Jeugdhulp nog steeds niet op orde

Het knelt in de toegang tot de jeugdhulp. Dat concludeert de Monitor Transitie Jeugd in haar jaarrapportage 2016. Ouders weten niet waar ze terecht kunnen met hun hulpvraag, benodigde hulp wordt niet op tijd ingezet en er is een gebrek aan passende hulp.

Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
1-Jeugdhulp-2-Fotolia.jpg
Het knelt in de toegang tot de jeugdhulp. Dat concludeert de Monitor Transitie Jeugd. - Foto: Fotolia

Het nieuwe jeugdstelsel dat op 1 januari 2015 in werking is getreden, werkt nog niet voor alle kinderen, jongeren en ouders. De Monitor Transitie Jeugd ontving in 2015, het eerste jaar dat het meldpunt open stond, 472 meldingen over onbedoelde knelpunten van de transitie van de jeugdhulp. In 2016 hebben 299 melders hun ervaringen met de jeugdhulp kenbaar gemaakt.

Meldingsmoeheid

‘Het is slechts het topje van de ijsberg, zo blijkt uit de rapportages van onder andere de Kinderombudsman en de vele geluiden in de media over het niet goed functioneren van de jeugdhulp. Er is een terugloop te zien in het aantal meldingen, dit wordt mogelijk verklaard door “meldingsmoeheid” die is ontstaan. Daarbij willen ouders vaak pas melden als daarmee een oplossing voor hun probleem dichterbij komt.’ Dat is te lezen in de jaarrapportage van de Monitor Transitie Jeugd.

Cliëntperspectief

De Monitor Transitie Jeugd is een gezamenlijk initiatief van LOC Zeggenschap in zorg, Ieder(in), Landelijk Platform GGz, MEE NL, Zorgbelang Nederland en Uw Ouderplatform. In opdracht van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport brengt de Monitor Transitie Jeugd de onbedoelde effecten en knelpunten van de transitie van de jeugdhulp naar de gemeenten vanuit cliëntperspectief in kaart.

De budgetten voor jeugdhulp zijn niet toereikend. Eva de Vroome, woordvoerder van Jeugdzorg Nederland: ‘Dit heeft grote gevolgen voor de veiligheid van onze kinderen.’ Lees meer >>

Knelpunten

Uit de Jaarrapportage van 2016 blijkt dat er over drie onderwerpen de meeste meldingen binnenkwamen: de toegang tot de jeugdhulp, een gebrek aan passende hulp en ondersteuning en het tijdig inzetten van hulp. Hieronder een overzicht van de grootste knelpunten per onderwerp.

Toegang tot jeugdhulp

Ouders blijken vaak niet te beschikken over voor hen relevante informatie over de jeugdhulp. Uit een onderzoek van de Monitor Transitie Jeugd blijkt dat 65 procent van de ouders niet weet waar ze terecht kunnen met hun hulpvraag, bijna 80 procent weet niet hoe ze hulp aan moeten vragen en ruim 73 procent is niet goed geïnformeerd over de mogelijkheid om een onafhankelijke cliëntondersteuner in te schakelen. Verder gaf 55 procent van de melders in 2016 aan zich niet prettig te voelen bij de manier waarop met hen wordt gepraat: ze voelen zich niet gehoord en hebben het gevoel dat hun hulpvraag wordt bekeken door een financiële bril. Ook gaf 54 procent van de melders aan dat het te lang duurt om hulp en een beschikking toegewezen te krijgen. Tot slot blijkt privacy een probleem: ouders moeten tekenen voor een akkoord voor gegevensuitwisseling anders krijgen ze geen hulp, gemeenten willen meer gegevens dan nodig is of er wordt zonder toestemming van jeugdige en/of ouders gesproken met verschillende partijen.

Passende hulp en ondersteuning

Uit een online vragenlijst over maatwerk, concludeert de Monitor Transitie Jeugd dat driekwart van de respondenten niet het gevoel heeft dat verschillende mogelijkheden tot hulp op een goede manier tegen elkaar afgewogen zijn. Uit de meldingen komt naar voren dat in de afweging met name financiën een grote rol spelen, in plaats van de behoeften van het kind en zijn/haar gezin. In een derde van de algemene meldingen uit 2016 staat het Persoonsgebonden budget (pbg) centraal. Melders gaven aan dat het pgb niet toereikend is om passende hulp mee in te kopen, ook gaven ze aan dat ze alleen Zorg in natura kunnen krijgen waardoor zij niet de hulpverlener van hun voorkeur kunnen inzetten. Wanneer het hulpverleningstraject gestart is, voelt een deel van de ouders dat een melding deed zich geen volwaardig samenwerkingspartner. In verschillende meldingen komt naar voren dat ouders het gevoel hebben de regie helemaal te verliezen, met name zodra de jeugdbescherming in beeld komt. Zij zouden meer betrokken willen worden bij de hulpverlening, maar worden hiertoe niet in staat gesteld doordat de hulpverlening het over neemt.

De wachtlijsten in de GGZ worden steeds langer. Wat wordt er gedaan om het probleem op te lossen? ‘We hebben inmiddels verschillende acties ingezet om de wachttijden te verkorten,’ schrijft minister Schippers in een brief aan de Tweede Kamer. Lees meer >>

Tijdig inzetten van hulp

Kinderen, jongeren en ouders moesten in 2016 soms lang wachten op het krijgen van passende hulp en ondersteuning. In de tussenliggende tijd gebeurde er niets. Ouders en jongeren gaven in verdiepingssessies van de Monitor Transitie Jeugd aan dat het kinderen, jongeren en gezinnen zou helpen als er in de tussenliggende periode iemand is die ondersteunt, meedenkt en in actie kan komen indien nodig en de inzet van essentiële hulp op korte termijn kan organiseren. Tot slot ervoeren melders dat budgetten in gemeenten op waren waardoor de hulp die nodig was, niet geboden kon worden. Sommige melders gaven aan dat de hulp wel geleverd kon worden als zij de hulp zelf betaalden. Melders geven aan dat zij dit een zeer onwenselijke ontwikkeling vinden. Zij merkten op dat er ongelijkheid ontstaat tussen kinderen uit arme en rijke gezinnen.

Het hele jaarrapport is hier te lezen.

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.