Blog: Het sociaal domein van Gökmen T.

De eerste profielschets van Gökmen T. las ik maandagavond op de site van het Algemeen Dagblad, de tweede dinsdagochtend in de Volkskrant. Het zal mijn beroepsdeformatie zijn; wat me gelijk opviel was dat die ’kleine crimineel’ (Volkskrant) in die artikelen min of meer uit het niets ontstaat. Het verst terug gaat het AD dat noteert dat de man in 2007 ’van drie hoog uit een flatgebouw sprong’.

Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Piet-Hein Peeters

De vorige keer vroeg Piet-Hein zich af hoe we kunnen zorgen dat de beste sociaal werkers sociaal werkers blijven >>

Dit is geen verwijt aan de journalisten in kwestie die in korte tijd veel informatie wisten te achterhalen, maar de man die drie mensen vermoordde en vijf mensen verwondde, was in 2007 26 jaar oud. Gökmen T. leefde voor die tijd ook. Groeide op in een wereld waar we tot nu weinig van weten. In een gebroken gezin, naar verluidt een broer die op de radar stond van de AIVD, dat wel. Wellicht getogen in de kwetsbare wijk Kanaleneiland, naar school gegaan, op straat rondgehangen, psychisch labiel, verleid door de kleine criminaliteit. Ik voel mee met die professionals die deze man wellicht al kenden als tiener, hem en zijn gezin probeerden te bereiken, en zichzelf nu mogelijk kritische vragen stellen. En ik ben dan ten eerste dankbaar dat zij dit werk überhaupt doen.

Weg ermee

Er is een politieke stroming, maandag luidruchtig te horen op Twitter, die vindt dat Gökmen T. er niet had mogen zijn. Gewoon niet. Weg ermee. Met deze dader en iedere jonge man of tiener die daar enigszins op lijkt. Ze zijn niet van ‘ons’. Dat is wonderlijk naïef. Het naakte feit is dat ze er zijn, dat ze groot worden, zijn geworden, in een Nederlandse context. Op deze site hoort, zonder impliciete beschuldiging, de vraag gesteld te worden hoe voorkomen had kunnen worden dat deze man zover kwam, hoe je voorkomt dat jongens die nu kind of tiener zijn straks zo ver komen.

Urgentie

Collega Merel van Dorp startte op Zorg+Welzijn maandag een serie over het tijdig signaleren van kinderen en jongeren die op latere leeftijd op het definitief verkeerde pad belanden. Ze liet mij zien hoe ingewikkeld alleen dat signaleren al is voor professionals, laat staan dat je er als bijvoorbeeld jongerenwerker in slaagt die jongeren tijdig vooruit te helpen. Maar ook dat die inspanning noodzakelijk is, omdat je anders sowieso te laat bent. Die urgentie botst stevig met berichtgeving over bezuinigingen op sociaal werk, over de grote zorgen hoe de jeugdzorg functioneert.

Speciale kwaliteiten

Een andere collega, Jessica Maas, beschreef enige tijd geleden in Zorg+Welzijn hoe jongeren met een andere culturele achtergrond juist door die culturele context en professionele verlegenheid niet tijdig opgepikt worden. En lector Jan Dirk de Jong analyseerde in een Zorg+Welzijn interview met Karin van Lier: ’Met competenties die je tijdens je opleiding aanleert en wat werkervaring, red je het als jongerenwerker niet met zwaardere jongens. Daarvoor heb je speciale kwaliteiten nodig zoals hele aansprekende figuren uit de omgeving van dat soort jongens doorgaans hebben. Mensen naar wie ze luisteren, die ze vertrouwen en die hen begrijpen. Die bovendien door schade en schande zich een verantwoordelijkheidsgevoel eigen maakten en dat op de doelgroep kunnen overdragen.’ Ikzelf sprak enige jaren terug met Hans Boutellier, wetenschappelijk directeur van Verwey-Jonker. Die vertelde onder meer over ‘een jonge, goed gebekte moslima’ die zei dat ze ‘met professionals niet over het geloof kan praten. Die begrijpen dat niet, ze vinden het vervelend.’ Er is, zo lijkt het, nog volop werk te doen in dit deel van het sociaal domein.

Onmachtig?

Je kunt er ook anders tegenaan kijken. Je kunt ook zeggen dat je niet alle ellende in een samenleving kunt voorkomen, dat de wereld niet ’maakbaar’ en wel tragisch is. Dat er soms iemand is die door de mazen van zijn netwerk is geglipt en dan ook nog doorslaat. Ik neig daar zelf wel eens naar. Dat we af en toe onmachtig zijn. De gevolgen afgelopen maandag laten zien dat dat een antwoord is dat we soms moeten, maar niet kunnen accepteren.

1 REACTIE

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.