Registreren Waarom moet u zich registreren voor deze site? Lees meer

‘Vergeten groep’ valt toch deels buiten Wlz

Een deel van de ‘vergeten groep’ van 14.000 mensen krijgt vanaf 2017 geen toegang meer tot de Wet langdurige zorg (Wlz). Geschat wordt dat 3.000 mensen hiervan een lichamelijke beperking hebben.
ThinkstockPhotos-87131311.jpg
Geschat wordt dat 3.000 mensen uit de 'vergeten groep' een lichamelijke beperking hebben. - Foto: Thinkstock

Dit meldt Zorgvisie, vakblad voor zorgmanagers. De groep van 14.000 volwassenen en kinderen die thuis of in een kleinschalige woonvorm intensieve zorg krijgen, was in 2014 bij de zorginkoop ‘vergeten’ doordat onduidelijk was op welk stelsel ze een beroep konden doen: Wlz, Zorgverzekeringswet (ZVW), Wmo of de Jeugdwet. Nadat cliëntenorganisatie  Ieder(in) en de Vereniging Gehandicaptenzorg Nederland aan de bel hadden getrokken, heeft staatssecretaris Martin van Rijn de ‘vergeten groep’ voor 2015 en 2016 tijdelijk toegang verleend tot de Wlz. Voor 2017 bepaalt het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) wie definitief toegang krijgt. Het CIZ moet voor juli daarmee klaar zijn.

Eigen regie voeren

‘Niet iedereen die zware zorg nodig heeft, komt per definitie in de Wlz’, verklaarde Marcel de Krosse, strategisch adviseur van het CIZ, eerder in het vakblad Zorgvisie. Mensen met een zware lichamelijk handicap, die intensieve zorg nodig hebben, maar cognitief prima functioneren horen volgens het CIZ niet thuis in de Wlz omdat zij in staat om de eigen regie te voeren. Daarnaast vallen jonge kinderen met een complexe problematiek buiten de boot, omdat niet duidelijk is of hun beperkingen levenslang zijn. Ieder(in) schat, op basis van de afwijzingscijfers van april, dat in totaal circa 3.000 van de 14.000 niet zullen worden toegelaten tot de Wlz. Zij zullen voortaan een beroep moeten doen op de ZVW.

Minder flexibel pgb

Het ZVW-regime geeft gehandicapten volgens Ieder(in) veel onzekerheid, omdat indicaties variëren in looptijd van 1 tot 5 jaar. Bovendien is het lastiger om in de ZVW een pgb aan te vragen en kan het pgb vaak minder flexibel worden ingezet. Regelingen verschillen vaak per verzekeraar en verzekeraars mogen elk jaar de regelingen en de tarieven veranderen. Daarnaast krijgen ze vaak met een extra loket te maken, omdat ze voor begeleiding en huishoudelijke hulp bij de gemeenten moet zijn.

Geen plafond voor uren zorg

Tegenover de nadelen staan weliswaar voordelen. Zo zijn er in de ZVW, anders dan in de Wlz,  geen eigen bijdragen en geldt er geen plafond voor het aantal uren zorg. Maar die wegen volgens Illya Soffer, directeur Ieder(in), niet op tegen de nadelen, vertelt zij aan Zorgvisie: ‘Bij de invoering van de Wlz is het nooit de bedoeling geweest, dat mensen die levenslang intensieve zorg nodig hebben – maar zelf regie kunnen voeren – erbuiten vallen. Dat gebeurt nu wel en daar moet zo snel mogelijk een oplossing voor komen.’

Alsnog toegang

Als het aan Ieder(in) ligt, dan krijgen deze mensen alsnog toegang te geven tot de Wlz. Soffer: ‘De Wlz is een stabielere omgeving, waarbij mensen niet afhankelijk zijn van allerlei private partijen, zoals verzekeraars, of verschillen tussen gemeenten. Je hebt een langlopende indicatie en je hebt slechts met één loket te maken. Voor mensen die  meer dan 25 uur zorg per week nodig hebben, is dit uitermate belangrijk. Mocht de politiek ervoor  kiezen om de huidige strenge toegangscriteria voor de Wlz te handhaven, dan moeten – zo snel mogelijk – de regelingen waar deze groep dan terecht komt, voor hen passend worden gemaakt. De ZVW zal veel meer zekerheid en mogelijkheden voor eigen regie moeten gaan bieden. Dat betekent onder meer langlopende indicaties van ten minste  vijf jaar, het pgb als recht  voor niet-planbare en planbare zorg en geen tussentijdse  wijzigingen van tarieven en voorwaarden. Verder zal ook de Wmo passend gemaakt moeten worden. Het mag bijvoorbeeld niet afhankelijk zijn van de gemeente waar je woont of je wel of niet een pgb kunt krijgen.’

Reactie zorgverzekeraars

Zorgverzekeraars Nederland laat in een reactie weten dat het onderscheid tussen de ZVW en de Wlz bijzonder klein is als het gaat om de zorgzwaarte, organisatie en levering van de zorg voor mensen die thuis wonen. ‘Het is de vraag of dit onderscheid in de praktijk altijd helder is voor iedereen. En of het logisch is om bijna vergelijkbare zorg zowel in de Wlz als in de ZVW onder te brengen’, zegt een ZN-woordvoerder. Verder wijst ZN op het verschijnsel dat mensen op grond van financiële overwegingen, en niet op zorginhoudelijke gronden, kiest voor de ZVW. ‘De wetgever heeft de keuze gemaakt om een eigen bijdrage te vragen binnen de Wlz. De wetgever heeft ook de keuze gemaakt om de wijkverpleging uit te zonderen van het eigen risico. Ook op dit punt hebben wij al eerder aangegeven dat als gevolg van dit soms forse onderscheid mensen vanwege financiële overwegingen mogelijk een andere keuze maken. De vraag is of dit altijd wenselijk is.’

Rhijja Jansen

Gerelateerde tags

Of registreer je om te kunnen reageren.

Zorgwelzijn is een uitgave van Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Media B.V.
Voorwaarden