Mijn ernstig invalide moeder is mishandeld door een groepsgenote. In haar verpleeghuis. Deze vrouw is voor mij geen pleger. In mijn optiek zijn beide vrouwen verwaarloosd: het ontbrak op hun leefgroep te vaak aan dagbesteding, toezicht en goede verzorging. De verslaglegging verwoordt het anders: de pleger heeft ‘gedragsproblemen’ en ‘de samenstelling van de groep is niet passend bij de problematiek van mijn moeder’.
Vertrouwde taal en redeneringen
Helaas heb ik als professional al vaker met ‘dit bijltje’ gehakt in de jeugdzorg: als kindertherapeut in de ggz, als beleidsmedewerker in de jeugdzorg, als GGD-manager in schoolsituaties met sociale onveiligheid en als lobbyist voor onze kinderrechtenorganisatie. Maar nu dus privé. Hoogbejaarden in een verpleeghuis zijn me professioneel gezien onbekend. De emoties en machteloosheid zijn nu intenser. Verder zie ik vooral heel veel overeenkomsten.
Wat me bijvoorbeeld opvalt, is hoe vertrouwd de taal en redeneringen zijn, met woorden als ‘gedragsproblemen’, ‘complexe groepssamenstelling’ en ‘structurele onderbezetting’. Maar geweld in leefgroepen ontstaat niet omdat één bewoner een probleem heeft of één team niet goed functioneert. Het ontstaat in systemen waarin veiligheid geen vanzelfsprekendheid is, maar te veel een bijproduct is van het primaire proces, van toeval, personeelsbezetting, oplettende mantelzorgers of geluk.
Samenhangend pakket
De rapporten van de commissies Samson, Rouvoet, De Winter en Hamer (alle vier gerenommeerde onderzoekers op het gebied van mishandeling en misbruik in de jeugdzorg en de samenleving) zijn opvallend eensluidend. Veiligheid in leefgroepen vraagt volgens hen om een samenhangend pakket dat ik als volgt samenvat:
- Fysieke veiligheid: een veilige inrichting, voldoende toezicht;
- Relationele veiligheid: vakbekwame professionals die een vertrouwensband opbouwen;
- Professionalisering: structurele scholing en methodiekontwikkeling;
- Systemische verantwoordelijkheid: duidelijke regie, normering en eindverantwoordelijkheid op organisatieniveau;
- Cliëntperspectief: structurele aandacht voor hoe veiligheid wordt ervaren door degenen om wie het gaat;
- Monitoring: registreren wat er gebeurt, maar ook registeren of het werkt – o.a. vanuit het perspectief van bewoners;
- Governance: landelijke normstelling en centrale regie, zodat veiligheid niet afhankelijk is van lokale willekeur of beleidsmode.
Zonder deze bouwstenen blijft veiligheid een papieren belofte. We kunnen blijven spreken over incidenten, gedragsproblemen, uitzonderlijke situaties. Of we kunnen erkennen dat onveiligheid in leefgroepen een altijd sluimerend systeemprobleem is. En dat het dus een systeemverantwoordelijkheid is die continue (veel!) aandacht behoeft. Want veiligheid in een leefgroep is geen gunst of toeval. Het is een recht dat goed te verwezenlijken is.
Mariëlle Dekkeris directeur van Augeo Foundation (augeo.nl), een stichting die zich inzet voor veilig en veerkrachtig opgroeien, met name gericht op kinderen die ingrijpende ervaringen meemaken.


Onder verwijzing naar de veiligheid in de jeugdzorg merk ik op dat het juist de ketenpartners en zelfs de Raad voor de Kinderbescherming zelf zijn die jeugdigen opzettelijk en moedwillig de dood injagen. Domme protocollen en nog dommere gedragsregels en wetten beschadigen jeugdigen en ouders/verzorgers! Het Haringvlietmeisje is vermoord door valse zorgmeldingen die op haar en ons gezin in 2009 vanuit de Verwijsindex Risicojongeren werden losgelaten, Zij kon de opgelopen trauma’s werd op 4 maart 2025 niet langer verdragen en werd hangend in huis aangetroffen door haar 8 jarige dochtertje dat tussen de middag van school thuis kwam om te eten! Als je als GGD-schoolarts in de verslaglegging durft op tekenen dat het Haringvlietmeisje haar ziekte simuleert en de schooldirectrice van de Reconschool in casu een school voor zieke kinderen in Rotterdam durft schrijven dat het Haringvlietmeisje een manipulatief simulante zou die haar insulten zelfs oefent om maar niet school te hoeven gaan moet je afvragen of dit soort domme figuren wel over normale verstandelijke vermogens beschikt. Het allerergste is nog wel dat de gevolgen van valse zorgmeldingen nergens worden beschreven en ook nooit zijn onderzocht want wij maken geen fouten! Schadevergoeding, excuses?? vergeet het maar!! Voor goede orde merk ik op dat de 1elijns zorgverlener de neuroloog van het Haringvlietmeisje nadat hij terug was van een congres en een vakantie de pin op de neus zette bij de 2e lijns en 3e lijns zorg en verklaarde dat het Haringvlietmeisje nooit ongeoorloofd van school verzuimd had en ook haar epileptische insulten niet overdreven had voorgsteld. Het wordt dan ook de hoogste tijd dat er streng strafrecht wordt ingevoerd voor al die domme figuren die kind beschermende maatregelen misbruiken! En niet onbelangrijk het doen van zorgmeldingen door 2e en 3elijns zorgverleners zou terstond verboden moeten worden als er een 1e lijns zorgverlener bekend is bij 2e en 3e lijns zorg. CJG-GGD artsten zijn overbodige gevaarlijke medicasters. Kijk op Haringvlietmeisje,nl en zie zelf hoe zij doodgemarteld is!!