Blog: Transformeren begint bij jezelf

Het was een prachtidee: de staat primair verantwoordelijk maken voor het welzijn van alle burgers. Het gaf ons de ruimte voor individuele ontwikkeling. Hulp kreeg je van de staat en daar had je recht op. In de jaren ’90 bleken de kosten echter onbeheersbaar. Er waren ook andere scheuren in het ideaal. We gingen steeds minder ‘normaal’ vinden. Elke afwijking kreeg zijn eigen specialist, waardoor de samenhang uit beeld raakte. Mensen kwamen steeds vaker buiten de samenleving te staan. Uiteindelijk leidde kostenbeheersing tot meer bureaucratie en konden juist kwetsbare mensen de weg naar hulp niet meer vinden.

Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Karin Geschiere is blogger bij Zorg+Welzijn

Het failliet van de verzorgingsstaat gaf de noodzaak om het anders te doen. Wim Kok gaf ons perspectief met de participatiesamenleving- of inclusieve samenleving-, waarin iedereen naar eigen kunnen mee kan doen, regie kan voeren over zijn of haar leven en (mede-) verantwoordelijkheid neemt voor zijn of haar omgeving.  Het plaatste ‘de samenleving’ naast ‘het individu’ van de verzorgingsstaat.

Gelijkwaardig handelen

Dat vraagt wel om onze aanpassing. We zijn in de loop der tijd handelingsverlegen geworden en een naaste om hulp vragen doen we ook liever niet. Voor mij persoonlijk blijkt cruciaal of ik degene die mij hulp geeft ervaar als iemand die naast mij staat. Iemand die weliswaar mijn meerdere is op het vlak waar ik hulp vraag, maar die toch gelijkwaardig is en mij in mijn waarde laat. Ik zie gelukkig steeds meer hulpverleners die uit hun reddersrol stappen en naast de hulpvrager gaan staan.

Wilskracht

Het realiseren van de inclusieve samenleving is dus een pittige opgave voor gemeenten. Vooral ook omdat er veel spelers in het sociaal domein zijn, die lang niet allemaal willen veranderen. Omdat ze de noodzaak niet zien, omdat het perspectief niet voldoende lonkt, omdat ze een ander perspectief zien, omdat ze menen dat vooral de ander moet transformeren of omdat er persoonlijke, organisatorische of politieke belangen zijn om het oude patroon in stand te willen houden. Veel gemeenten hebben hun handen vol met ‘partners in de veranderstand krijgen’.

Inclusieve samenleving vraagt een andere overheid

Volgens de evaluaties van  ‘Jeugdwet’ en ’WMO 2015’ is in veel gemeenten nog geen sprake van transformeren.  Maar er zijn ook gemeentes waar het wel goed gaat. Wat maakt hen succesvol?, vroeg ik een tiental vertegenwoordigers van (sociale) wijk- en buurtteams in het land.  Wat blijkt: succesvolle gemeenten beseffen dat een inclusieve samenleving een andere overheid vraagt. Eén die niet op afstand reguleert en controleert, níet op de stoel van de zorgprofessional gaat zitten, níet vanuit de ivoren toren voorschrijft wat moet gebeuren.  Maar een overheid die integraal richting geeft, ruimte laat én dichtbij blijft om het verschil te kunnen maken.  Zo’n gemeente:

  • transformeert zichzelf en geeft daarmee het voorbeeld;
  • draagt breed eigenaarschap (politiek, beleid en bedrijfsvoering);
  • positioneert zich naast i.p.v. boven bewoners en partners
  • én toont leiderschap door het nieuwe te positioneren, te faciliteren en disfunctionele processen bespreekbaar te maken.

Transformeren begint bij jezelf

Wat voor de gemeente geldt, geldt voor ons allen. Laten we de dialoog voeren en er samen iets moois van maken. In hoeverre ben jij aangepast aan de veranderende omgeving? Hoe kan jij van betekenis blijven? Welke belangen of gedragspatronen remmen jou af in de transformatie? Welk ander perspectief kan jij innemen om mee te bewegen?

Dit is de 1e blog uit een serie van vijf. De volgende blogs zoomen in op de vier succesfactoren.

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.