Transformatie

Verward gedrag
Oude mevrouw kijkt door jaloezieën naar buiten

‘Sociaal werkers houden frustraties te vaak binnen, zeker bij verward gedrag’

Cliënten of collega's direct aanspreken bij verward gedrag doen veel sociaal werkers liever niet. Maar het moet wel, anders kan hulpverlening het herstelproces belemmeren. Hoe je de confrontatie aangaat en waarom je de 'Hoe gaat het?' vraag beter vermijdt legt onderzoeker Jessy Berkvens uit.
Dementie
Portretfoto Hans Alderliesten (1)

Column: ‘Ze zeggen dat ik dementie heb’

Dat Westlanders niet op hun mondje zijn gevallen, ziet senior adviseur/onderzoeker bij Movisie Hans Alderliesten als hij meekijkt met een groep Westlanders met dementie. Vroeg opstaan, hard werken, niet zeuren maar aanpakken; het kenmerkt ook deze mensen, ondanks hun leeftijd, ondanks de aandoening.
Participatie

WIJ SAMEN ‘Werken aan een wijk waarin iedereen meetelt en meedoet’

Bouwen aan een wijk waarin mensen hulp krijgen bij het aanpakken van hun problemen en het najagen van hun dromen. Dat is het doel van Gerlinda Robbertsen van diaconale stichting Goud van Noord en Ester Ruijg van wijkteam Het Oude Noorden.
Wmo

COLUMN Wat werkt er precies?

In een interview over ouderenzorg bekritiseert de Rotterdamse hoogleraar Robbert Huijsman de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG). Die schrijft niks voor en laat alleen maar inspirerende voorbeelden zien, zodat gemeenten van elkaar kunnen leren.
Participatie

BINNENKIJKEN ‘Onkruid bestaat niet, dat is door de mensen bedacht’

'Onkruid bestaat niet, dat is door de mensen bedacht', roept een van de mannen op de foto als hij met zijn collega's in de bosjes naast de tramrails het onkruid aan het wieden is.

EDITORIAL Trauma of ‘gewoon’ erg?

'Ieder mens maakt vervelende of schokkende dingen mee. Dit hoeft niet tot een trauma te leiden. Wel gebruiken we steeds vaker de term trauma om dergelijke situaties te omschrijven. Door het gemakkelijke en overdadige gebruik ervan door leken is het begrip trauma verwaterd.'
Ervaringsdeskundig

COLUMN Plekje

'Levend verlies', heet de podcast waarnaar ik luister. Het is een term waar ik een ambivalente relatie mee heb. Ja, ik ervaar regelmatig gevoelens van verlies en misschien zelfs rouw over Yaëls beperkingen, maar ik kan niet naar haar kijken in termen van verlies.
Jeugdhulp

HOOFDPIJNCLIËNT ‘Niemand die aan deze jongen vroeg hoe hij er tegenaan…

Als vertrouwenspersoon in de jeugdzorg is Walter de Jonge al best wat gaten in de hulp tegengekomen. Maar als hij in de crisisopvang voor jongeren met Guido, 15 jaar, praat over zijn situatie, staat hij versteld van het gebrek aan inzicht van hulpverleners.
Participatie

ZO KAN HET OOK ‘De gemeente snapt dat onze aanpak werkt’

'Ik werk op mijn eigen manier. Natuurlijk, ik ben opgeleid tot persoonlijk begeleider. Maar zo zie ik mezelf niet hoor. Ik ben gewoon Petra', zegt Petra Derogee, coach van vrijwilligers en bezoekers bij De Oude Bieb.
Ervaringsdeskundig

HET RUGZAKJE ‘Juist dat zwijgen was heel bedreigend’

De door de oorlog getraumatiseerde Joodse vader van Catherine Keyl (75) was naar haar zeer veeleisend en kritisch. Het maakte haar ambitieus en succesvol. Maar ook ongelukkig. 'Er was altijd een stem die zei: je bent niks en je kan niks en niemand vindt je leuk.'

Over transformatie

Van transitie naar transformatie

Gemeenten zijn vanaf 1 januari 2015 verantwoordelijk voor de uitvoering van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo), de Jeugdwet en de Participatiewet. Het idee is dat gemeenten deze wetten met minder bureaucratie en goedkoper kunnen uitvoeren dan het rijk omdat ze dichter bij de inwoners zitten. De transitie van de taken is inmiddels achter de rug, maar hoe staat het met de transformatie?

Lees meer

Op 1 januari 2015 is de decentralisatie van start gegaan. Vanaf dat moment werden gemeenten verantwoordelijk voor jeugdzorg, werk en inkomen en zorg aan langdurig zieken en ouderen. Een deel van deze taken hebben de gemeenten overgenomen van de Rijksoverheid. De transitie is inmiddels achter de rug, de speciale Transitiecommissie Sociaal Domein is opgeheven en de echte transformatie is van start gegaan. Maar hoe gaat dit?

De Transitiecommissie Sociaal Domein concludeerde in haar eindrapport van september 2016 dat de eerste stappen naar de transformatie gezet zijn, maar dat het moeilijkste nog moet komen. ‘We zitten met z’n allen in een veranderingsproces, met verschuivingen in macht, zeggenschap en geld. Daar kunnen we van werkvloer tot bestuurskamer en van burger tot parlement (nog) niet goed mee om gaan. We zien dat het leidt tot afwachtend of vingerwijzend gedrag en dat houdt de beweging op. Binnen de eigen organisatie of in de keten, lokaal en centraal.’ De commissie concludeert dat het transformeren nog niet altijd effectief verloopt, dat gemeenten en rijk elkaar verwijten dat ze zich niet aan afspraken houden. ‘Er zijn tal van bijeenkomsten en overleggen, maar het lijkt of men elkaars taal niet spreekt, de verwijdering blijft.’ De commissie vindt dat duidelijker moet zijn wie het voortouw gaat nemen. Maar ook dat raadsleden hoe rol gaan oppakken. ‘Raadsleden bepalen het speelveld, stellen de randvoorwaarden en houden toezicht, maar zij zijn nog zoekende. Hebben doorgaans niet het gevoel regie te hebben. Terwijl ze toch echt aan het stuur (kunnen) zitten.’

Huishoudelijke hulp

Verder stelt de commissie het ‘onbegrijpelijk’ te vinden dat de kansen niet worden gepakt bij de transformatie van de markt voor huishoudelijke ondersteuning. ‘De sector beweegt nog onvoldoende toe richting dienstverlening aan huis. Er vindt ook geen begeleiding plaats vanuit de overheid. Dit terwijl hier geweldige kansen liggen voor meer werkgelegenheid aan de onderkant van de arbeidsmarkt.’ Ook nu, bijna een jaar na het eindrapport van de commissie, is het nog niet goed geregeld rondom de huishoudelijke ondersteuning. Renée de Vries, woordvoerder van ouderenbond ANBO: ‘Thuiswonende ouderen hebben wijkverpleging, huishoudelijke hulp en dagbesteding nodig. De groei van het aantal ouderen zet de komende jaren sterk door. Nu al wonen zes op de zeven ouderen thuis: tot op hoge leeftijd zelfstandig, vaak met enige ondersteuning van mantelzorg en in toenemende mate van technologische en digitale innovaties en voorzieningen. Wanneer dat niet meer volstaat, ondersteunt de thuiszorg, ontlast de dagbesteding en coördineert de wijkverpleging de noodzakelijke complexere en intensievere zorg. Deze ontwikkeling betekent een toegenomen druk op de voorzieningen thuis. Daarom stellen we: praat over verpleegzorg, of deze nu thuis of in een instelling gegeven wordt.’

Integraal werken

De grote belofte van de decentralisaties was het integraal werken. Zorg en ondersteuning dichterbij, minder versnipperd en minder duur. Is dat al realiteit? Hilde van Xanten, senior adviseur sociale zorg bij Movisie liet eerder aan Zorg+Welzijn weten: ‘Er zijn nog forse slagen te maken. Met name in de samenwerking tussen de domeinen.’ Van Xanten ziet dat er in het land steeds meer aandacht is voor hoe integraal te werken, er wordt geëxperimenteerd en er zijn ook al goede voorbeelden te vinden. Toch is er volgens haar nog volop ruimte voor verbetering. Niet alleen wat betreft de positie van cliënten bij het integraal werken, maar ook wat betreft de samenwerking tussen professionals en de randvoorwaarden daarvoor. ‘We zien heel vaak dat bijvoorbeeld zorg en ondersteuning én werk en inkomen nog niet natuurlijk samenwerken. Ze vallen in verschillende wettelijke kaders, met eigen regels en werkwijzen en dan wordt het voor professionals lastig om een samenhangend ondersteuningsplan op maat op te stellen. Maar op de plekken waar gemeente en aanbieders samen komen tot één visie, de werkwijzen echt op elkaar afstemmen en de bekostiging daarop laten aansluiten, blijkt het wel mogelijk.’

Jeugdzorg

En integraal werken is niet het enige punt waar nog verbetering mogelijk is wanneer je kijkt naar de transformatie van het sociaal domein. Jeugdzorg Nederland, GGZ Nederland, Vereniging Gehandicaptenzorg Nederland (VGN) en de Vereniging Orthopedagogische Behandel Centra (VOBC) lieten eerder in 2017 aan de leden van de Tweede Kamer weten dat de decentralisatie nog niet gebracht heeft wat ze had moeten doen. Zij stellen: ‘We zijn nu ruim twee jaar na de decentralisatie die verbetering moest brengen voor de jeugdhulp. De hulp zou integraal worden, toegankelijk en dicht bij het kind. Meer preventie, slimmere samenwerking en een einde aan verkokering en perverse prikkels omdat alle jeugdhulpvormen nu onder één opdrachtgever vallen: de gemeente. Van dat ideaal zien we twee jaar na de decentralisatie helaas nog te weinig terug.’