Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Reacties0

Een verstrekkend verwijt

Vakblad Sociaal Werk
Vakblad Sociaal Werk
Het Vakblad Sociaal Werk (voorheen Maatwerk) behandelt alle facetten van het sociaal werk. Het signaleert, analyseert, rapporteert en informeert. En presenteert leerzame ervaringen uit de diverse werkvelden waarin sociaal werkers, jeugdzorgwerkers en sociaal agogen zich bevinden.
Wat kun je als sociaal werker leren van uitspraken in het tuchtrecht? Dat lees je in deze serie van Vakblad Sociaal Werk. In deze zevende aflevering staat een zaak centraal waarin een jeugdbeschermer wordt verweten negatieve informatie over vader te verspreiden en te liegen over haar bevoegdheden.
toestemming jeugdzorg

De uitspraken van tuchtrechtcolleges worden anoniem gepubliceerd. De zaak die we hieronder bespreken (zaaknummer 20.192Ta) wordt in het SKJ als volgt omschreven: ‘Een jeugdbeschermer wordt verweten dat zij heeft gelogen over haar bevoegdheden als gezinsvoogd en onjuiste, negatieve informatie aan de rechtbank heeft gestuurd.’ Volgend daarop presenteren we een aantal praktische feiten over tuchtrecht.

Uitbreiding bezoekregeling

De tuchtrechtuitspraak die we hier presenteren, werd gedaan naar aanleiding van de klacht van een vader. Zijn zoon woont bij hem; er is sprake van ondertoezichtstelling (OTS) en van gezamenlijk ouderlijk gezag. Bij het handelen van de jeugdbeschermer – belast met de uitvoering van de ondertoezichtstelling – rondom uitbreiding van de bezoekregeling bij moeder gaat het mis. Vader geeft te kennen niet te willen meewerken aan een uitbreiding van de zorgregeling. Voorstelbaar omdat in dit soort situaties oud zeer tussen ouders naar boven kan komen, waardoor het belang van het kind niet altijd voorop staat. Het is dus extra belangrijk om als jeugdbeschermer zorgvuldig te communiceren, binnen de organisatie advies in te winnen over bevoegdheden, alert te zijn op goede verslaglegging en eventueel excuses te maken als zaken niet goed zijn vastgelegd.

Wat zijn de bevoegdheden

In deze uitspraak gaat het om twee artikelen uit de Beroepscode van de jeugd- en gezinsprofessional: artikel G, dat gaat over overeenstemming/ instemming omtrent hulp- en dienstverlening, en artikel M, dat verslaglegging/ dossiervorming betreft. Extra interessant in deze uitspraak is dat het College naast reflectie op het handelen van de jeugdprofessional veel waarde hecht aan checken binnen de organisatie wat de bevoegdheden zijn. Daarnaast geeft het College aan dat het van groot belang is om ouders altijd van alle besluiten op de hoogte te stellen.

Liegen

In het eerste klachtonderdeel wordt de jeugdprofessional verweten dat zij in een specifieke mail over het uitbreiden van de omgang tussen moeder en zoon heeft gelogen over haar bevoegdheden als gezinsvoogd. Doordat de jeugdprofessional volgens de vader heeft gelogen, heeft zij – in het verlengde daarvan – ook ongeoorloofde dwang uitgeoefend, aldus de vader. Het College vindt dit een verstrekkend verwijt. Immers, volgens het Van Dale Groot Woordenboek van de Nederlandse Taal is liegen ‘met opzet onwaarheden spreken’ en dwang ‘machtsuitoefening waardoor iemand tot iets wordt genoodzaakt’. Het College leest in de mail waar het om gaat dat de jeugdprofessional vorm heeft willen geven aan de bij de gezinsvoogdijinstelling (GI) belegde regie over de zorgregeling (conform de zorgregelingsbeschikking) en de ouders heeft willen informeren over vervolgstappen. Daarnaast blijkt uit de stukken dat de jeugdprofessional hierna intern is blijven overleggen over hoe te handelen. Tegen de achtergrond van de in de beslissing geschetste ontwikkelingen in de jurisprudentie acht het College dit zorgvuldig. Bovendien heeft de jeugdprofessional/de GI uiteindelijk gekozen voor het indienen van een verzoekschrift om de zorgregeling uit te breiden en zo draagvlak bij de vader te creëren. Alles overziend is het College van oordeel dat de jeugdprofessional zorgvuldig heeft gehandeld en geen tuchtrechtelijk verwijt kan worden gemaakt. Dit klachtonderdeel wordt ongegrond verklaard.

Negatieve informatie

In het tweede klachtonderdeel klaagt de vader dat de jeugdprofessional onjuiste, negatieve informatie over hem vermeld heeft in het plan van aanpak dat naar de rechtbank is gestuurd. De jeugdprofessional erkent dat zij zorgvuldiger had moeten handelen toen zij in dit plan van aanpak de zin opschreef: ‘Raadsrapportage beschrijft ook een éénmalige psychose bij vader naar aanleiding van alcoholgebruik’. In een mail van 12 mei 2020 heeft de jeugdprofessional de gang van zaken uitgelegd en haar excuses gemaakt. Ze heeft het woord ‘alcoholgebruik’ verwijderd uit het plan van aanpak en de aangepaste versie verzonden aan de rechtbank en de ouders. De rechtbank heeft geen kennis genomen van de ‘oude’ versie van het plan van aanpak. Gelet op het eerder geschetste (wettelijk) kader, benadrukt het College het belang van het ter nalezing en correctie opsturen van de definitieve (gewijzigde) versie van een plan van aanpak door jeugdprofessionals aan (in dit geval) de ouders. Situaties als deze kunnen dan worden voorkomen. Dit belang heeft de jeugdprofessional ook onderkend in de eerder genoemde, uitgebreide en zorgvuldig geformuleerde mail. Daarin biedt zij excuses aan de vader aan en reflecteert ze op haar handelen. Omdat de jeugdprofessional – na door de vader te zijn gewezen op de ‘onjuiste’ informatie – direct alles in het werk heeft gesteld om een mogelijk nadeel voor de vader te keren, zij haar excuses aan de vader heeft aangeboden en de rechtbank geen kennis heeft genomen van de versie van het plan van aanpak die aanvankelijk was ingediend, is het College van oordeel dat haar onder de gegeven omstandigheden geen tuchtrechtelijk verwijt gemaakt kan worden. Ook dit klachtonderdeel wordt ongegrond verklaard.

Dit is de zevende aflevering van deze serie over tuchtrecht. Wil je eerdere afleveringen lezen? Dat kan hier >>

Enkele weetjes over tuchtrecht

Voor veel professionals blijft het tuchtrecht een ver- van- mijn- bed- show – tot ze ermee te maken krijgen. Dan is het van belang om goed op de hoogte te zijn van de procedure en werkwijze van het tuchtcollege. Reden om enkele weetjes in deze rubriek te vermelden. Bijvoorbeeld over het vervallen van een klacht, over de vraag of je altijd een advocaat nodig hebt bij een tuchtrechtprocedure en hoe het zit met het openbaar maken van een uitspraak van een maatregel tot waarschuwing.

Is klachtrecht hetzelfde als tuchtrecht?

Klachtrecht is niet hetzelfde als tuchtrecht. In het tuchtrecht wordt getoetst of het handelen waarover wordt geklaagd, strookt met de professionele standaard van de beroepsgroep waartoe de jeugdprofessional behoort. Het individuele handelen van de jeugdprofessional staat centraal. In het klachtrecht kan een klager over de (jeugd)professional klagen, maar ook over aangelegenheden met betrekking tot de zorgaanbieder zelf. De uitspraak van de klachtencommissie van de zorgaanbieder wordt niet opgenomen in het register van SKJ.

Kan de mogelijkheid tot het indienen van een klacht komen te vervallen?

Ja, de mogelijkheid tot het indienen van een klacht vervalt door verjaring na drie jaren. Deze termijn begint op de dag volgend op die waarop het betreffende handelen waartegen de klacht zich richt, heeft plaatsgevonden, dan wel volgend op het moment waarop de belanghebbende van het betreffende handelen wist. Als de belanghebbende minderjarig is, begint de termijn van verjaring te lopen op de dag waarop hij zestien jaar is geworden.

Moet ik als jeugdprofessional mijn registratienummer op verzoek afgeven?

Ja, een jeugdprofessional moet op verzoek zijn/haar registratienummer kenbaar maken.

Is het verplicht om je tijdens de procedure bij te laten staan door een advocaat?

Het is niet verplicht om je bij te laten staan door een advocaat tijdens de procedure. De ervaring leert echter dat partijen zich in de praktijk veelal wel (juridisch) laten bijstaan. Je kan je laten bijstaan door een advocaat, een jurist van je eventuele rechtsbijstandsverzekeraar, een onafhankelijk klachtondersteuner, een vertrouwenspersoon of een andere gemachtigde.

Is een hoorzitting openbaar?

Een hoorzitting is niet openbaar. Enkel het College van Toezicht/Beroep, de secretaris, partijen, gemachtigde(n) en (vooraf aangemelde) toehoorders mogen erbij aanwezig zijn.

Het College van Toezicht doet soms ‘uitspraak ter zitting’. Wat wil dat zeggen?

De voorzitter kan tijdens een hoorzitting besluiten om de zitting te schorsen voor overleg met de andere leden. Als de voorzitter van mening is dat er goede redenen zijn te willen voorkomen dat de klager en de beklaagde nog acht weken moeten wachten op de beslissing, dan kan het College haar beslissing al ter zitting uitspreken.

Wordt een maatregel tot waarschuwing openbaar gemaakt?

Een waarschuwing wordt niet openbaar gemaakt. Dit is een gangbare keuze in het tuchtrecht in de (geestelijke) gezondheidszorg en de jeugdhulp. Het heeft te maken met het verschil in karakter van, enerzijds, de waarschuwing en, anderzijds, de berisping. Een professional wordt berispt als het tuchtcollege diens handelen fout, vermijdbaar en verwijtbaar acht. Een professional krijgt een waarschuwing als het betreffende tuchtcollege diens handelen als onwenselijk en vermijdbaar, maar niet verwijtbaar bestempelt. Dat laatste geldt ook voor de professional die verwijtbaar gehandeld heeft, maar zich reflectief en leerbereid heeft getoond.

Deze aflevering is geschreven door Lennie Haarsma. Zij is opgeleid als maatschappelijk werker en jurist en werkt als coach, trainer en adviseur, zie www.haarvanhaarsma.nl.

De serie over tuchtrecht is een serie van Vakblad Sociaal Werk. Alle afleveringen die op deze website geplaatst worden, zijn eerder geplaatst in Vakblad Sociaal Werk. Meer weten over het Vakblad Sociaal Werk? Klik dan hier.

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.