Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Reacties0

‘Laat een oordeel achterwege in gesprek met eenzame jongere’

Meike Bergwerff
Redacteur Zorg+Welzijn
Eenzaamheid bij jongeren heeft een scala aan gevolgen. Julian van de Moosdijk geeft als kwaliteitscoach bij Stichting Join Us trainingen aan professionals over hoe om te gaan met dit probleem. ‘Zorg voor een veilige en positieve sfeer, maar bied ook voldoende uitdaging.'

De cijfers over eenzaamheid onder jongeren zijn de laatste anderhalf jaar volop aan bod gekomen in het nieuws. In april 2020 voelde 46 procent van de jongeren tussen 18 en 24 jaar zich wel eens eenzaam, tijdens de tweede lockdown liep dit op tot 80 procent. 8 procent noemt zichzelf chronisch eenzaam, aldus onderzoek van het RIVM.

Stichting Join Us zet zich in voor jongeren die eenzaam zijn, zo zijn er in het hele land groepen waar leeftijdsgenoten elkaar treffen. Er zijn 78 groepen in diverse gemeenten in het hele land, met maximaal vijftien deelnemers. Tijdens de lockdowns werden er online groepen georganiseerd. Ook worden er trainingen gegeven aan professionals. Julian van Moosdijk werkte 21 jaar als gezinsvoogd en is sinds april kwaliteitscoach bij Join Us.

Wat is volgens jou het grootste probleem van eenzaamheid bij jongeren?
‘Het heeft een scala aan gevolgen, voor jongeren zelf en voor de samenleving. De effecten van eenzaamheid kunnen leiden tot depressie, tot gedachten over er niet meer willen zijn. Dit brengt ook maatschappelijke kosten met zich mee, bijvoorbeeld door medische gevolgen. Er is eens berekend dat eenzaamheid schadelijker is dan het roken van 15 sigaretten per dag of morbide obesitas. De gevolgen zijn divers. Van isolement en schooluitval, tot verslaving en depressie. Eenzaamheid kan zelfs tot gevolg hebben dat iemand suïcide pleegt.’

Wat maakt eenzaamheid ingewikkeld voor de naasten van een jongere?
‘Het onderwerp is een beetje taboe, en jongeren praten er niet graag over. Je bent een loser als je eenzaam bent, denken jongeren. Er is veel druk van de sociale media om een leuk leven te hebben. Het is niet stoer om eenzaam te zijn, zoiets maak je niet bespreekbaar. Het is daardoor moeilijk om er iets mee te doen. Er zijn vaak onderliggende oorzaken, iemand is bijvoorbeeld mantelzorger, heeft zelf een ziekte of minder toegang tot sociale contacten. Soms heeft iemand een niet veel sociale vaardigheden, of negatieve gedachten. Jongere kinderen zien weinig vrienden hebben niet meteen als een probleem, maar hun ouders wel. Zij zien dat hun zoon of dochter veel op hun kamer zit, weinig vrienden heeft. Ze maken zich zorgen. Het lastige is ook dat jongeren alsnog vrienden kunnen hebben, mee kunnen doen met leeftijdsgenoten, maar zich alsnog eenzaam kunnen voelen. Al zie je dat niet. Dat maakt het nog ingewikkelder.’

Wat voor gevolgen zien jullie nu het aantal eenzame jongeren in het afgelopen jaar zo toenam door de coronacrisis?
‘Bij de bijeenkomsten die wij organiseren draai het om in contact komen met leeftijdsgenoten, samen plezier maken en leren van elkaar. Toen de bijeenkomsten niet meer konden plaatsvinden, en de scholen dicht gingen, hadden ze veel minder sociale contacten. Dan leren ze ook niet hoe ze met elkaar om moeten gaan, ze krijgen geen feedback op gedrag en kunnen niet zien hoe andere leeftijdsgenoten met situaties omgaan. We hebben de groepen wel digitaal doorgezet, maar dat is toch anders. Zit je bij elkaar, dan kan je elkaar beter zien, en aanvoelen of het klikt met mensen. Dat is lastiger achter een scherm in je eigen kamer.’

Op de site staat dat jullie ‘zonder oordeel waarnemen en met motiverende gespreksvoering jongeren helpen om te leren wat nodig is om zelf iets aan hun eenzaamheid te doen’. Waarom is dat ‘zonder oordeel’ zo belangrijk?
‘Dat is belangrijk omdat je als jongere met belemmerende overtuigingen gevoelig bent voor wat ander vindt. Wat we in trainingen zien is dat professionals een oordeel hebben dat ze laten zien in gesprek met een jongere. Een voorbeeld: een jongere komt naar een groepsbijeenkomst, maar zit de hele avond op de bank achter zijn telefoon. Na afloop zegt de professional tegen de jongere: ‘als je dat zo doet, dan maak je nooit vrienden’. Je kunt je wel voorstellen wat dit voor de jongere betekent. Het is dus belangrijk dat de professional zich dat realiseert. Als jij een oordeel hebt, zal een jongeren zich minder openstellen. Het vraagt veel moed om de eerste stappen te zetten naar jezelf leren kennen en iets te doen aan eenzaamheid. Dat vergt veel. Een oordeel heeft een remmende werking op die moed.’

Wat houdt de motiverende gespreksvoering in?
‘Het is bij motiverende gespreksvoering vooral belangrijk dat je een jongeren uitnodigt om te kijken naar de effecten van hun gedrag. Als de jongere iets doet en dat heeft een negatief of belemmerend effect, dan moet je dat in positieve sfeer bespreken. Je moet ze een spiegel voorhouden, en bijvoorbeeld vragen: wat denk jij wat er hier gebeurt? Die methodiek is gebaseerd op cognitieve gedragstherapie. Dat gaat uit van een neutrale houding, alsof je door een camera waarneemt en het gedrag bekijkt. Zo kun je positieve en negatieve effecten observeren, deze benoemen en vervolgens in gesprek gaan.’

Hoe pak je zo’n gesprek dan aan?
‘Het draait om daring en caring, je zorgt voor een veilige en positieve sfeer, maar biedt ook voldoende uitdaging. Als een jongere heel veilig gedrag vertoont, dan is de noodzaak om ander gedrag aan te leren ook niet groot. In zo’n geval moet je in staat zijn om gedrag een beetje uit te dagen. Aan de andere kant geldt ook: als een professional in verhouding heel veel veiligheid biedt en weinig uitdaging, dan zal een jongere ook weinig urgentie voelen om in beweging te komen en nieuw gedrag uit te proberen. Is er een veilige sfeer? Dan durft de jongere naar zichzelf te kijken, zonder dat er wordt geoordeeld. Dan kan je wel wat uitdagen. Bijvoorbeeld door vragen te stellen: hoe eng vind je het om een eerste stap te zetten? Maak die stap zo klein mogelijk, dan is de kans op succes groter. Jongeren leren veel van succeservaringen, dus die stimuleren we.’

Wat is jouw ultieme tip voor hulpverleners die mogelijk met eenzaamheid te maken krijgen?
‘In de hulpverlening werken mensen die dingen willen fixen. Ze willen graag andere helpen, maar een valkuil is daarbij dat ze zaken willen oplossen voor de jongere. Je kan niet altijd iets fixen, maar wel helpen. Bijvoorbeeld door te verduren en te vertragen zodat de jongere zelf kan onderzoeken waarom ze iets doen. Dat moeten ze zelf ontdekken. Jij hoeft ze niet te overtuigen waar jij als professional denkt dat het probleem ligt. Daarom is op je handen blijven zitten soms belangrijk. Niet te veel in actie willen komen.’

‘En aan de andere kant is te afwachtend zijn ook niet goed. Het draait om een balans tussen genoeg tijd hebben en prikkelen. Een jongere uitdagen mag altijd, maar het is de toon die de muziek zet. Daarom is het achterwege laten van een oordeel belangrijk. Het is dus goed dat professionals ook reflecteren op hun eigen gedrag.’

Julian van de Moosdijk is, naast onder meer Hoogleraar Humanisme en Sociale Weerbaarheid Anja Machielse en hoogleraar Manu Keirse, één van de sprekers op het Zorg+Welzijn Jaarcongres Eenzaamheid op 21 september. Meer info of aanmelden >>

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.