Registreren Waarom moet u zich registreren voor deze site? Lees meer

Keurmerk moet transparantie verpleeg- en verzorgingshuizen verhogen: ‘Er is totaal geen zicht op de kwaliteit’

Na alarmerende berichten over minimale zorg in verpleeg- en verzorgingshuizen stapelen de onderzoeken naar de kwaliteit in deze instellingen zich nog steeds op. Ondertussen heeft verzekeraar Achmea Zorg besloten de kwaliteitseisen aan te scherpen en vanaf 1 januari 2005 een speciaal keurmerk in te stellen. Andere zorgverzekeraars volgen.

Een keurmerk voor verpleeg- en verzorgingshuizen moet de kwaliteit van deze instellingen in goede banen leiden. Daarom heeft een aantal zorgverzekeraars besloten een dergelijk initiatief hiertoe te nemen. Zorgverzekeraar Zilveren Kruis Achmea kwam als eerste met een eigen idee om kwaliteitseisen te stellen. Ze stelt vanaf 1 januari 2005 het zogeheten Bronzen Keurmerk in voor verpleeg- en verzorgingshuizen. Het keurmerk wordt toegekend als instellingen slagen voor de kwaliteitstoets die samengesteld is door Perspekt en stichting Cliënt & Kwaliteit. Het keurmerk in de zorg maakt vanaf januari 2005 deel uit van de afspraken die de zorgkantoren van Achmea maakten met de verpleeg- en verzorgingshuizen. Het jaar 2005 is een beginjaar, waarin verpleeg- en verzorgingshuizen de ruimte krijgen kennis te maken met de nieuwe kwaliteitstoets en eventuele aanpassingen te doen in hun organisatie. Voldoen de zorgorganisaties niet, dan zal dat in 2006 consequenties hebben.

Kwaliteitsnormen

Woordvoerder Olga Kolenburg van Achmea Zorg noemt de negatieve publiciteit van de laatste maanden de aanleiding voor het keurmerk. ‘Aangezien wij als zorgverzekeraar verantwoordelijk zijn voor de kwaliteit van zorg willen we hier iets aan doen. Tevens streven we transparantie na. De kwaliteit moet worden getoetst en daarnaast moet het keurmerk een impuls geven om de kwaliteit te verbeteren. Als een instelling niet voldoet aan de criteria, krijgt ze de gelegenheid om die punten te verbeteren. Lukt dit niet, dan zijn we genoodzaakt maatregelen te treffen. Het opheffen van de contracteerplicht biedt de mogelijkheid om een instelling in het uiterste geval uit te sluiten.’

Kolenburg hoopt dat zoveel mogelijk instellingen de kwaliteitsnorm kunnen halen. ‘Lukt dat niet, dan moeten we zorgen voor een goed alternatief. De overbruggingszorg die nu wordt geboden als mensen op een wachtlijst staan, is daar een uitstekend voorbeeld van.’
Agnes Kant, Tweede Kamerlid voor de SP, vindt het keurmerk een positief initiatief, maar noemt het uitsluiten van instellingen een lastig punt. ‘Het lijkt nu net of mensen kunnen kiezen tussen instellingen met en zonder keurmerk. Maar zo simpel is dat niet. Alsof we overal genoeg plaatsen hebben en we het dus voor het uitkiezen hebben. Ik vind dat er basisvoorwaarden in de wet vastgelegd moeten worden. De Inspectie moet dit controleren. Nu is er totaal geen overzicht van wel instellingen goede en slecht kwaliteit leveren. Het is de taak van de overheid om dit te controleren.’
De afgelopen maanden zijn verschillende onderzoeken gedaan naar de kwaliteit van zorg in verpleeg- en verzorgingshuizen. In augustus bracht de SP haar verslag naar buiten van een enquête onder 1100 bewoners, familieleden en personeelsleden van 23 verpleeg- en verzorgingshuizen. Ze zijn bevraagd over werkdruk, privacy, positieve ontwikkelingen en mogelijkheden voor verbetering. Het merendeel van de respondenten is duidelijk: ruim tachtig procent vindt dat door de hoge werkdruk de grens is bereikt en dat de gevolgen voor de bewoners onacceptabel zijn. Naast de hoge werkdruk geven de respondenten aan dat er onvoldoende zorg, aandacht en privacy is voor de bewoners en dat echtparen nog steeds gedwongen worden te scheiden. Deelnemers aan het onderzoek deden een aantal duidelijke uitspraken die noodzaak van betere zorg onderstrepen. ‘Om half twaalf liggen de mensen nog in bed, met een kleddernatte luier van de vorige dag.’ ‘De grens van wat nog aanvaardbaar is, wordt steeds verlegd.’ ‘Dat bewoners wegkwijnen en hun geestelijke en lichamelijke kwalen verergeren, is het allerergste.’ ‘Bewoners worden apathisch, kwijnen weg door te weinig aandacht en gaan zich een last voor de maatschappij voelen.’
Agnes Kant vertelt dat uit de antwoorden blijkt dat instellingen de grootste moeite hebben om de minimaal noodzakelijke zorg te bieden. ‘En het gaat hier niet om incidenten, zoals de regering graag beweert. Het stoort me dat VWS de signalen niet serieus neemt. Natuurlijk gaat het niet overal extreem slecht, maar dat moet geen alibi zijn om maar niks aan de problematiek te doen en het af te doen met “het zijn incidenten”. Feit is dat zelfs wat mankeert aan instellingen waar de geënquêteerden positief over zijn.’ Bewoners en personeel geven in de enquête drie hoofdpunten aan die moeten verbeteren: meer personeel en geld, minder bureaucratie en betere bejegening. ‘Het is een schande hoe we omgaan met de mensen die dit land hebben opgebouwd. Ze hebben recht op menswaardige zorg.’

Beoordelingen

Het Bronzen Keurmerk van de zorgverzekeraars moet naast kwaliteitsverbetering ook wat doen voor het imago van de instellingen. Kolenburg: ‘De kwaliteit kan in veel instellingen absoluut beter. Het slechte imago komt door alle treurige berichten, maar het is echt niet overal slecht gesteld. Het keurmerk geeft straks inzicht in welke zorgorganisaties goede kwaliteit bieden en welke niet. Instellingen die het goed doen, krijgen met het keurmerk de gelegenheid zich positief te onderscheiden. Wij vinden het belangrijk dat cliënten hun stem kunnen laten horen. Mensen kunnen met het ouder worden hun zelfstandigheid verliezen, maar moeten hun waardigheid kunnen behouden.’ In de sector is volgens Kolenburg positief gereageerd op het keurmerk.

Om het imago te verbeteren en de nadruk op de positieve punten te leggen, heeft stichting Cliënt & Kwaliteit - ook betrokken bij het keurmerk - deze zomer de titels ‘Beste verpleeg- en verzorgingshuizen van Nederland’ uitgereikt. Ruim tienduizend bewoners van verpleeg- en verzorgingshuizen zijn bevraagd over de zorg en dienstverlening van de betreffende instelling. Op basis van dit onderzoek kregen de 33 verzorgingshuizen en acht verpleeghuizen die het meest positief beoordeeld werden de titel voor beste instelling. Het rapport ‘Alles naar wens’ beschrijft de belangrijkste resultaten van het onderzoek. Naast een algemeen beeld van de waardering van bewoners beschrijft het rapport ook waarin, naar de mening van zorggebruikers, de beste instellingen beter zijn. Uit het onderzoek blijkt dat cliënten instellingen het beste beoordelen als ze goede inspraak hebben en waar men vraaggericht en flexibel werkt.

Bij instellingen die positief uit het onderzoek naar voren komen, zijn bewoners aanzienlijk beter te spreken over de zeggenschap die zij hebben over de persoonlijke zorg en over de invloed van de cliëntenraad. Toch blijkt volgens Marjo Zijp van Cliënt & Kwaliteit dat inspraak en informatievoorziening bij deze instellingen ook voor verbetering vatbaar is. Zijp: ‘Inspraak is voor veel medewerkers lastig te realiseren, omdat het nu eenmaal sneller lijkt om dingen zelf te regelen. Zorgverleners zijn erg ingesteld op doen. Zij zien praten vaak niet als werken, terwijl inbreng in de zorg voor bewoners een heel belangrijk punt is.’ Erg positief zijn de cliënten niet over de instellingen waar ze wonen.

Op de onderdelen evaluatie, vakbekwaamheid en autonomie scoren de verzorgingshuizen positief, maar voor de punten informatie, inspraak, organisatie en bejegening is het merendeel negatief. Bewoners van verpleeghuizen geven op alle onderdelen een onvoldoende. ‘We willen toch op een constructieve manier werken. Door nu eens de positief beoordeelde instellingen te benoemen, bekijk je het eens van een andere kant. Waarom scoren deze instellingen veel beter? Daar kunnen andere instellingen wat van leren.’
De werkdruk komt er bij alle onderzoeken niet gunstig af. Ondanks dat hing de sector nog een bezuiniging boven het hoofd. Maar dat is volgens staatssecretaris Clémence Ross van VWS niet het geval. Eind augustus beloofde ze op verpleeg- en verzorgingshuizen niet verder te bezuinigen. De instellingen krijgen hetzelfde geld, maar moeten 1,25 procent meer mensen helpen dat tot nu toe was begroot. Agnes Kant: ‘Denkt Ross dat we dom zijn of zo? Meer mensen helpen met hetzelfde geld is een fikse bezuiniging. Hoe kun je wat aan de problemen in de sector doen als je totaal geen ruimte hebt op het financiële vlak?’

Ester Mijnheer

Of registreer je om te kunnen reageren.

Zorgwelzijn is een uitgave van Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Media B.V.
Voorwaarden