Veelzijdige generalist heeft expertrol

Sociaal Werker van het jaar 2018, Sjef van der Klein, is warm pleitbezorger van generalistisch sociaal werk(ers). 'Maar generalisme in sociaal werk is nog te veel een containerbegrip. Het is aan het werkveld om de komende jaren verder lading te geven aan de term', stelt Sjef. Hij geeft hier zijn visie: vanuit bevlogenheid en om te inspireren. Wat hem betreft is dit een voorzet om er met elkaar over in gesprek te gaan en te blijven.

Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Sjef van der Klein is Sociaal Werker van het Jaar 2018

‘De generalist is een alleskunner. Dat is een opvatting die leeft in het werkveld. Maar die veelzijdige generalist met de brede blik heeft juist een expertrol. Dé expertise van de generalist is wat mij betreft het breed kunnen kijken en doen wat nodig is. Het liefst voordat zwaardere hulp gevraagd wordt. Dat is de preventieve kracht van de generalist. De kern van die expertrol is ‘present zijn’. Hierover gaat het eerste competentiecluster dat in het Beroepscompetentieprofiel voor de sociaal werker, welzijn en maatschappelijke dienstverlening staat.’

Kort samengevat:
Je legt als sociaal werker makkelijk contact met verschillende mensen. Ook als ze daar niet voor openstaan. Je leeft je in de ander in zonder oordelen. Zo word je een vanzelfsprekend aanspreekpunt in de wijk. Mensen weten je te vinden en weten waarmee ze bij je terecht kunnen. Vraagstukken in de wijk, individueel en collectief, worden door present zijn snel zichtbaar en kunnen snel aangepakt worden.

Sterk formeel en informeel netwerk

‘Het klinkt voor veel sociaal werkers waarschijnlijk logisch; natuurlijk ben je present. Toch is het niet iets dat je zomaar kunt of doet. Het vereist intuïtie, en veel meer dan dat. Om iedereen, ook de meest kwetsbaren, daadwerkelijk mee te laten doen, heb je een sterk formeel en informeel netwerk nodig. Door die netwerken welbewust te ontwikkelen leer je ze steeds slimmer te gebruiken. Daarbij zijn je contacten met bewoners en winkeliers in de wijk een grote hulpbron. Zelf werk ik ook zo: bij de ene inwoner vang ik iets op over een andere inwoner die mogelijk hulp kan gebruiken. Dan ga ik eropaf, proactief. Vervolgens moet je werken aan vertrouwen, een relatie opbouwen. Kijken welk netwerk aangesproken kan worden. En waar nodig eerstelijnshulp inschakelen. Ook dat vraagt om kundigheid en kennis van de sociale kaart. Die aansluiting is nog steeds niet altijd vanzelfsprekend. Terwijl uit de praktijk blijkt dat uitwisseling met bijvoorbeeld huisartsen of het onderwijs, preventief werkt. Waar dat lukt, ontwikkelt zich een groot en sterk netwerk. Je verwijst door en blijft zelf het ‘leun-steuncontact’. Maar je kunt ook met de partners samen kijken waar je preventieve actie in kunt zetten.’

Brede blik organiseren

‘Eigenlijk delen we als samenleving allemaal in de verantwoordelijkheid voor inclusie. Iedereen kan, als dat nodig is, iets bijdragen in het leven van een ander. Dat is zo mooi aan samenleven. De professionele verbindende rol van sociaal werkers is daarin cruciaal. Jij legt die contacten en verbindt mensen met elkaar vanuit een visie. De oplossing van een hulpvraag of probleem ligt niet altijd in de individuele ambulante aanpak. Die kan juist ook komen door andere inwoners, ervaringsdeskundigen en niet-ervaringsdeskundigen te betrekken voor de brede blik. Je hoeft die brede blik niet altijd zelf te hebben, je kunt hem ook organiseren. Ook dat is specifiek de kracht van de generalist. Het geldt ook voor de verbinding van leefwereld en systeemwereld. Het benaderen van mensen in de systeemwereld vraagt net zozeer om een open houding, om krachtig maar zonder oordelen te bouwen aan een relatie. Zo kun je samen oplossingen zoeken die creatief zijn, en die volgens het systeem eigenlijk niet kunnen.’

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.