Registreren Waarom moet u zich registreren voor deze site? Lees meer

Een wereld te winnen

In Zoetermeer en Den Haag zijn de colleges van B&W gevormd en de collegeprogramma’s bekend. In het bijzonder in Den Haag is de bezuiniging op het welzijnswerk stevig. In 2011 10 procent met de ‘kaasschaafmethode’ en de daaropvolgende vier jaar ook nog eens zo’n 10 procent. Na de zomer wordt bekend hoe men die tweede 10 procent gaat invullen.
Een wereld te winnen

Lees hier meer blogs van Dik Hooimeijer >>

Feitelijk moet hierbij ook nog het niet toekennen van de trend 2009 en 2010 door de gemeente worden opgeteld. Het gaat dan al gauw totaal over zo’n 25 procent. Dat is buitengewoon veel. Ik weet dat in vrijwel alle gemeenten in Nederland wordt bezuinigd op het welzijnswerk. En in vele gemeenten ook heel stevig.

Ik kan er van alles over zeggen maar wil mij hier beperken tot twee opmerkingen.
Op de eerste plaats denk ik dat wij als sector de hand in eigen boezem moeten steken. Nog steeds lukt het ons niet om het lokale welzijnswerk sterk op de kaart te krijgen. Er is toenemende werkloosheid, toenemende armoede, toenemende tweedeling in de samenleving, schooluitval, taalachterstanden, krachtwijken, jongerenoverlast, vergrijzing met toenemende eenzaamheid onder ouderen enzovoort. Allemaal zaken waar onze welzijnswerkers dagelijks mee bezig zijn.

En met de economische crisis en de landelijke bezuinigingen in het vooruitzicht, zullen deze problemen alleen maar toenemen. Zeker de komende vier jaar. Het lijkt zo logisch om juist het maatschappelijk vangnet in tact te laten of zelfs te versterken. In Den Haag zijn politici van mening dat een aantal taken ook door vrijwilligers (wij werken al met vele honderden) kan worden gedaan. Daaruit zou je kunnen concluderen dat men het agogisch werk niet altijd als een ‘vakwerk’ beschouwt. Waarom een architect inhuren; iedereen kan toch een huis tekenen? Zoiets.

Daar hebben wij als sector, inclusief de opleidingen, nog een wereld te winnen. Maar ook zullen wij nog lang en hard moeten werken om duidelijk te maken dat het lokale welzijnswerk onmisbaar is voor burgers, buurten en wijken. Dat de sector wel degelijk het verschil kan maken. Dat is echt mijn overtuiging en dus ben ik als bestuurder nog lang niet geslaagd!

Mijn tweede opmerking betreft de klanten die wij bedienen. Het grootste deel daarvan zit maatschappelijk aan de onderkant. Soms de rafelige kant. Voor deze groep zijn laagdrempelige wijkvoorzieningen, maatschappelijk werkers, buurtconsulenten, jongerenwerkers, kinderwerkers, ouderenadviseurs, informatiebalies e.d. van groot belang. Wat men nu tijdens de landelijke verkiezingen ook roept, neem van mij aan dat deze burgers er nog verder op achteruit zal gaan. Vooral zij zullen dan ook de korting op het welzijnswerk extra voelen. En ik vind dit triest. Ook voor het opkomen voor hún belangen ben ik als bestuurder dus nog lang niet geslaagd!

Dik Hooimeijer (1954) is lid van de raad van bestuur van Stichting MOOI, een welzijnsorganisatie in Den Haag, Zoetermeer en omstreken. Binnen de organisatie heeft hij Marketing & Innovatie als aandachtsgebied. Sinds 1975 is hij werkzaam in de welzijnssector. Hij noemt zichzelf een absoluut welzijnsdier, maar is ook een oprecht criticaster. Naar zijn oordeel is het welzijn te weinig innovatief en speelt het niet altijd in op de tijdgeest.

Dik Hooimeijer

Gerelateerde tags

Of registreer je om te kunnen reageren.

Zorgwelzijn is een uitgave van Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Media B.V.
Voorwaarden