Registreren Waarom moet u zich registreren voor deze site? Lees meer

Bewoners discussiëren over hun wijk middels interactief theater: Goede en slechte tijden in een buurtsoap

Bewoners van de tien Utrechtse wijken hebben eind 2003 flink gediscussieerd over de problemen in hun buurt. Niet met het gebruikelijke handjevol mensen op een wijkavond, maar via confronterende scènes in de buurtsoap. In de soap worden problemen op een humoristische en losse manier nagespeeld door acteurs. ‘Bewoners moeten leren dat ze zelf verantwoordelijk zijn.’

Ineke: Hee, jochie met je zwarte krullen. Ja, jij daar. Ik bedoel jou. Jij hoort hier niet…. Doe maar niet zo leip. Je weet best dat ik het tegen jou heb. Jij moet naar je eigen zandbak. Het kan me niet schelen dat jullie geen zandbak hebben, maar deze is van onze kinderen.
Gert: Rustig maar, Ineke.
Ineke: Dat doe ik niet. Het is toch een schande dat die jochies hier in onze
zandbak komen spelen…..
Gert: Ken dat kwaad dan?
Ineke: Dat weet ik niet en dat wil ik niet weten. Ze moeten uit die zandbak of ik
zal ze er persoonlijk uitzetten.
Gert: Dat jochie is nog geen vier…….
Ineke: Zie je wel, die ouders letten zelfs niet op die kinderen…
(roept weer) Hee, heb je me begrepen?
Gert: Ik geloof dat daar zijn vader aankomt…
Ineke: Ik ben niet bang…..(licht nerveus) Zeg jij er ook wat van, Gert?
(Meneer De Ramos komt op)
De Ramos: Wat roept u?
Ineke: Dat jullie je kinderen in je eigen zandbakken moeten laten spelen. Deze zandbak is van ons. Zo is het toch, Gert?
Gert staat er wat hulpeloos bij.
De Ramos: O, is het dat! Mijn Miguel heeft gespeeld met zijn vriendje Brian. Ik kom hem nu halen.
Ineke: Heel goed…
De Ramos: Bedankt voor oe gastvrijheid.
(De Ramos gaat af)
Ineke: Zo, die heeft het wel gevoeld. Die zien we niet snel terug. Zo is het toch, Gert!
Gert: Ja, zo is het.

De buurtsoap is een spraakmakende versie van bewonersavonden. Geen saaie vergaderingen meer, maar pittige discussies over problemen in de buurt aan de hand van scènes. Acteur en scenarioschrijver Bert van der Roest bedacht het concept en introduceerde het in Utrecht. De soap als methode komt oorspronkelijk uit Zuid-Amerika, waar het werd toegepast om analfabetisme aan te pakken.
In 1999 is in de Utrechtse wijk Ondiep een grootschalig onderzoek gedaan naar de problemen die er leefden onder de mensen die er wonen en werken. Er heerste in de wijk een negatieve sfeer. De omgangsnormen tussen de mensen onderling bleken ernstig verstoord. Nadat de problemen in kaart gebracht waren, is gezocht naar een manier om met de bewoners in gesprek te komen, met als doel de communicatie tussen de mensen in de buurt weer op gang te brengen. Centraal stond ook de vraag hoe de bewoners het beste bij hun buurt betrokken zouden kunnen worden. Eerdere, traditionele manieren om met buurtbewoners in contact te komen, waren mislukt. Dus werd dit keer gezocht naar een andere aanpak. Bert van der Roest werd bij het project betrokken en opperde met het idee van een buurtsoap. In samenwerking met acteursbureau Kapok en Wijkbureau Noord-West is zo de eerste buurtsoap tot stand gekomen.

Eigen verantwoordelijkheid

De buurtsoap is speciaal ontwikkeld voor wijken en buurten waarin niet goed gecommuniceerd wordt, tussen bewoners onderling of tussen de bewoners en de in de wijk opererende instanties. ‘Slechte communicatie bepaalt voor een groot deel de sfeer in een wijk; of er samenhang is of niet,’ zegt Van der Roest, die naast zijn theaterwerk actief is voor de Utrechtse PvdA en zich als voormalig jongerenwerker nog actief bezighoudt met de jeugd. In de buurtsoap worden problemen die in de wijk spelen op een humoristische en losse manier nagespeeld door acteurs. Dat houdt in dat op een avond een aantal scènes wordt gespeeld over problemen die zich in de betreffende buurt voordoen. In deze scènes gaat van alles mis. Er is bijvoorbeeld geluidsoverlast, vandalisme, of een gevoel van onveiligheid. Een scène wordt eerst in haar geheel voorgespeeld. Daarna wordt zij overgespeeld. Dan wordt de toeschouwers gevraagd ‘stop’ te roepen op het moment dat zij vinden dat een speler iets anders zou moeten doen of zeggen.
De vraag is steeds: ‘Als jij in de schoenen van de speler stond, wat zou je dan doen?’ De spelleider vraagt vervolgens aan het publiek wat er nou precies anders moet. Ook wil hij van hen weten hoe dat dan anders moet. Vervolgens wordt dat deel van de scène overgespeeld, exact zoals publiek het wil. De toeschouwers mogen ook zelf een rol spelen. Zij weten immers het beste wat er in hun wijk leeft. Ook leidt de spelleider waar nodig de discussie.
‘Tijdens discussies wordt vrijwel nooit met de vinger gewezen naar opbouwwerker, wijkagent of gemeente,’ zegt Van der Roest. ‘Er wordt van bewoner tot bewoner gesproken. Het is de bedoeling dat mensen uiteindelijk zelfvertrouwen krijgen om verantwoordelijkheid te nemen.

Daarnaast moeten ze vertrouwen in elkaar krijgen. Met de soap worden problemen uitvergroot en daardoor hou je mensen een spiegel voor. Het werkt eigenlijk heel simpel. Als mensen mopperen op de wijk, vraag ik als spelleider: “Wanneer ga je verhuizen?” “Dat doe ik niet, want elders is het nog onveiliger.” “Wat ga je er aan doen? Mensen zelf aanspreken?” vraag ik dan. “Nee, natuurlijk niet,” is vaak het antwoord. Voor een deel is dat gebaseerd op angst, maar het is ook een soort laksheid die erin geslopen is. Ik hoop dat mensen na het zien van de buurtsoap meer na gaan denken over wat zij zelf kunnen doen en dat iedereen verantwoordelijk is voor zijn omgeving. Ik heb al verschillende verhalen gehoord van mensen die na de soap in werkgroepen aan de slag zijn gegaan met bepaalde thema’s.’

Vaak blijkt dat maar een klein deel van de buurtbewoners via traditionele kanalen (vergaderingen, voorlichtings- en inspraakavonden) is te bereiken. Het laagdrempelige karakter van de buurtsoap maakt het mogelijk een grote groep bewoners actief te laten deelnemen aan het zoeken naar mogelijkheden om de leefbaarheid in de wijk te verhogen. Een buurtsoap werkt echter het best wanneer hij niet op zichzelf staat. ‘Het concept werkt het beste als er ook op andere manieren wordt gewerkt aan de buurtontwikkeling. Alleen dan kan de soap op termijn effect hebben,’ aldus Van der Roest.

Wijkraadpleging

In de wijk Ondiep deden de acteurs verschillende voorstellingen. Vanaf 1990 is de Buurtsoap ook in andere steden actief. Afgelopen najaar kwam de soap weer terug in Utrecht, door de inzet van de in 2002 gestarte wijkraden. De tien wijkraden bestaan uit een representatieve vertegenwoordiging van de bewoners van de tien wijken. De wijkraden mochten de Buurtsoap in hun wijk gebruiken met een Europese subsidie voor innovatieve programma’s om het als instrument te testen voor de zogenaamde wijkraadpleging. Van der Roest ging met de wijkraden om te tafel zitten om de problemen helder te krijgen.
Van der Roest: ‘In de tien wijken hebben we zowel dezelfde als specifieke thema’s gebruikt. De opkomst was goed en bovendien trokken we deels mensen die normaal niet bij inspraakavonden komen. In twee wijken speelde het probleem dat buurtbewoners allochtonen wantrouwen. Een gemeenschappelijk probleem was het gebrek aan vertrouwen in de lokale overheid. Andere thema’s waren het slechte imago, de aankleding van de openbare ruimte, jongerenoverlast en onveiligheidsgevoelens.’
Heleen Zijlstra, projectleider Buurtsoap van de afdeling Openbare Orde, Veiligheid en Bestuurlijke Organisatie van de gemeente Utrecht, was erg te spreken over het effect van de soap op de bewoners. ‘De buurtsoap was af en toe echt hilarisch. We hebben met z’n allen wat afgelachen. Door die ontspannen sfeer kun je veel bereiken en voelen mensen zich vrijer om hun mening te geven. Uit evaluatie van het Verwey-Jonker Instituut blijkt dat de buurtsoap geschikt is om de meningen te peilen, maar dat het minder geschikt is voor wijkraadpleging. Je kunt de buurtsoap beter specifiek inzetten als er een bepaald probleem speelt en het zal ook meer opleveren in kleinere buurtjes, waar bewoners elkaar ook allemaal kennen. Maar de manier waarop bewoners met elkaar discussieerden, was erg bijzonder.’ De gemeente zelf is niet bezig met een vervolg op de buurtsoap, want dat is volgens Zijlstra aan de wijkraden. ‘De wijkraden nemen de uitkomsten van de buurtsoap mee in hun adviezen en wijkvisies. Het heeft in ieder geval een goed beeld opgeleverd van wat er speelt in de wijk.’
Volgens Bert van der Roest zijn er momenteel gesprekken over een eventuele buurtsoap op de lokale televisie in Utrecht. ‘We zitten te denken aan een tv-serie, waar kijkers via telefoon, sms of mail dingen kunnen doorgeven die ook op een manier worden verwoord in de soap. Zo blijft het interactief en bereik je nog meer mensen.’

Ester Mijnheer

Of registreer je om te kunnen reageren.

Zorgwelzijn is een uitgave van Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Media B.V.
Voorwaarden