Registreren Waarom moet u zich registreren voor deze site? Lees meer

Achter tralies

Laat ik het nou eindelijk maar eens opbiechten. Ik heb zelf ook wel eens ‘gezeten’. In een voormalige vrouwengevangenis in Noord-Holland. Een weekend. Ook al waren het maar twee dagen, ze voelden écht als lang. Toen ik weer door de poort naar buiten mocht, bleek de wereld veranderd. Vooral omdat er anders naar mij gekeken werd.
Achter tralies

De vorige keer blogde Linda over de gevangenis als luchthaven >>
Het was de juffrouw van mijn toen nog kleuterdochter gelukt om te wachten tot het einde van de schooldag. Toen ik 's middags op het schoolplein stond te wachten, kwam ze net na de bel haastig naar buiten om me maar niet te missen. 'Goeiemiddag. Fijn je even te zien. Het is mijn zaak natuurlijk niet, maar je dochter vertelde zoiets raars vanmorgen in het kringgesprek. Klopt het dat eh... jij in het weekend in de gevangenis hebt gezeten?'

'Inderdaad.'

Lang leve de pokerface, de gestaalde perfectie van het meespelen. Ik genoot van het moment, de aarzeling tussen verbazing en afschuw op haar gezicht. Toen hielp ik haar uit de droom. Nee, ik was niet tientallen keren door rood gereden, en ook mijn belastingschuld was niet tot ongekende hoogte gestegen. Mijn verblijf achter de tralies was vrijwillig. Iedere nieuw in gebruik te nemen gevangenis draait een paar dagen met 'proefzitters' om te kijken of alles goed werkt. Van de logistiek op luchtplaats en werkplekken tot en met – ook niet onbelangrijk – de sloten op de deuren. Na afloop een 'officiële ontslagbrief' en een hand van de directeur.

Met een opgeluchte lach op het gezicht van de juf was alles weer gewoon. Voor wie écht gezeten heeft, werkt dat meestal niet zo snel. Het 'eens een dief altijd een dief'-stigma schud je niet zo snel van je af. Dat is jammer, want dat bemoeilijkt de terugkeer in de maatschappij. Begrijpen doe ik het wel een beetje, want de meesten verblijven immers niet zomaar in de gevangenis. Dan moet je eerst weer bewijzen dat je het verdient: opgenomen worden in de gemeenschap.

Waar ik meer moeite mee heb, is de oneerlijkheid achter de tralies. Wie iets misdaan heeft, krijgt straf. Maar voor de een is zo'n gevangenisstraf veel moeilijker dan de ander. Daarmee doel ik niet op persoonlijke interpretatie, maar puur op de concrete feiten. Wie veroordeeld is, moet een paar uur per dag werken. Niks mis mee, maar wie genoeg geld heeft, koopt zich vrij en laat anderen zijn sponsjes inpakken of schroeven sorteren.

Drugsgebruik is uit den boze in detentie. Om dat te bewaken, wordt er regelmatig een steekproef gehouden in de vorm van een UC (urinecontrole). Op zich prima, maar niet prima dat er voldoende gelegenheid is om plaspotjes te verwisselen. Uiteraard tegen hoge prijs; schone pis is goud waard.

Op het bezit van een (mobiele) telefoon staat een verbod. Begrijpelijk, want de mogelijke banden met 'verkeerde vrienden' buiten moet aan banden worden gelegd. Maar wie 150 euro beltegoed heeft, kan bijna de hele dag aan de lijn hangen van de openbare telefoon. En codetaal is snel gesproken. 'De eend zwemt weer laag vandaag.' Geen haan die ernaar kraait.

Met vrijheidsberoving gestraft worden is vast niet plezierig, maar wel eerlijk. Vrouwe Justitia zou er goed aan doen ook eens haar blinddoek op te lichten voor de klassenjustitie achter de tralies.

Linda van Pelt

Of registreer je om te kunnen reageren.

Zorgwelzijn is een uitgave van Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Media B.V.
Voorwaarden