Bewoners zijn moeilijk te betrekken bij Buurt Sport Spelen: Het belang van sport en spel in de wijk

In 1998 werden in Beverwijk de eerste Buurt Sport Spelen georganiseerd met als doel sociale cohesie en tolerantie in verschillende wijken te vergroten. De spelen werden goed ontvangen. Daarom zijn inmiddels ook in Utrecht, Heusden en Venlo pilotprojecten begonnen. Ondanks het geloof in de formule, verloopt de organisatie nog niet overal even soepel. Zo blijkt het geen eenvoudige klus de bevolking te mobiliseren. 'Het idee achter de spelen is goed, maar de vorm kan beter.'

Ze schamen zich er eigenlijk een beetje voor dat de

organisatie van de Buurt Sport Spelen in het Brabantse Oudheusden tijdelijk op

een laag pitje staat. De projectleider vond onlangs een nieuwe baan, ‘net nu het

zo lekker begon te lopen’. Maar betrokken coördinator van de welzijnsstichting

Kwadrant Wilma Gevers en opbouwwerker Marjo Bruijnzeel laten zich door zijn

vertrek niet ontmoedigen. Integendeel. Gevers: ‘We hebben tot nu toe

verschillende spelen georganiseerd. We hebben met eigen ogen gezien dat de

formule aanslaat. Het zou wel heel jammer zijn dat we moeten opgeven wat we tot

nu toe hebben bereikt. Dat gaat als het aan ons ligt ook niet gebeuren. We

hebben wat activiteiten uitgesteld, maar een nieuwe projectleider hebben we vast

zo weer gevonden.’ Opbouwwerker Marjo Bruijnzeel zegt desnoods tijdelijk extra

taken op zich te willen nemen om de bevolking van de wijk Oudheusden aan de

Buurt Sport Spelen te houden. ‘We zouden wel gek zijn als we de contacten die we

inmiddels hebben opgebouwd weer laten schieten’, zegt ze.

Afgelopen mei vond in Oudheusden de eerste kennismakingsmanifestatie

plaats. Er waren verschillende activiteiten georganiseerd zoals

pleintjesbasketbal, wandklimmen en straatvoetbal. Een kar met een dweilorkest

trok de straten door om de bewoners uit hun huizen te krijgen. ‘De mensen wisten

niet wat ze overkwam, ze waren helemaal niet gewend dat er iets voor hun werd

georganiseerd’, zegt Gevers. ‘Oudheusden is wat je noemt een sociaal zwakke

wijk. Er wonen veel mensen met lage inkomens en mensen van verschillende

nationaliteiten die veelal geen contact met elkaar hebben. Er zijn weinig

voorzieningen en de ontevredenheid is groot. Daarom hebben we samen met de

gemeente juist deze wijk voor de Buurt Sport Spelen uitgekozen.’Marjo

Bruijnzeel: ‘De ontevredenheid heeft ook te maken met het feit dat de gemeente

de laatste jaren veel geld heeft gepompt in het opknappen van het centrum van

historisch Heusden. Dat moet toeristen naar het stadje trekken. “Daar hebben ze

wel geld voor over, maar voor onze wijk niet”, hoor je bewoners vaak zeggen.

Toen we vertelden dat we Buurt Sport Spelen in hun wijk wilden organiseren,

geloofden ze dat eerst niet. Wedden dat dat toch niet lukt’, zeiden

velen.’Wedden van wel’, antwoordde ik dan.’

Kommer en kwel

Het is nadrukkelijk de bedoeling van de spelen dat de bewoners meedoen aan

de organisatie. Om vrijwilligers te vinden maakte Bruijnzeel gebruik van de

contacten die ze sinds januari als opbouwwerker had opgedaan. Ook de

plaatselijke jongerenwerker werd ingeschakeld om de spelen onder de aandacht te

brengen van de jeugd. Uiteindelijk lukte het Bruijnzeel twaalf vrijwilligers

enthousiast te krijgen om te helpen bij het opzetten van de spelen. ‘Al moest de

energie daarvoor soms uit mijn tenen komen’, zegt ze.

Inmiddels is er naast de openingsdag al een jeu de boules-toernooi

gehouden, mede georganiseerd door bewoners uit een verzorgingshuis. En een

straathockey-wedstrijd, die vooral aansloeg bij jongeren. Verder staan

boogschieten en beachvolleyball op de agenda. Gevers en Bruijnzeel willen ook in

de winteractiviteiten blijven organiseren en hopen dat ze de spelen naar verloop

van tijd ook in andere Heusdense wijken kunnen presenteren.‘

De gemeente is bezig met het oprichten van een sportraad. Dat toont aan dat

ze het belang inziet van sport’, zegt Gevers. Met het organiseren van dergelijke

sportevenementen, probeer je er op een positieve manier voor te zorgen dat er

meer samenhang komt in de wijk. Dat mensen elkaar leren kennen en beter met

elkaar omgaan. Een toename van de sociale cohesie is natuurlijk moeilijk

meetbaar. Maar sport heeft alles met normen en waarden te maken. Er was

bijvoorbeeld een jongen, die bekendstaat als de schrik van de buurt, die op de

openingsdag jongere kinderen heeft geholpen bij allerlei spelen. Buurtgenoten

maakten hem eens mee van een andere kant. Het gaat erom dat de spelen laten zien

dat het niet allemaal kommer en kwel is.’ Bruijnzeel: ‘En het idee dat er in die

wijk nooit meer iets kan, is weg.’

Draagvlak

De allereerste Buurt Sport Spelen werden vorig zomer uitgeprobeerd in

Beverwijk. De bedenkers van het project waren de Stichting Sport, Tolerantie en

Fair Play Nederland en het Landelijk Centrum Opbouwwerk. Ze hadden hun keus

laten vallen op deze gemeente omdat Beverwijk na rellen met ‘voetbalsupporters’

van Ajax en Feijenoord, waarbij iemand om het leven kwam, wel wat positieve

aandacht kon gebruiken. De spelen sloegen daar goed aan. De organisatoren wilden

vervolgens meerdere gemeenten testen op de formule. Het is de bedoeling om het

project daarna aan te bieden aan alle gemeenten van Nederland. Kees Stuurop,

voorzitter van de Landelijke Centrum Opbouwwerk: ‘Gemeenten krijgen van de

overheid geld voor de stimulering van sport, de zogenoemde breedtesportgelden.

In veel plaatsen zijn ze er nog niet over uit hoe ze dat geld het beste kunnen

besteden. Met ons project kunnen ze die middelen goed terecht te laten

komen.’

Na Beverwijk schreven de initiatiefnemers verschillende andere gemeenten

aan of zij geïnteresseerd waren in het organiseren van deze spelen. Uiteindelijk

rolden Heusden, Venlo en Utrecht uit de bus voor de tweede pilot. Marco van der

Laan, landelijk projectcoördinator van de Buurt Sport Spelen: ‘We wilden het

project in verschillende soorten gemeenten met verschillende soorten structuren

uitproberen. Naast wat kleinere plaatsen, wilden we met Utrecht bekijken hoe de

spelen in een grotere stad uitwerken.’

De organisatoren hadden op basis van de ervaringen in Beverwijk inmiddels

een werkboek gemaakt waarmee de drie gemeenten handvatten kregen aangereikt voor

een goede organisatie van de spelen. Hoofdpunten uit het werkboek: Gemeente en

welzijnsinstelling moeten samenwerken en het bedrijfsleven en sportverenigingen

moeten betrokken worden. Het is nadrukkelijk de bedoeling dat de spelen door de

buurtbewoners zelf worden georganiseerd en binnen de activiteiten moet het

accent komen te liggen op fair play, waarmee de organisatoren tolerant gedrag

willen stimuleren. Deelnemers aan de spelen kunnen punten verliezen als ze hun

teamgenoten of tegenstanders agressief of niet sportief bejegenen.

De spelen vallen of staan echter met een sterk lokaal draagvlak. Dat blijkt

tevens de lastigste opgave, zo leren met name de ervaringen uit Utrecht. In

Oudheusden lukte het na enige moeite vrijwilligers aan te trekken en in Venlo

ging dat zelfs redelijk makkelijk. Maar in Utrecht verloopt dat proces moeizaam.

De spelen zijn daar uitgesteld tot 8 oktober. De eerste projectleider vertrok

omdat ze het niet meer zag zitten op kort termijn vrijwilligers te regelen.

Wijkaccountmanager bij de Dienst Maatschappelijke Opvang en coördinator van het

project in Utrecht Kees van Engelenhoven: ‘Onze keuze voor de wijken in

Zuid-Oost hebben het proces niet vergemakkelijkt. Veel buurten hier kampen met

een hoge werkloosheid, verloedering en onveiligheid. Toen de eerste

projectleider ging praten met buurtcomités en –verenigingen, bleek dat veel

bewoners niet direct enthousiast worden bij de gedachte aan Buurt Sport Spelen.

“Wat hebben wij aan zulke spelen, kijk naar onze wijk, wij hebben belangrijker

dingen nodig’, zeiden sommige bewoners. De comités en verenigingen hangen zelf

vaak ook als los zand aan elkaar.’

Het was even spannend of Van Engelenhoven wel iemand zou vinden die de taak

van projectleider zou willen overnemen. Een paar weken geleden vond hij Maureen

Alvarez bereid. Alvarez runt een projecten- en organisatiebureau en heeft

menigmaal voor de gemeente evenementen georganiseerd, ook in de wijken waar de

Buurt Sport Spelen zullen plaatsvinden. ‘Ik heb zeven weken om de spelen te

organiseren. Het wordt dus een bliksemactie’, zegt ze. ‘Het verschil met andere

evenementen is dat ik nu de bevolking moet betrekken in de organisatie, maar ik

denk ze te kunnen overhalen. Vooral door te benadrukken dat ze kunnen helpen de

buurten ook eens in een positief daglicht te stellen. Want er zijn al zoveel

problemen geweest met de jeugd. Deelnemers moeten vooral zelf kiezen welke

activiteiten er worden georganiseerd. Sommige moslimvrouwen hebben bijvoorbeeld

al aangegeven dat ze graag een vrouwentent willen in de buurt van de

activiteiten voor de jonge kinderen. Het is belangrijk om voor verschillende

bewoners de drempel te verlagen. Ik wil niet teveel van ze verwachten. Het is

vooral belangrijk dat bewoners komen genieten. Voor een pilotproject moet je

soms een formule aanpassen, helemaal als het om een wijk gaat in een grote

stad.’

Van Engelenhoven is blij dat de spelen kunnen worden doorgezet. ‘Ik geloof

zeker dat Buurt Sport Spelen kunnen bijdragen aan het verbeteren van de sfeer in

een wijk’, zegt hij. ‘En nieuwe initiatieven zijn nodig, omdat in Zuid-Oost niet

heel veel bijzonders gebeurt op sociaal-cultureel gebied. Maar ik vind dat we

moeten nadenken over een betere vorm. Het moet voor de bewoners duidelijker

worden wat ze aan die spelen hebben. Wellicht helpt het als er een beloning aan

vast zit. Ik denk dan bijvoorbeeld aan een geldprijs die de buurt in de wacht

kan slepen voor het opknappen van een plantsoen.’

Leefbaar

In tegenstelling tot Utrecht en Heusden was het in Venlo makkelijker

vrijwilligers bereid te vinden mee te helpen. ‘Wij hebben bewust gekozen voor

haalbaarheid door te kiezen voor drie wijken waar al een goed netwerk bestond

tussen gemeente, welzijnswerk en buurtbewoners. Daar zaten ook twee

achterstandswijken bij’, zegt Ed Claassen, medewerker sportstimulering bij de

gemeente Venlo. ‘Ook vrijwilligers van sportverenigingen hielpen tijdens de

spelen. Wij willen wijken met minder goede netwerken in de toekomst zeker niet

ontwijken. Je kunt een buurt met minder goede contacten koppelen aan een buurt

met een goed netwerk.’Marco van der Laan: ‘De bedoelingen van de pilots is

dat we leren uit de praktijk. Dat hebben we met de projecten zeker gedaan. Maar

naast de enkele obstakels, hoor je steeds weer dat betrokkenen de spelen de

moeite waard vinden. Sport kan bijdragen aan een grotere leefbaarheid in de

wijk.’/Jeannine Westenberg

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.