Registreren Waarom moet u zich registreren voor deze site? Lees meer

Goed welzijnswerk kost tijd

Ik ga in dit laatste blog van het jaar niet terugblikken. Ik zou dan 5000 woorden nodig hebben. Onlangs had ik een gesprek over ‘ons’ welzijnswerk, over hoe het is en hoe zou het moeten. Welzijn is in ontwikkeling ten slotte. Ik zal mijn visie hierop samenvatten waarbij ik mij vooraf maar vast excuseer voor mijn botheid en soms kort door de bocht vlieg.
'Goed en sterk welzijnswerk is verankerd in buurten en wijken, zit er in de haarvaten.'
'Goed en sterk welzijnswerk is verankerd in buurten en wijken, zit er in de haarvaten.'

We hebben de afgelopen dertig jaar goed werk verricht. We waren lief en behulpzaam voor mensen. Maar we hebben er ook een zootje van gemaakt. Waar tot de jaren tachtig het welzijnswerk activistisch was, zo vroom en volgend zijn we geworden in de afgelopen dertig jaar. Toen gingen we uit van de leefwereld van burgers, vanaf de jaren tachtig zijn we in toenemende mate uitgegaan van de systeemwereld. De burger werd klant, onze hulp een product, de wijk een markt en passie werd zakelijk.

Midden jaren negentig deed de marktwerking zijn intrede. Offertes werden gemaakt op basis van wat de financier wilde en belangrijk vond, met de burger/klant aan de zijlijn. En die systeemwereld is enorm gaan uitdijen. Ik zit zelf zo'n 35 jaar in het welzijnswerk en met regelmaat ben ook ik het overzicht kwijt van organisaties, instellingen, gemeentelijke diensten die zich allemaal met diezelfde burgers bezighouden. We hebben er een janboel van gemaakt (mag u verwijzen naar een publicatie van het Nicis 'De rotonde van Hamed' en het schaamrood komt u op de kaken).

In dat hele systeemdenken heeft het wantrouwen de overhand gekregen. Kaders worden smaller, verantwoordingen ingewikkelder en kostbaarder, controlesystemen, inspecties, kwaliteitssystemen en wat niet meer. Want 'oh er zal maar iets mis gaan'. De media duiken er gretig bovenop op zoek naar de hoofdschuldige. Daar heeft een bestuurder, wethouder of burgemeester geen zin in. Dus dichttimmeren die hap. Een algemene ziekte overigens in dit land. Maar dit terzijde.

 

In plaats van samenwerken ten behoeve van burgers zijn welzijnsorganisaties in steden elkaar 'op de markt' te lijf gegaan en gunden de ander het licht in de ogen niet. Aanbesteden, aanbesteden is het adagium. Ik zeg u: lokaal welzijnswerk kun je niet aanbesteden. Goed en sterk welzijnswerk is verankerd in buurten en wijken, zit er in de haarvaten. Dat kost tijd. Organisaties van buiten die toch aanbesteden kunnen dat nooit waarmaken. Of beter: snappen het dus niet.

 

Hulp op maat, naast de hulpvrager staan en starten vanuit zijn/haar leefwereld komen in het gedrang door het offertegeweld en daarin vastgelegde methodieken, gespreksmodellen, verantwoordingsystemen en protocollen. Als de overheid maar gelukkig wordt. Moeten we zo door? Nee. En het moment om dit te kantelen is nu. Transitie Wmo, transitie Jeugdzorg, Welzijn Nieuwe Stijl, Eigen kracht, Participatie. Laten we die ontwikkelingen aangrijpen.

Door mijn beperking in woorden licht ik er één puntje uit: Eigen Kracht. Dan ook Eigen Kracht welzijnswerkers en welzijnsorganisaties. Zet hen dan ook in hun kracht. Geef ruimte in plaats van beperking. Stop dan ook met het denken vanuit wantrouwen en incidenten. Ook nu gaat het soms mis. Dat zal heus niet erger worden.

Met de transities is er ook de eenmalige kans zaken vanuit eenvoud te organiseren. Overheden, jullie kunnen daar een ongelooflijk pak geld mee besparen. Als laatste; welzijnswerk moet weer opschuiven naar de leefwereld van burgers. Die positie weer durven innemen en het – als tegenhanger van onder ander het populisme - van de daken schreeuwen wat er echt speelt.

Dik Hooimeijer

Eén reactie

  • MS Stolp

    Een stuk naar mijn hart! Dank hiervoor! Groet, Mirjam

Of registreer je om te kunnen reageren.

Zorgwelzijn is een uitgave van Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Media B.V.
Voorwaarden