwaart nieuw soort daklozen: ‘Normale’ gezinnen in de maatschappelijke opvang

Bovenmatige consumptiedrang en overbesteding zijn er de oorzaak van dat steeds meer 'normale' gezinnen met kinderen in de maatschappelijke opvang belanden. Dat signaleert althans het Leger des Heils Gezondheidszorg, bij monde van adjunct-directeur Harm van Teijlingen. De mogelijkheden om geld te lenen of op krediet te kopen zijn volgens hem te groot. 'Er moet wat gebeuren, want deze mensen horen niet in daklozeninstellingen thuis.'

Het Leger des Heils kaart de problematiek van dakloze

gezinnen volgende maand in haar jaarverslag aan. Gezinnen worden niet als

zodanig geregistreerd, maar de cijfers van 1999 laten wel een forse toename zien

van het aantal vrouwen en het aantal jongeren. Dertienhonderd jongeren, waarvan

meer dan de helft jonger dan 11 jaar, verbleven in 1999 in een

daklozenvoorziening. In 1995 was dit nog maar 381. Het percentage dakloze

vrouwen steeg sindsdien van 18 naar 25 procent. Volgens het Leger wijst dit op

een toename van het aantal gezinnen.

Geld uitgeven

Volgens het Leger zijn deze nieuwe daklozen afkomstig uit de steeds

omvangrijkere groep huishoudens met schulden. Het ziet een parallel tussen

gegevens van het Ministerie van Sociale Zaken over gezinnen die met schulden

kampen en het profiel van de huidige daklozenpopulatie die het in zijn eigen

instellingen aantreft. Sociale Zaken gaat uit van 233 duizend huishoudens met

ernstige schulden, waarvan de helft in de problemen zijn gekomen door een gebrek

aan zelfredzaamheid (gat in de hand, onvermogen, psychische problemen). Het

Leger ziet dezelfde eigenschappen terug bij de hedendaagse daklozen: daar zitten

steeds meer ‘normale’ gezinnen tussen. De overeenkomst is volgens het Leger

‘zorgwekkend groot’, zo schrijft ze in een intern stuk, waarop ook het

jaarverslag is gebaseerd.

Harm van Teijlingen, adjunct-directeur van de sectie Gezondheidszorg,

licht de problematiek alvast toe. ‘We hebben in 1999 veertienduizend mensen

opgevangen. Voor de helft van hen hebben we een eigen bankrekening moeten

beheren. Dat zijn dus mensen met een schuldenproblematiek. Verwonderlijk is dat

natuurlijk niet. Er zijn zoveel huishoudens met een risicovolle schuld. Een deel

van hen redt het niet en belandt in een opvanginstelling.’ Van Teijlingen wijst

er uitdrukkelijk op dat het hier volgens hem geen armoedeprobleem betreft.

‘Naast drugs en alcohol is een nieuw soort verslaving ontstaan: geld uitgeven.

Mensen lijden soms aan een bovenmatige consumptiedwang en geven chronisch teveel

geld uit. Het beeld van de nieuwe dakloze komt eerder in de buurt van een jonge

knaap met mobieltje, fila-truitje en nike-schoentjes, dan van een uit de

vuilnisbak etende junk.’

Volgens Van Teijlingen wordt het mensen tegenwoordig veel te

gemakkelijk gemaakt om aan geld te komen. ‘Onze indruk is dat het niet moeilijk

is om een krediet te krijgen. Daarnaast is het aantal mogelijkheden om op

krediet te kopen ook drastisch toegenomen, denk bijvoorbeeld ook aan e-commerce.

Het gevolg is dat ook mensen met een uitkering de verleiding niet kunnen

weerstaan en even lekker gaan shoppen, terwijl ze geen cent hebben. De drempels

om geld uit te geven zijn heel erg laag geworden’. Kinderen worden daar de dupe

van, aldus Van Teijlingen. ‘Die zie je vaak met of zonder hun ouders in een

instelling terechtkomen. Ik heb de helft van mijn opvang vol zitten met

kinderen, heb ik een collega al horen zeggen. Dat kan toch niet langer zo? Er

moet wat aan gedaan worden, want deze mensen horen niet in daklozeninstellingen

thuis.’

Niet verwondelijk

Hylke van Zwol, lid van de Raad van Bestuur van het Amsterdamse

opvangcentrum HVO/Querido kan de door Van Teijlingen ontwaarde trend bevestigen

noch ontkennen. ‘Ik kan niet zeggen of we meer of minder gezinnen opvangen dan

voorheen. Eigenlijk zouden we dat als zodanig moeten bijhouden. Wel signaleren

ook wij dat de bestedingsproblematiek steeds groter wordt. We hebben een aparte

stichting die zich met schuldenproblematiek bezighoudt. Daar zien we

bijvoorbeeld dat het aantal mensen dat een beroep doet op het vrijwillige

inkomensbeheer aan het toenemen is. Ik vrees dat onvoldoende discipline bij het

omgaan met geld soms de oorzaak is.’

Johan Gortworst van de Federatie Opvang heeft evenmin harde gegevens, maar

ook hem komt het door het Leger geschetste beeld van de nieuwe daklozen niet

vreemd voor. ‘We treffen in instellingen jongeren aan met torenhoge schulden. Ik

vind dat niet verwonderlijk. Laatst hoorde ik het verhaal van een vader met een

zoon van achttien die net zijn rijbewijs had gehaald. Die kwam thuis en had

gelijk maar een auto besteld. Die kon hij op krediet krijgen. Het wordt je wel

erg gemakkelijk gemaakt om je in de schulden te steken.’

De opvanginstellingen zoeken de oplossing in preventieve programma’s.

Zo heeft HVO/De Veste samen met het Leger des Heils het project De Vliegende

Hollander opgezet. Van Zwol: ‘Door een gezin tijdig onder inkomensbeheer te

stellen, kan voorkomen worden dat huisuitzetting volgt, en mensen in de

maatschappelijke opvang belanden. Uiteraard moet er dan ook grondige

schuldsanering plaatsvinden.’ Gortworst van de Federatie Opvang zou er graag nog

eerder bij zijn. ‘Woningcorporaties zijn de eersten die wanbetaling signaleren.

Eigenlijk zouden zij degenen moeten zij die andere instanties waarschuwen. Dan

kan er daarna netwerkvorming rondom een gezin plaatsvinden. Meerdere instanties

moeten een gezin in de gaten houden, zodat het niet op straat

terechtkomt.’/Floris van Balen

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.