Pak armoede onder kinderen structureel aan

Het aantal kinderen dat in Nederland in armoede opgroeit is hoog. Ondanks dat de economie is aangetrokken en er vanuit gemeenten en Rijk aandacht besteedt wordt aan het terugdringen van armoede, groeit tien tot twaalf procent van de kinderen op in armoede. De Sociaal Economische Raad (SER) adviseert het nieuwe kabinet dan ook om armoede onder kinderen structureel aan te pakken.

Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
armoede-iStock.jpg
Het aantal kinderen dat in Nederland in armoede opgroeit is hoog. Ondanks dat de economie is aangetrokken en er vanuit gemeenten en Rijk aandacht besteedt wordt aan het terugdringen van armoede

In het adviesrapport ‘Opgroeien zonder armoede’ pleit de SER onder meer voor het instellen van armoederegisseurs en effectievere ondersteuningsregelingen. Het advies is een reactie op een adviesaanvraag van staatssecretaris Jetta Klijnsma.

Sociale uitsluiting

Kinderen die opgroeien in langdurige armoede kunnen hier veel hinder van ondervinden. Op korte termijn kunnen ze minder welbevinden en gevoelens van sociale uitsluiting ervaren als ze bijvoorbeeld niet kunnen sporten of geen kinderfeestje kunnen geven. Verder kan armoede op korte termijn leiden tot slechtere prestaties op school en kunnen kinderen die opgroeien in armoede probleemgedrag vertonen. En ook op langere termijn kan opgroeien in armoede gevolgen hebben. Zo hebben deze kinderen een grotere kans op armoede en sociale uitsluiting als ze volwassen zijn. Nicolette van Gestel, voorzitter van de adviescommissie: ‘We kunnen niet wegkijken van kinderen in armoede. Armoede zou een tijdelijk verschijnsel moeten zijn, maar in de praktijk leeft maar liefst een derde van de arme kinderen meer dan vier jaar in armoede. Hoe langer je onder de armoedegrens leeft, hoe moeilijker je daar weer bovenop komt.’

‘Betaal ik deze rekening of laat ik eerst de fiets repareren? Zal ik de medicijnen maar even laten zitten zodat ik avondeten kan kopen?’ Dagelijks worstelen ruim 810.000 Nederlanders met deze vragen. Lees meer >>

Armoedeval

Opvallend is dat de SER concludeert dat zestig procent van de arme kinderen ouders heeft die werken. ‘Werk is dus niet altijd een garantie tegen armoede. We constateren ook dat de groep van werkende ouders niet voldoende wordt bereikt met (gemeentelijk) armoedebeleid. En dan is er nog het probleem van de armoedeval. Werken moet lonen, maar soms houden mensen die gaan werken hiervan netto nauwelijks iets over, doordat ze niet meer in aanmerking komen voor bepaalde inkomensafhankelijke toeslagen en (gemeentelijke) voorzieningen.’

Effectievere inkomensondersteuning

Ook blijkt dat de voorzieningen die bestaan voor mensen die in armoede leven, vaak niet gebruikt worden omdat mensen niet weten dat ze er zijn en omdat de regelingen die hieraan vasthangen vaak complex zijn. ‘We pleiten er daarom voor om inkomensondersteuning effectiever te maken, bijvoorbeeld door te voorkomen dat mensen worden gestraft met vervallende toeslagen zodra ze iets gaan verdienen. Bovendien moeten regelingen worden vereenvoudigd en beter bekend worden gemaakt.’ Aldus de SER in een persbericht.

Armoederegisseur

Verder zou de SER graag zien dat er in iedere gemeente een armoederegisseur wordt aangesteld. Deze regisseur moet zorgen dat de werkende minima in beeld komen, dat de ingewikkelde aanvraagprocedures voor ondersteuning verbeterd worden en dat de effectiviteit van het armoedebeleid van de gemeente gemeten en verbeterd wordt.

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.