Frank hielp getuigen van de aanslag in Utrecht

De aanslag in een tram in Utrecht was voor veel mensen een traumatische ervaring. Welke hulp kregen getuigen? Frank Ridderhof van Slachtofferhulp was erbij.

Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Foto: Picscout

‘Ik durf niet meer weg.’ De man die dit zegt zit op het politiebureau aan de Marco Pololaan in Utrecht. Hij is een van de getuigen van de aanslag in een tram op het 24 Oktoberplein, een paar uur geleden heeft hij moeten rennen voor zijn leven. Frank Ridderhof van Slachtofferhulp Nederland zit bij hem. De man is getraumatiseerd, en Frank drukt hem op het hart dat hij in staat zal zijn de herinneringen een plek te geven. Zo probeert Frank de man een veilig gevoel te geven. Frank overweegt ook de man naar huis te brengen; de getuige heeft zijn auto op de plaats delict laten staan, mag deze niet meer ophalen en durft niet met het openbaar vervoer naar huis. Uiteindelijk belt een collega van de man: hij staat met zijn auto aan de andere kant van de Prins Clausbrug en wil hem graag thuisbrengen. Enkele politieagenten begeleiden de man naar de auto.

Emoties

Die achttiende maart, een maandag, kwam Frank Ridderhof veel van dit soort angsten tegen. Dat begon al al toen hij rond half twaalf ’s ochtends het politiebureau binnenliep. ‘Sommige politieagenten konden hun emoties amper bedwingen. Er was veel spanning en onduidelijkheid over wat er was gebeurd en nog zou gaan gebeuren.’ Bij ingrijpende gebeurtenissen als deze wordt Slachtofferhulp Nederland ingeschakeld door politie, gemeenten of de GGD, bij een misdrijf zoals vandaag door de politie. Taken zijn vastgelegd in het Protocol Maatwerk 2.0. In Utrecht werd voor slachtoffers een Calamiteitenhospitaal geopend, getuigen werden opgevangen op politiebureaus. Piketmedewerkers van Slachtofferhulp leggen bij calamiteiten contact met getuigen, zegt Frank. We zijn getraind in de eerste opvang van mensen, in gesprekstechnieken en Nederlands recht. Ook hebben we geleerd hoe mensen kunnen reageren op ingrijpende gebeurtenissen.’

Geef slachtoffers van criminaliteit, geweld of een ongeval directe erkenning en begrip voor wat hen is overkomen. Daarmee help je ze hun traumatische ervaring te verwerken en voorkom je dat hun PTSS-klachten op den duur ontaarden in een stressstoornis. Dr. Peter van der Velden: ‘Geef je pas erkenning en begrip op langere termijn, dan heeft dit geen effect meer op de verwerking.’ Lees meer >>

Vrijwilliger

Frank was die dag piketmedewerker. Hij is sinds 2010 vrijwilliger bij Slachtofferhulp. ‘Voor mij is het belangrijke zingeving. Ik heb MS, daarom ben ik afgekeurd. Ik heb mijn contactvaardigheden altijd ingezet voor commerciële doelen, nu ik niet meer kan werken probeer ik zo lang als ik kan mensen verder te helpen.’ Slachtofferhulp maakt voor haar werk veel gebruik van vrijwilligers, bij misdrijven, maar ook bij verkeersongevallen, rampen of andere ingrijpende gebeurtenissen.

Piketmedewerker

Frank zag die maandagochtend de beelden op tv, belde naar zijn teamleider met de vraag of hij kon helpen en werd later teruggebeld met het verzoek naar het politiebureau aan de Marco Pololaan te gaan. Daar waren al twee piketmedewerkers mensen aan het opvangen. In totaal heeft Slachtofferhulp in de regio Utrecht zes piketmedewerkers. Bij ingrijpende gebeurtenissen worden soms ook medewerkers van andere regio’s ingezet.

Roken

Frank spreekt onder andere met de man wiens auto door de verdachte is gebruikt als vluchtauto en met een meisje dat in de chaos bijna verdrukt werd door vluchtende mensen. Zijn eerste prioriteit was een veilig gevoel creëren. Een van de getuigen had enorm behoefte aan een sigaret, zegt Frank. ‘Maar we mochten het politiebureau niet uit en binnen mag je natuurlijk niet roken. Dus heb ik geregeld dat hij samen met een agent kon roken op de luchtplaats, het verblijf van gevangenen in de buitenlucht. Zo maak je verbinding met iemand: hij ziet dat je naar hem luistert, dat hij met jou vanuit zijn eigen cultuur kan praten.’

Adrenaline

Ook is het na een ingrijpende gebeurtenis belangrijk gevoelens van de ander te benoemen. ‘Mensen moesten vluchten, dan komt er veel adrenaline vrij. Dan krijgen mensen behoefte aan iemand die hun gedachten en keuzes tijdelijk overneemt. Die hen zegt dat ze waarschijnlijk weer graag bij hun geliefden willen zijn. En die hen duidelijk maakt dat ze in staat zijn te verwerken waar ze ongewild bij betrokken waren, ook al lijkt dat op dat moment niet zo. Zo’n gebeurtenis is, hoe confronterend ook, maar een heel klein onderdeel van het leven. Vertel je dat niet meteen na zo’n gebeurtenis, is de kans groter dat mensen bang blijven en moeite blijven houden met het verwerken van wat ze gezien en gevoeld hebben.’

Empathie

Een veilig gevoel geven lukt alleen als je op dat moment empathisch bent, benadrukt Frank. ‘Als ik alleen maar zou zeggen dat ik van Slachtofferhulp ben en dat mensen hun verhaal kwijt kunnen, is de kans groot dat het stil blijft. Mensen hebben direct na zo’n ingrijpende gebeurtenis ook geen behoefte aan een analyse van hun probleem. Dus niet zeggen: je hebt dit meegemaakt en dus heb je nu dit nodig. Vraag wat mensen op dat moment rust en veiligheid zou kunnen geven.’

Dagen na de aanslag

Frank is ook als piketmedewerker betrokken geweest bij de hulp in de eerste dagen na de aanslag. Hij was bij de bijeenkomst waar buurtbewoners hun verhaal konden doen. ‘Daar was het bijvoorbeeld belangrijk dat ook mensen van de Islamitische gemeenschap hun boosheid kwijt konden. Zij waren woedend op de dader, en hadden het gevoel dat zij ook erop aangekeken zouden worden. Het was voor hen belangrijk dat ze dat gevoel meteen de dag na de aanslag konden uiten.’

Bescheiden

Frank was ook bij de dienst waar een van de slachtoffers werd herdacht. Op dat soort momenten is een actieve houding juist minder gepast, benadrukt Frank. ‘Mensen zochten vooral steun bij hun naasten. Wij waren wel benaderbaar, maar hebben ons niet opgedrongen. Naar mij is niemand toegekomen voor ondersteuning, toch kan dat ook op zo’n dag wel gebeuren, dus is het wel goed dat je er bent, als je je maar bescheiden opstelt.’

Jarenlange begeleiding

Er zijn ook mensen doorverwezen naar casemanagement van Slachtofferhulp. Deze afdeling staat slachtoffers, nabestaanden en ooggetuigen nog dagen, weken, maanden of zelfs jaren bij. De hulp kan uit gesprekken bestaan, maar ook uit begeleiding tijdens het strafproces, hulp bij het schrijven van slachtofferverklaringen en het aanvragen van schadevergoeding. Casemanagers verwijzen ook naar andere hulpverleners. Sociale professionals kunnen ook zelf terecht voor advies bij Slachtofferhulp. Wijkteams met juridische vragen kunnen bijvoorbeeld contact opnemen met het Kenniscentrum Juridische Dienstverlening.

Scherpe ogen

Frank heeft in andere zaken mensen langere tijd bijgestaan die te maken hebben gehad met incest of suïcide. ‘Inschatten welke hulp nodig is, lukt het best als iedere betrokken professional scherpe ogen en oren heeft’, zegt hij. Hij geeft een voorbeeld. ‘Een rechercheur viel het op dat een getuige van de aanslag bijna niets zei. Misschien was deze man getraumatiseerd. De rechercheur heeft mij geïnformeerd en ik heb gezorgd dat een casemanager deze getuige de volgende dag zou bellen. Ik heb ook wel eens contact gehad met nabestaanden die eerst zeiden geen ondersteuning nodig te hebben, en maanden later me vroegen of ik hen toch kon bijstaan. Ook getuigen en nabestaanden zijn slachtoffers. En we moeten met zijn allen voorkomen dat een slachtoffer alleen blijft met zijn vragen en onzekerheid.’

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.