Jeugdzorgwerkers weten niet hoe ver hun verantwoordelijkheid gaat

De jeugdzorg worstelt na drie jaar transitie nog steeds met grote problemen. Dat blijkt uit het onderzoek van het lectoraat Social Work van Fontys Hogeschool. ‘Professionals in de jeugdzorg zijn onzeker over waar hun verantwoordelijkheid begint en waar het ophoudt’, zegt lector Social Work Lilian Linders.

Belangrijke doelen van de nieuwe Jeugdwet zijn volgens Linders niet gehaald. Het gaat om doelen als de-medicalisering, betere samenwerking en één gezin, één plan, één regisseur. ‘Het realiseren van deze idealen gaat niet zonder slag of stoot, al was het maar vanwege de omstandigheden waarbinnen deze veranderingen plaats moeten vinden.’ Uit het onderzoek van Fonteys Hogeschool blijkt dat er nog een hoop te leren valt.

Kind centraal

Het lectoraat van Fontys deed de afgelopen jaren, in samenwerking met organisaties en gemeenten, een breed onderzoek naar de wijze waarop de transformatie in de jeugdzorg vorm krijgt in de praktijk. De resultaten van het onderzoek worden gepresenteerd op het door Zorg+Welzijn georganiseerde Jaarcongres Jeugdzorg op 15 november in de ReeHorst in Ede. Tijdens het jaarcongres met als motto ‘Het kind centraal’ zullen verschillende sprekers hun visie geven over de kwaliteit van en de toegang tot de jeugdzorg en de verworvenheden van de transitie drie jaar na invoering van de nieuwe Jeugdwet op 1 januari 2015.

Jeugdzorg

Voor het onderzoek observeerden Linders en anderen ruim honderd multidisciplinaire casuïstiekbesprekingen in de jeugdzorg, het jeugdwelzijn en de jeugdgezondheidszorg, onder meer in een zorgadviesteam op een school, een wijkteam, een gezondheidscentrum en een team gericht op spoedhulp en veiligheid. Ook interviewden ze ruim zeventig hulpverleners, burgers en beleidsmakers en legden ze een enquête voor die door bijna vierduizend burgers werd ingevuld.

Transitie

‘Het blijkt dat alle partijen, gemeenten instellingen en professionals, met allerlei problemen kampen die voortkomen uit het stof rondom de transities’, zegt Linders. ‘Aanknopingspunten ter verbetering zijn er voldoende, maar met een transitie heb je nog geen transformatie. Je kunt het huis verbouwen, maar dan zijn de bewoners nog dezelfde. Beroepshouding en samenwerking van professionals vormen belangrijke aanknopingspunten voor het maken van de beoogde omslag.’


Lilian Linders is één van de sprekers op het Jaarcongres Jeugdzorg op 15 november. Ook onder meer Mariëlle Dekker, directeur Augeo Foundation en lid begeleidingscommissie evaluatie Jeugdwet, en Debbie Maas, adjunct-directeur van Veilig Thuis West-Brabant, geven hier hun visie op de jeugdzorg. Meer weten of inschrijven? Klik dan hier >>


 

Samenwerken

Het stof van de transitie in de jeugdzorg is zeker nog niet opgetrokken, zegt Linders. ‘Al het gepraat en gedoe rondom het hoe en het wat van samenwerken, haalt de aandacht weg van het kind en het gezin.’

Maatwerk

Eén van de effecten van de transitie bij veel jeugdzorgwerkers, is dat ze niet weten hoe ver hun verantwoordelijkheid gaat, zegt Linders: ‘Enerzijds moeten zij niet meer diagnosticeren, maar in de hulpverlening uitgaan van de kracht van het gezin. Tegelijk moeten professionals voldoen aan de nieuwe zakelijkheid en kostenbewust indiceren. Dat botst met maatwerk leveren aan het gezin. Professionals worden zo onzeker over hun aanpak en het is logisch dat ze dan weer terugvallen op wat ze altijd al deden. Dan is het lastig om de zo gewenste vernieuwing gestalte te geven.’

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.