Registreren Waarom moet u zich registreren voor deze site? Lees meer

Oude garde en jonge professionals

De laatste lesperiode bij Avans is gestart. Ik kijk nu al uit naar de diplomering van sociale studies bij Avans Den Bosch. Maar ik bemerk ook enige ongerustheid bij mijzelf. Zijn ze er klaar voor? Hebben ze voldoende meegekregen om zich staande te houden in een sterk veranderend werkveld? Hebben ze voldoende in hun mars om zowel de burgers, de organisatie als de gemeenten te bedienen? En niet onbelangrijk, kunnen ze kritisch reflecteren op hun vak en handelen? Leveren we daarnaast innovatieve pioniers af?
Oude garde en jonge professionals

Lees hier meer blogs van Tineke van Uden >>

Terwijl ik me dit zo af zit te vragen moet ik even terug denken aan een opmerking die Jos van der Lans onlangs maakte tijdens een bijeenkomst in Amsterdam. Na een vruchtbare middag uitwisselen met 'Eropaf' sympathisanten zei hij dat het aanwezige gezelschap toch vooral uit 'ouwe hap' bestaat. Het merendeel van wat er zat was grijs of had geverfd haar, waaronder ik zelf, de gemiddelde leeftijd lag zo zo rond de 50 jaar.

Mij is het ook opgevallen, tijdens conferenties bijvoorbeeld, dat het merendeel van de professionals al enigszins gevorderd is qua leeftijd. Toch moeten ze er zijn: jonge professionals die nieuwe werkvormen en projecten bedenken, kaders los durven laten en op een andere manier kijken naar hulpvragende burgers.

Ik vraag me af wat er de oorzaak van is dat 'wij' de betweters en oude garde, ze zo weinig zien. Heeft het te maken met onze eigenwijsheid en de behoefte onze 'deskundige' boodschap heel hard te verkondigen? Vergeten we hen actief te betrekken? Komt het omdat steeds meer jonge professionals zich meer richten op profilering binnen sociale media, vanachter beeldschermen en weblogs, in plaats van in de fysieke ontmoeting? Is de prijs die gevraagd wordt voor studiedagen en conferenties zo hoog dat het voor jonge professionals niet te betalen is? Heeft het te maken met onze manier van onderwijs waarbinnen ze geleerd hebben te consumeren in plaats van kritisch te reageren op de aangeboden stof?
Dat laatste baart me regelmatig zorgen in mijn lessen. Wanneer ik begin met een nieuwe lesgroep vraag ik ze nadrukkelijk te reageren op wat ik vertel en kritisch te zijn in wat ze aangeboden wordt. De beste manier om te komen tot een eigen stijl en oordeel is met elkaar uitwisselen en je mening bepalen door deze te toetsen aan andere opvattingen.

Zelfs na mijn verzoek en toelichting merk ik dat studenten soms mopperen, met hun ogen rollen en zuchten bij een bepaald onderwerp. Het lijkt wel of ze afgeleerd hebben kritiek te uiten en af te wijken van de gangbare opvattingen. Terwijl ze, wanneer ik ze opnieuw uitnodig te reageren, vaak zulke belangrijke zaken te melden hebben. Het lijkt wel of ze er bij voorbaat vanuit gaan dat kritiek niet mag en dat ze braaf moeten volgen wat ze aangeboden krijgen. Daar zou ik zo graag vanaf willen. Het werkveld heeft juist mensen die vastgestelde kaders ter discussie durven te stellen. En nu maar hopen dat ik hiermee jonge professionals uitdaag om meer in de openbaarheid te treden. We hebben jullie nodig.

Tineke van Uden (1965) werkte in haar gevarieerde loopbaan met jongeren in de jeugdhulpverlening zoals opvangcentra, internaat, op straat en in het sociaal cultureel werk. In het volwassenenwerk deed zij ervaring op in de vrouwenopvang en stapte daarna over naar het maatschappelijk werk. Inmiddels is zij zelfstandig onderneemster en traint en adviseert organisaties rondom outreachende hulpverlening. Daarnaast is ze parttime docent Sociale Studies ben bij Avans Hogeschool 's Hertogenbosch.

Tineke van Uden

6 reacties

  • no-profile-image

    Martijn Geraets

    Hoi Tineke,

    ik denk dat er in al je mogelijke redenen wel iets zit waarom je 'ze' zo weinig tegenkomt.

    Daarbij denk ik dat kritisch zijn (positief-kritisch graag) ook in de aard van het beestje moet zitten. Dat is vrij moeilijk, zo niet onmogelijk, aan te leren. Laat staan af te leren ;-).

    Persoonlijk heb ik een tijdje gezocht naar het 'hoe en wat' van het omzetten van mijn eigen kritiek (of positief: mogelijkheden tot verbeteren) op het werkveld naar actie.

    Binnen het Netwerk Welzijn Versterkt (landelijke pilot) lijk ik die koppeling gevonden te hebben en 'mogen' kaders losgelaten worden. Ik neem je uitdaging iig aan!




  • no-profile-image

    Maaike Knoppers

    Leuk om je blog te lezen Tineke. Als 'medeblogger' en starter in dit mooie vakgebied als gezinsvoogd merk ik dat het soms moeilijk is om op te boksen tegen de bakken ervaring van de 'oude garde'. Ik merk dat ik simpelweg minder kennis heb in mijn huidige vakgebied en dat dit ook soms onzeker maakt. Sarters moeten zich niet uit het veld laten slaan en willen leren van elkaar en 'oude rotten in het vak'. Maar ook andersom is minstens zo belangrijk!
    Kortom: misschien moeten we niet spreken over de nieuwe en oude garde maar over hulpverleners met hetzelfde doel en de liefde voor het vak.

  • no-profile-image

    Tineke van Uden

    Mooi al die reacties, dat helpt bij de zoektocht om jonge professionals een meer prominente plek te geven in het veld. Even n.a.v. wat Jacqueline zegt, mijn jobhoppen en uitgebreide CV, is toch ook vooral voortgekomen uit mijn kritische houding, (mooi beschreven door Marleen) t.a.v. wat mij aangeboden werd in de opleiding en het werkveld. Ik geloof niet dat het alleen levenservaring is wanneer ik zie waar jonge mensen mee geconfronteerd worden in hun leven. Ik ben dan ook blij met de opmerking van Chantal dat de oude garde zich, daar waar dat niet gebeurt, zich open moet stellen voor verfrissende moderne opvattingen van jonge mensen. Overigens wees Jos van der Lans me terecht op groeiprogramma van het Oranjefonds waar veel "jonkies" inzetten, dus hoop is er zeker... maar het geluid mag beter gehoord worden wat mij betreft.

  • no-profile-image

    chantal

    is heel makkelijk gezegd, dat de jonge garde mogelijk een gebrek aan levenservaring heeft.
    Er wel eens bij nagedacht dat de levenservaring van de oude garde niet past in het leven en het beeld van de huidige samenleving, en dus de jonge garde?
    De ideeen die in mijn omgeving door de jonge garde worden gegeven worden door de oude garde vaak afgedaan met; dat beeld klopt niet? Wie zegt dat het beeld van de oude garde nog klopt?
    Niet te vergeten dat de kennis en vaardigheden van de oude garde de jonge garden wel handen en voeten kan geven om hun beeld en beleving vorm te geven zodat er een passende en goedwerkende methode en denkwijze voor de nieuwe samenleving kan komen.

    Iemand uit de jonge garde

  • no-profile-image

    Marleen Kamminga

    Toch speelt de tijdgeest vast mee! In mijn socialeacademie-tijd (begin jaren 80) was eerder het omgekeerde het geval: je was het bijna per definitie niet eens met je docent, overal zetten we vraagtekens bij. Toch waren we heus niet minder bezig met onszelf, zoals Jacqueline terecht aangeeft.
    Ik kan me in de huidige tijdgeest van - even kort door de bocht gezegd - richtlijnen & regeltjes, afrekencultuur, bezuinigingen ook wel iets voorstellen bij een afwachtende houding... Hoe het ook zij: als het beeld wat Tineke schetst klopt, is de waarom-vraag een heel interessante. Zeker voor opleiders en toekomstige werkgevers!

  • no-profile-image

    jacqueline schilling

    Maar Tineke, lees nu zelf je loopbaanomschrijving eens.....je hebt inmiddels ook al wel veel gezien op basis waarvan je een visie hebt kunnen ontwikkelen. Zijn de studenten van nu niet de visie-ontwikkelaars van over 20 jaar?
    Als 45 jarige deeltijdstudent SPh zit ik met een heel stel klasgenoten van begin 20, die doorgestroomd zijn vanaf het MBO. Zij zijn nog druk bezig zichzelf, als hulpverlener en als mens, te ontdekken en verrichten daarnaast veel goed werk op hun eigen werkplek. wat me wel opvalt is dat hun blik erg op die ene plek is gericht, maar zelf denk ik dat dit vooral een kwestie van gebrek aan (levens)ervaring is en dat die blik zich vanzelf breder zal gaan richten!

Of registreer je om te kunnen reageren.

Zorgwelzijn is een uitgave van Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Media B.V.
Voorwaarden