Het is niet de bedoeling dat we misbruik zien’

Eén op de acht vrouwen en één op de vijfentwintig mannen is ooit verkracht. Per jaar krijgen 100.000 mensen te maken met een vorm van seksueel misbruik. Van die groep is negentig procent vrouw en tien procent man. ‘Het is heel goed dat we ons beseffen dat ondanks dat deze cijfers zo hoog zijn en we allemaal alert zijn op signalen, de meeste mensen die misbruikt zijn levenslang blijven zwijgen en je er nooit achter komt.’ Aldus klinisch psycholoog Iva Bicanic op het Zorg+Welzijn congres Huiselijk Geweld.

Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Iva Bicanic: 'Het is niet de bedoeling dat we seksueel misbruik zien'
Foto: Eric Kottier

Iva Bicanic, klinisch psycholoog en coördinator van het Landelijk Psychotraumacentrum in het UMC Utrecht en landelijk coördinator van het multidisciplinaire Centrum Seksueel Geweld, stelt dat interpersoonlijk geweld, of een interpersoonlijk trauma, een voorspeller is voor een volgend interpersoonlijk trauma. Zeker als het eerste trauma niet behandeld wordt. ‘In feite betekent dat dat iemand problemen overhoudt aan die eerste traumatisering en daardoor kwetsbaar is voor een nieuwe traumatisering.’

Verborgen ervaring

Maar om een traumatische ervaring te kunnen behandelen, is het wel noodzaak dat je als hulpverlener weet dat die ervaring heeft plaatsgevonden. En daar zit volgens Bicanic een probleem. Want ondanks alle mooie lijstjes van signalen die we hebben, vertonen slachtoffers van seksueel geweld vaak geen signalen. ‘Ik denk soms dat er iets te simpel wordt gedacht over het onthullen van misbruik. We moeten ons beseffen dat het is niet de bedoeling is dat we misbruik zien. Daders en slachtoffers doen er alles aan om te zorgen dat het verborgen blijft. Gevolg is dat één op de drie kinderen geen gedragssignalen vertoont die erop wijzen dat er iets aan de hand is.’

Iva Bicanic is één van de sprekers op het Zorg+Welzijn congres Jongeren en Seksueel Geweld op 6 februari 2019. Tijdens dit congres krijg je van sprekers uit de praktijk en wetenschap de laatste inzichten rondom het signaleren, bespreekbaar maken en aanpakken van seksueel geweld en grensoverschrijdend gedrag. Meer informatie of aanmelden >>

Dreigen

Er zijn volgens Bicanic allerlei redenen die maken dat slachtoffers van misbruik hier niet over praten. Zo maken de meeste slachtoffers zichzelf bijvoorbeeld wijs dat het niet echt gebeurd is. ‘Dat is een heel sterk mechanisme van mensen. En als je dat maar lang genoeg volhoudt, ga je het zelf ook geloven.’ Andere redenen om er niet over te praten is wanneer slachtoffers onder druk gezet worden met woorden. Ze worden bijvoorbeeld zelf bedreigd (als je het vertelt dan maak ik je dood, weet ik je te vinden, kom je in de hel etc.), hun dierbaren worden bedreigd (als je het vertelt pak ik je zusje ook, maak ik je cavia’s dood, wordt je hele familie wat aangedaan etc.), wordt er gedreigd met isolatie (als je het vertelt dan ga je naar een kindertehuis, vindt je moeder je nooit meer lief, praat ik nooit meer tegen je etc.) of wordt er gedreigd met afwijzing of veroordeling (als je het vertelt denkt iedereen dat je homo bent, zullen mensen je vies vinden, gelooft toch niemand jou etc.).  Bicanic: ‘Dit soort dreigementen kunnen twintig of dertig jaar later nog steeds actueel zijn. Die bevriezen in de tijd. Ook iemand van 26 kan nog denken “als ik het vertel, maakt hij mijn zusje af”. Wees je daar bewust van en vraag of degene tegenover je bang is dat er iets gebeurt als hij of zij gaat praten. En wellicht krijg je dan alsnog niet het hele verhaal, maar het kan wel helpen.’

Positieve relatie tussen dader en slachtoffer

En er zijn nog veel meer redenen om nooit te onthullen. Bijvoorbeeld schaamte, niet weten wanneer iets onder seksueel misbruik valt of denken dat een genitale respons tijdens misbruik, zoals een erectie of ejaculatie, betekent dat je het zelf ook wilde of toestemming hebt gegeven. En dan zijn er nog daders die zandkorreltjes in de ogen van het slachtoffer strooien. ‘Vergeet niet dat er vaak ook een positieve kant zit aan de dader-slachtoffer relatie. Een dader kan een slachtoffer het gevoel geven dat hij de enige is die om haar geeft, geeft haar het gevoel dat ze speciaal is, geeft beloningen zoals geld of iets op televisie mogen kijken wat thuis niet mag. Als het slachtoffer gaat praten, stopt dat positieve stukje ook en slachtoffers kunnen dat missen.’

Victim blaming

Maar wat kun je als hulpverlener of omstander dan wel doen om een slachtoffer te helpen? Bicanic: ‘Het allerbelangrijkste is hoe er gereageerd wordt. Iemand zal pas onthullen als hij of zij zich veilig voelt. En als die onthulling komt, is een juiste reactie heel belangrijk. Want vragen als “waarom zeg je het nu pas?”, “wat had je aan toen het gebeurde?” of andere manieren van victim blaming zijn heel schadelijk. Soms zelfs schadelijker dan het misbruik zelf. Als we iets moeten veranderen rondom de aanpak van seksueel geweld, zit wat mij betreft de kracht in de omgeving, bij omstanders. Dat is ook waar #metoo wat mij betreft over moet gaan. Niet over wat er gebeurd is, maar hoe we er vervolgens mee omgaan.’

 

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.