Registreren Waarom moet u zich registreren voor deze site? Lees meer

Weinig verbetering in de jeugdhulp

Tweede Kamerleden praten vandaag met de ministers van Volksgezondheid, Welzijn & Sport en Veiligheid & Justitie over de jeugdhulp. Om hen daarop voor te bereiden, schrijven vier brancheorganisaties voor jeugdhulp hen welke dringende maatregelen op korte termijn nodig zijn. ‘Twee jaar na de decentralisaties zien we helaas nog maar weinig verbetering.’
1-jeugdhulp-gaat-nog-niet-goed.jpg
‘Twee jaar na de decentralisaties zien we helaas nog maar weinig verbetering in de jeugdhulp.’ Dat stellen vier brancheorganisaties in een brief aan de Tweede Kamer.

De brief is opgesteld door Jeugdzorg Nederland, GGZ Nederland, Vereniging Gehandicaptenzorg Nederland (VGN) en de Vereniging Orthopedagogische BehandelCentra (VOBC). Zij stellen: ‘We zijn nu ruim twee jaar na de decentralisatie die verbetering moest brengen voor de jeugdhulp. De hulp zou integraal worden, toegankelijk en dicht bij het kind. Meer preventie, slimmere samenwerking en een einde aan verkokering en perverse prikkels omdat alle jeugdhulpvormen nu onder één opdrachtgever vallen: de gemeente. Van dat ideaal zien we twee jaar na de decentralisatie helaas nog te weinig terug.’

Randzaken

Wel zien de brancheorganisaties dat er gestuurd wordt op systemen, geld en controle. ‘Te veel tijd en energie, en dus ook geld, gaan naar randzaken. Naar regio’s die uit elkaar vallen, naar bureaucratie en naar foute verwijzingen. De beoogde verandering blijft veelal achter en dat baart ons grote zorgen.’

Kloof tussen werkelijkheden

Ze stellen overigens duidelijk dat de hoofdboodschap van hun brief niet is dat gemeenten alles fout doen, er gaat ook veel goed. Dat neemt echter niet weg dat er een ‘groter wordende kloof is tussen de werkelijkheid aan de landelijke overlegtafels en de werkelijkheid in de regio’s, waar onze leden nog steeds tegen talloze knelpunten aanlopen’.

Het knelt in de toegang tot de jeugdhulp. Dat concludeert de Monitor Transitie Jeugd in haar jaarrapportage 2016. Ouders weten niet waar ze terecht kunnen met hun hulpvraag, benodigde hulp wordt niet op tijd ingezet en er is een gebrek aan passende hulp. Lees meer>>

Wijkteams

Voorafgaand aan de transities, was de gedachte dat wijkteams moesten gaan zorgen voor vroegtijdige, deskundige jeugdhulp en maatwerk. Daarnaast moest er specialistische hulp beschikbaar zijn voor wie dat nodig heeft. ‘Helaas werkt de praktijk te vaak anders. De Kinderombudsman constateerde onlangs dat veel hulpzoekende kinderen op de verkeerde plek terecht komen of veel te lang op de juiste hulp moeten wachten. Er is op korte termijn een verbeterslag nodig in het functioneren van de wijkteams: specifieke expertise op het gebied van jeugdhulp is vaak onvoldoende geborgd.’

Samenwerking

Ook de samenwerking tussen de 42 jeugdhulpregio’s is volgens de brancheverenigingen nog onvoldoende, terwijl deze samenwerking nodig is om specialistische jeugdhulp te realiseren. ‘Bovenregionale afspraken tussen jeugdhulpregio’s, onmisbaar om juist de specialistische jeugdhulpfuncties te behouden voor de infrastructuur voor de jeugdhulp, komen nog niet of moeizaam tot stand.’

Administratie

Daarnaast groeit de administratieve last voor professionals in de jeugdzorg. Dit kmt met name omdat veel gemeenten eigen spelregels blijven hanteren die allerlei eisen toevoegen aan de standaarden. ‘Zorgorganisaties, individuele hulpverleners én ambtenaren raken het spoor bijster en de kosten lopen inmiddels de spuigaten uit’, aldus de brancheorganisaties. ‘De grote diversiteit aan informatieverzoeken via vaak nog niet werkende systemen die vanuit diverse gemeenten naar de zorgaanbieders gaat, moet echt drastisch worden verminderd. Van sommige aanbieders in de jeugd-ggz horen wij dat zo’n 35 procent van de uitgaven voor jeugdhulp opgaan aan overhead.’

Aanbestedingen

Echte verandering van de jeugdhulp vraagt volgens de brancheorganisaties om samenwerking en ruimte voor (bij)scholing, om onderzoek, nieuwe werkwijzen en kwaliteitsverbetering. ‘Maar in de regio’s waar de gesprekken tussen aanbieders en gemeenten op gang komen, vallen ze nu (langdurig) stil vanwege de start van de nieuwe aanbestedingstrajecten voor 2018. Daarbij lijkt het echter vooral om de laagste prijs te gaan en is er in de praktijk nauwelijks ruimte om te investeren in innovatie. Een race to the bottom dreigt, waarbij tarieven zo laag worden dat de kwaliteit van de zorg eronder lijdt. Wij willen goede zorg leveren: daarbij hoort een fair tarief. Aanbestedingen leiden tot een focus op de laagte prijs in plaats van tot echte vernieuwing van de jeugdhulp.’

Maatregelen

Om te zorgen voor een verbeterslag, zijn volgens de bracheorganisaties de volgende maatregelen nodig:

  • Rijk en gemeenten moeten investeren in de kwaliteit en beschikbaarheid van multidisciplinaire wijkteams, waarin zowel nulde- als eerstelijnsondersteuning is geïntegreerd. Landelijke minimumeisen, vergelijkbaar met het Basispakket Jeugdgezondheidszorg, kunnen hieraan bijdragen.
  • Vanuit de stelselverantwoordelijk van het Rijk moet actief worden bevorderd dat de jeugdhulpregio’s (en regionale samenwerking) in stand blijven. Vanuit de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) dient samenwerking binnen regio’s te worden gestimuleerd. Slecht functionerende jeugdhulpregio’s moeten bestuurlijk worden aangesproken. Daarnaast moet actiever worden gestuurd op het tot stand komen van afspraken tussen jeugdhulpregio’s ten behoeve van het behoud van (bovenregionale) specialistische jeugdhulpfuncties.
  • Op het vlak van aanbesteden moeten Rijk en VNG op zo kort mogelijk termijn duidelijkheid bieden over ‘aanbestedingsvrije’ opties die er zijn voor gemeenten en aanbieders. In het belang van behoud van kwaliteit en ruimte voor doorontwikkeling en innovatie is een partnership tussen aanbieders en gemeenten, waarbij ruimte is voor meerjarige flexibele contracten, noodzakelijk.
  • Het gebruik door gemeenten van standaarden voor inkoop, facturatie en verantwoording moeten wettelijk verplicht worden gesteld, maar vooruitlopend op wetgeving ook alvast zo veel mogelijk gestimuleerd worden.

Lees hier de hele brief die de brancheorganisaties naar de Tweede Kamer stuurden.

Sophie van Hogendorp

Of registreer je om te kunnen reageren.