Nieuwe wet geeft cliënten meer invloed

Bestuurders kunnen vanaf 1 juli niet meer om hun cliëntenraden heen. Dan gaat de Wet Medezeggenschap Cliënten Zorginstellingen 2018 in. Deze wet geeft cliëntenraden – en daarmee cliënten – meer macht en invloed. En dat was hard nodig, betoogt Marika Biacsics, directeur van koepelorganisatie NCZ, die tien jaar voor deze wet heeft gestreden. ‘Klant is koning geldt nog lang niet in de zorg.’

Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan

In de nieuwe wet, die de huidige Wet Medezeggenschap Cliënten Zorginstellingen (Wmcz) vervangt, krijgt de cliëntenraad in plaats van ‘verzwaard adviesrecht’ instemmingsrecht. Biacsics: ‘Geen instemming betekent dat een bestuurder niet door kan met zijn of haar plan. Hij of zij kan dan naar een geschillencommissie stappen, maar zover wil je het natuurlijk niet laten komen. Het is dan ook vooral een prikkel om te komen tot een gezamenlijk besluit en om de cliëntenraden al in een vroeg stadium te betrekken. Dat is enorme winst. Op die manier krijgen cliëntenraden echt invloed op de besluitvorming en wordt het cliëntenperspectief beter gehoord.’

Voor wie?

De nieuwe wet geldt in principe voor elke instelling, vereniging, coöperatie, stichting etc, particulier of overheid, die zorg verleent en meer dan tien zorgverleners heeft. En dat zijn ook freelancers, zzp’ers en vrijwilligers. Voor eerstelijnszorg, zoals bijvoorbeeld huisarts- en fysiotherapiepraktijken, geldt een grens van 25 zorgverleners. Onder de Wmcz 2018 vallen meer instellingen en organisaties dan onder de huidige wet. Zo gold die bijvoorbeeld niet voor de Jeugdzorg of de ambulante verslavingszorg – deze wet wel. Het criterium is nu: valt een organisatie of instelling ook onder de Wet kwaliteit klachten en geschillen in de zorg (Wkkgz) uit 2016, dan valt-ie ook onder de Wmcz 2018.

Deadline

Veel instellingen hebben hun afspraken met de cliëntenraad nu – door een notaris – vast laten leggen in een convenant of samenwerkingsovereenkomst, weet Biacsics, al was dat niet wettelijk verplicht. In de nieuwe wet moet er een zogenoemde medezeggenschapsregeling komen: een besluit van de organisatie waarmee de cliëntenraad moet instemmen. Een aantal zaken moet hierin worden vastgelegd, bijvoorbeeld hoe de cliëntenraad betrokken wordt bij de voorbereiding van een besluit. Andere zaken, zoals bijvoorbeeld het aantal leden of extra rechten, mógen worden vastgelegd. Biacsics: ‘Dit laat ruimte voor maatwerk.’ Organisaties moeten deze medezeggenschapsregeling voor 1 januari 2021 klaar hebben, al zal er, verwacht Biacsisc, vanwege corona wel enige coulance zijn mochten instellingen deze deadline overschrijden. ‘Maar het is wel slim om er zo snel mogelijk mee aan de slag te gaan, want de wet geldt vanaf 1 juli 2020.’

Veel om te doen

Aan de Wmcz 2018 is twintig jaar van onderzoek, veldwerk, consultatierondes en intensief lobbyen vooraf gegaan. ‘Er was veel om te doen’, aldus Biacsics, die als directeur van NCZ tien jaar mee heeft gelobbyd. NCZ (Netwerk Cliënt-en-raad Zorg) is de koepelorganisatie van en een kennis- en leernetwerk voor honderden cliëntenraden in de zorg en groot voorstander van de nieuwe wet. Want de huidige wet die de medezeggenschap in de zorg regelt, stamt nog uit 1996 en voldoet niet, meent Biacsics. ‘Die wet regelt alleen de basis. Zo staat er bijvoorbeeld: “Cliëntenraden moeten gefaciliteerd worden om hun werk goed te doen.” Dat is dus heel algemeen. In de ene instelling leidt dat tot goede ondersteuning, maar in een andere instelling zeggen ze: hier heb je een thermoskan koffie en een blocnote. Succes.’

Kortste eind

‘Het idee achter die wet was: we komen er samen wel uit, daar hebben we geen wettelijke basis voor nodig’, zegt Biacsics. Veel zorgbestuurders staan nog steeds op dat standpunt, weet ze. ‘In de praktijk trok de cliëntenraad echter bijna altijd aan het kortste eind, zo bleek keer op keer uit onderzoek. Het komt veelvuldig voor dat besluiten worden genomen, bijvoorbeeld over een fusie, waar de cliëntenraad niet of te laat bij wordt betrokken. Of dat een cliëntenraad het ergens niet mee eens is, maar het toch doorgaat. Door het instemmingsrecht is dat met de nieuwe wet, als het goed is, verleden tijd.’

Rechten en plichten

Ander winstpunt voor de raden is dat in de nieuwe wet veel duidelijker omschreven staat waar ze recht op hebben – zodat een instelling niet meer wegkomt met die thermoskan en blocnote. Zo hebben cliëntenraden recht op een scholingsbudget en op het inhuren van externe deskundigheid  (bijvoorbeeld een trainer of accountant) en op professionele ondersteuning. Tegelijk stelt de wet ook hogere eisen aan de cliëntenraden, die nu niet overal even goed functioneren. Zij hebben bijvoorbeeld de plicht om de wensen en behoeften van de achterban te inventariseren. Die plicht was er voorheen ook wel, zegt Biacsics, maar is nu wat steviger neergezet. En een organisatie moet hen daarbij ook ondersteunen. ‘Het is belangrijk dat een cliëntenraad echt een afspiegeling is van de cliënten en niet, zoals nog wel eens gebeurt, een losgezongen adviesclubje.’

Onderaan

Biacsisc is dus blij met de nieuwe wet, maar ze weet ook, zoals ook voormalig minister Bruno Bruins zelf al aangaf: Een wet is niet voldoende. Er is ook een cultuurverandering nodig. Biacsics: ‘Zeker sinds de privatisering en marktwerking, draait veel in de zorg om efficiency en effectiviteit, is het veelal geldgedreven. En daarbij is het cliëntenperspectief, dat toch bovenaan zou moeten staan, te vaak uit beeld geraakt. Niet de organisatie, maar de cliënt moet weer centraal. Deze wet draagt daar aan bij, die maakt het een iets gelijkwaardiger speelveld.’

De inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) gaat toezicht houden op de in- en uitvoering van de wet. Meer weten? Kijk op de site van NCZ.

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.