Registreren Waarom moet u zich registreren voor deze site? Lees meer

‘Gemeenten moeten bepalen wie Participatiebudget het hardst nodig heeft’

‘Wil je als gemeente aan de slag met het Participatiebudget, moet je eerst een idee hebben wat je wilt bereiken en welke groep je ermee wilt helpen’, zegt organisatieadviseur Stephan Reusken. Doen gemeenten dat niet, dan lopen ze in de uitvoering van de Wet Participatiebudget tegen behoorlijke problemen aan, aldus de adviseur.
‘Gemeenten moeten bepalen wie Participatiebudget het hardst nodig heeft’

Door Alexandra Sweers – ‘Als niet precies duidelijk is voor wie het budget gebruikt wordt, loop je uiteindelijk tegen de vraag aan: welke mensen mag ik wel een participatietraject aanbieden en welke niet?’ Dat is volgens Stephan Reusken, organisatieadviseur bij Van Naem & Partners geen probleem wanneer ‘er geld zat is’. De middelen zullen vanaf volgend jaar mogelijk minder worden en dan moeten gemeenten keuzes maken.

Regeldruk
Reusken was als projectleider nauw betrokken bij het voorbereidingstraject in de gemeente Zaanstad. Het ministerie van VROM stelde geld beschikbaar om 23 gemeenten te laten voorbereiden op de komst van de Wet Participatiebudget. Deze wet bundelt de geldstromen voor het werkdeel van de Wet Werk en Bijstand (WWB), inburgering en volwasseneneducatie. Doel is minder regeldruk voor gemeenten om de participatie van burgers te vergroten en meer vrijheid om daarbij maatwerk te leveren.

Vermogen
In de gemeente Zaanstad verliep het voorbereidingstraject goed, zegt Reusken. ‘In overleg met alle afdelingen en maatschappelijke organisaties is vastgesteld wat zij willen met “participatie”. Zaanstad gaat voor een brede participatie waarbij iedereen meedoet naar vermogen. Het Participatiebudget wordt vervolgens gericht ingezet voor mensen richting utistroom naar de arbeidsmarkt, mensen die de Nederlandse taal niet machtig zijn, laaggeletterden en werkloze jongeren.’

Scherp

Belangrijk is vooraf te bepalen wie de hulp het hardst nodig heeft in de gemeente, vindt Reusken. ‘Als je de visie scherp hebt, is de wet makkelijker uit te voeren. Er zijn zoveel verschillende beleidsterreinen en geldstromen, als je dat te breed aanpakt, dan zie je door de bomen het bos niet meer.’ Die visie is voor iedere gemeente weer anders, legt Reusken uit. ‘Het maakt nogal wat uit hoeveel mensen er in de gemeente moeten inburgeren of hoeveel werkloosheid er heerst en hoe hoog de instroom in de WWB is.’

Apart inzetten
Reusken vreest dat ondanks de bundeling van geldstromen, er bij sommige gemeenten toch nog de neiging bestaat om de budgetten apart in te zetten. Gemeenten krijgen het Participatiebudget toegekend met een overzicht van welk deel van Sociale Zaken, VROM en Onderwijs Cultuur en Wetenschap komt ‘Nu staat het deel voor educatie nog tot en met 2012 vast voor de ROC’s. Voor inburgering gelden prestatieregels als een gemeente twee jaar later weer een zelfde omvang van het budget wil krijgen. Bij het werkdeel van de WWB ligt nadrukkelijk de koppeling met het zogeheten 'inkomensdeel'. Ik verwacht dat voorlopig veel gemeenten de toegekende deelbudgetten nog blijven inzetten voor het betreffende onderdeel en dat er nog niet direct geschoven gaat worden met budgetten.’

Schotten
Zo blijven de schotten bestaan, denkt Reusken. ‘Terwijl het juist in het voordeel van de burger is om een visie op participatie te ontwikkelen. Op basis daarvan kan vervolgens worden bepaald voor wie welke participatietrajecten worden aangeboden’, aldus de organisatieadviseur.

Stephan Reusken leidt de praktijksessie over participatiebudget in de praktijk tijdens het Landelijk Platform Participatie. Eén jaar participatiebudget: drama of succes? Onder leiding van Ella Vogelaar gaat u samen met experts in op de dilemma's, kansen en actuele ontwikkelingen rondom het Participatiebudget.

Meer weten? Lees dan ook de gratis Zorg + Welzijn Nieuwsbrief. Daarvoor kunt u zich hier aanmelden.



Bron: Foto: Van Naem

Alexandra Sweers

Of registreer je om te kunnen reageren.

Zorgwelzijn is een uitgave van Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Media B.V.
Voorwaarden