Jeugdcommissaris Steven van Eijck: ‘Jeugdhulpverleners vechten tegen de bierkaai’

De wethouder moet ‘hangen’ bij een gezinsdrama of anderszins falen van de jeugdzorg. Bureau Jeugdzorg gaat bijna helemaal op in de Centra voor Jeugd en Gezin ‘om de hoek’. Een minister voor Jeugd zorgt voor overgang van de verantwoordelijkheden van de provincies naar de gemeente. ‘Het systeem moet óm’, zegt jeugdcommissaris Steven van Eijck, die eind april zijn Sturingsadvies voor de jeugdzorg aan het kabinet heeft voorgelegd.

Door Carolien Stam – Hij heeft zich verschrikkelijk

geërgerd aan de Haagse debatten en ad hoc besluiten die elk gezinsdrama weer

teweeg bracht. Steven van Eijck vindt dat discussies over het falen van de

jeugdzorg niet in Den Haag thuis horen:

‘Die gáán er niet over en het leidt alleen maar tot nog meer regels en

protocollen. De wethouder moet verantwoordelijk zijn, hij moet hangen als er

weer een meisje van Nulde wordt gevonden. Hij zit dichtbij de ouders en het

kind, hij moet er op toezien dat alle informatie bij de juiste instanties

terecht komt en alle betrokken partijen om de tafel zitten.’

Een ‘Ambitiedocument’ noemt Steven van Eijck zijn sturingsadvies zelf. Er

worden piketpalen geslagen en aanbevelingen gedaan voor een geheel nieuwe

verantwoordelijkheidsstructuur. De financiële onderbouwing komt over enkele

weken. De strategie is de politiek eerst te committeren aan het advies om

vervolgens de financiële gevolgen te presenteren. Als kabinet en Tweede Kamer

het advies overnemen, komt er een minister voor Jeugd die vijf jaar de tijd

heeft om het sturingsadvies uit te voeren.

‘Een coördinerend minister van een van de ministeries is onvoldoende,’

verklaart Van Eijck zijn keuze voor een aparte jeugdminister. ‘Die heeft niet

het mandaat en niet de middelen om het nieuwe jeugdbeleid te implementeren.’ De

wethouders voor jeugdbeleid in de gemeente worden eerste en enige

verantwoordelijke. ‘Een man of vrouw met naam en rugnummer, die je kunt bellen

als je kind in de knel zit.’

Sturingsadvies

Ruim drie jaar geleden is na herhaaldelijke blunders in de jeugdzorg de

Operatie-Jong door het kabinet ingesteld. Jeugdcommissaris Steven van Eijck werd

aangesteld om ‘Samenhang in het jeugdbeleid tot stand te brengen, knelpunten op

te sporen en aan te pakken en de onderlinge samenwerking in de jeugdzorg te

verbeteren’.

Na drie jaar onderzoek en veel praten met ‘het veld’, heeft Van Eijck op 26

april zijn ‘Sturingsadvies’ gepresenteerd. Dit testament voor een beter

jeugdbeleid telt vijfentwintig aanbevelingen, zowel op uitvoerend als op

bestuurlijk gebied. Bestuurlijk moet de verantwoordelijkheid voor het

jeugdbeleid komen te liggen bij de gemeente, en wel bij de wethouder jeugd.

Van Eijck stelt een clustering van taken

voor in opvoeding en gezondheid, vrije tijd en opvang, jeugdbescherming en veiligheid.

In het eerste cluster krijgen de nieuwe Centra voor Jeugd en Gezin een centrale rol. Daar

kunnen ouders en kinderen niet alleen met vragen terecht,

maar ook indicatiestelling en hulpverlening zitten er bij

elkaar.

De Bureaus Jeugdzorg zien zo het grootste deel van hun taken – en hun

personeel – verhuizen naar de centra die ‘om de hoek’, dichtbij de ouders en

kinderen, zullen verrijzen. Specialistische hulpverlening blijft regionaal

georganiseerd, evenals de jeugdbescherming en jeugdreclassering.

Het Centrum voor Jeugd en Gezin gaat de spil vormen voor opvoeding,

preventie, indicatie en hulpverlening. Wordt dit nu het loket dat Bureau

Jeugdzorg had moeten zijn?‘De professionals komen er bij elkaar. Dat gebeurt

nu ook steeds meer. Er zijn al veel van dit soort initiatieven, vooral in

grote gemeenten, waar professionals een fysieke omgeving zoeken in de wijk om bureau

te houden en met elkaar te communiceren. Dat werkt prima. De functies die nu

bij Bjz zitten verhuizen inderdaad voor een belangrijk deel naar de Centra voor

Jeugd en Gezin. Bureau Jeugdzorg wordt veel belangrijker, die zitten straks om de

hoek.’

Jarenlang hield men – en ook u – vol dat de wachtlijsten wel over

zouden gaan als Bjz maar efficiënter ging werken. Uiteindelijk blijkt het vooral

ook een capaciteitsprobleem.‘Op dit moment heeft één Bureau Jeugdzorg

te maken met vijftig of honderd verschillende financieringsstromen, die allemaal

verantwoord moeten worden. Door financieringsstromen te bundelen, ben je veel

administratieve last kwijt. Dat schept ruimte voor de beroepskracht, die kan

meer tijd aan het kind besteden.’

‘Ik denk dat met de gemeentelijke verantwoordelijkheid, ook scherper wordt

ingekocht. De wethouder gaat kijken wat hij nodig heeft. Als je een goed product

biedt, doe je het goed als instelling. Nu krijg je geld als je lange

wachtlijsten hebt. Dat is toch zot. We financieren de wachtlijsten en daarmee

ook de bureaucratie.’

In zijn sturingsadvies brengt Van Eijck een duidelijke

splitsing aan tussen jeugdzorg en jeugdbescherming. ‘Moet je ouders die advies

en hulp bij de opvoeding willen naar hetzelfde bureau sturen dat je kind afpakt

als het uit de hand dreigt te lopen? Zo zien ouders dat wel. Dus moet je dat

scheiden. Kom je voor advies of lichte hulp, ga je naar het Centrum voor Jeugd

en Gezin. Heb je specialistische hulp nodig, kunnen ze je daar doorsturen.

Komt het kind in een ondertoezichtstelling terecht of een justitieel

traject, dan verlaat het ’t Centrum voor Jeugd en Gezin.’

De provincies gaan de jeugdzorg inleveren aan de gemeenten. Is de

huidige provinciale verantwoordelijkheid een wanconstructie?‘Het

werkt niet. Het schept gelaagdheid, bureaucratie en is veel te ver van de ouders

en het kind georganiseerd. Maar de gemeenten kunnen die verantwoordelijkheid

niet in één keer overnemen. Dat moet geleidelijk. De minister van Jeugd gaat dat

begeleiden en als de verantwoordelijkheid overgeheveld is kan de minister weer

opgeheven worden.’

Kunnen we dan ook de Wet op de jeugdzorg afschaffen? De huidige

staatssecretaris heeft die wet ingevoerd.‘Nou nee…. Wetsaanpassingen

brengen veel onrust teweeg en duren lang. Ik ben niet van de politiek, ik kijk

wat mogelijk is en dan zie ik dat er binnen de huidige wet- en regelgeving

stappen gezet kunnen worden die een onomkeerbaar proces in gang zetten om de

verantwoordelijkheid voor jeugdzorg naar de wethouder te brengen. Dat betekent

feitelijk dat er over vijf jaar geen taken meer zijn op dat gebied voor de

provincies, ja.’

In uw aanbevelingen staat: ‘de Wmo kan een wettelijk kader bieden om de

gemeente de regie voor jeugdzorg te geven’. Dan omzeilt u toch de Wet op de

jeugdzorg?Hij glimlacht veelbetekenend. ‘In de Tweede Kamer is

afgesproken dat die wet binnen nu en een jaar geëvalueerd wordt. Dan wordt ook

specifiek naar de rol van de provincies gekeken. Dat wil ik niet doorkruisen,

laten we afwachten wat daar uit komt. Het is niet nodig nu die Wet op de

jeugdzorg naar de schroothoop te brengen.’ ‘Leuk hè, zo’n minister voor jeugd,’

laat Van Eijck zich in zijn enthousiasme ontvallen.

Niks voor u?‘Ik geloof dat je lid van een politieke partij

moet zijn, dat ben ik niet,’ redt hij zich eruit.

Komt uw advies tegemoet aan de ruimte die professionals in de jeugdzorg

opeisen? Zij lopen aan tegen muren van onmacht en onmogelijkheden om een kind

adequaat te helpen.‘Zeker.’ Dan als door een wesp gestoken: ‘Ik heb me

verbaasd over hoe die mensen het uithouden. Ze vechten tegen de bierkaai! Ze

zijn veel te lijdzaam, ik snap niet waarom er geen massale staking is

uitgebroken. Maar zij maken telkens de afweging: “Ik kan een hoop tumult maken

of de energie beter aan het kind besteden”. Dat is waarschijnlijk de reden dat

het systeem nog een beetje heeft gefunctioneerd.

‘Als er iets gebeurt in de hulpverlening moeten die hulpverleners

geraadpleegd worden. Zíj gaan over het kind. De wethouder maakt een beleidsplan,

verzamelt de informatie, zorgt voor de regie tussen de schakels. Als het fout

gaat kunnen vader en moeder naar de wethouder gaan en zeggen: “Luister, mijn

Pietje heeft geen diploma en valt uit school. Zorg voor een vervolgopleiding of

voor een baan.”’

‘Als de eindverantwoordelijkheid bij die wethouder

ligt, wordt de verkokering doorbroken en kan de professional veel meer het

vertrouwen krijgen. Zij kunnen elkaar aanspreken op hun acties en op afspraken

die ze met elkaar maken over dat gezin. Dat vergt niet een enorme

cultuurverandering, ik denk dat de beroepskrachten dat best willen, zij stellen

namelijk het belang van het kind centraal.’

Lees ook:
href=”https://www.zorgwelzijn.nl/portal/zorgwelzijn.portal/enc/_nfpb/true/tsge_portlet_zw_news1_1_actionOverride/___2Fportlets___2Fts___2Fge___2Fnews1___2Fcontent___2FshowDetailsList/_windowLabel/tsge_portlet_zw_news1_1/tsge_portlet_zw_news1_1channel/5601/tsge_portlet_zw_news1_1id/56121/_desktopLabel/zorgwelzijn/_pageLabel/tsge_page_nieuws/index.html”>Provincies

over jeugdzorgadvies: ‘Kinderen worden niet beter geholpen’
en
href=”https://www.zorgwelzijn.nl/portal/zorgwelzijn.portal/enc/_nfpb/true/tsge_portlet_zw_news1_1_actionOverride/___2Fportlets___2Fts___2Fge___2Fnews1___2Fcontent___2FshowDetailsList/_windowLabel/tsge_portlet_zw_news1_1/tsge_portlet_zw_news1_1channel/5601/tsge_portlet_zw_news1_1id/56037/_desktopLabel/zorgwelzijn/_pageLabel/tsge_page_nieuws/index.html”>13

miljoen voor probleemgezinnen
Links: Ministerie van VWS,
href=”http://www.minvws.nl/nieuwsberichten/djb/2006/extra-geld-voor-hulp-aan-probleemgezinnen.asp”

target=_blank>Extra geld voor hulp aan probleemgezinnen
, Operatie Jong,
class=””

href=”http://operatie-jong.nl/cms/index.php?option=com_content&task=view&id=169&Itemid=1″

target=_blank>Sturingsadvies Steven van Eijck: Koersen op het kind
,

Inter Provinciaal Overleg,
href=”http://www.ipo.nl/templates/?ipoalgemeen=110&node=118&subnode=112&yearweek=2006-17&item=12644″

target=_blank>JONG-advies brengt jeugdzorg terug bij af

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.