Transformatie

Jeugdhulp
jeugdzorg

NJi: ‘Jeugdzorgstelsel wéér herzien is niet de oplossing’

Het Nederlands Jeugdinstituut (NJi) mengt zich in de discussie over het jeugdzorgstelsel, en roept op om te kijken naar geleerde lessen uit het verleden.
Jeugdhulp

Minder jeugdzorg als wijkteam intensief wordt ingezet

De vernieuwing van de jeugdzorg leidt in veel gemeenten nog niet tot een afname in gebruik van specialistische hulpverlening, zo laat onderzoek van het CPB zien. 'Het roept vragen op over de kwaliteit van het aanbod van wijkteams en praktijkondersteuners.'
Jeugdhulp

‘Wees selectief in wie je jeugdhulp biedt’

‘Geven we niet té veel kinderen individuele jeugdhulp? Deze vraag moeten we ons durven stellen anders betalen de kinderen die het hardst hulp nodig hebben, de prijs’, zegt Geert Schipaanboord, projectleider Jeugd van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG). ‘Dat debat moet ook lokaal worden gevoerd.’
Transformatie
twee gezichten

‘De beste hulpverleners zijn professionals met lef’

Hoe komt het dat de jeugdinterventies Nieuwe Perspectieven en ReSet zo goed werken? Promovenda Marion Herben: ‘Zelfstandig werkende professionals die aansluiten bij de context van de hulpvraag.’
Jeugdhulp
recht

Gemengde reacties op voorstel nieuwe Jeugdwet

De Jeugdwet moet worden aangepast, vindt Hugo de Jonge, minister van Volksgezondheid Welzijn en Sport. De wet die in 2015 ervoor zorgde dat gemeenten verantwoordelijk werden voor alle jeugdhulp heeft haar doelen de afgelopen vijf jaar niet gerealiseerd. De eerste online consultatie van marktpartijen over de nieuwe Jeugdwet is niet onverdeeld positief.
Wmo
hand ophouden

‘Preventie is een wassen neus; schaf het wijkteam af’

Gemeenten moeten niet zo zeuren over hun financiële tekorten, vindt Wim Groot, hoogleraar gezondheidseconomie aan de Universiteit van Maastricht. ‘Ze houden nu heel makkelijk hun handje op bij de Rijksoverheid, zonder kritisch naar hun eigen beleid te kijken. Er zijn zoveel manieren waarop ze hun uitgaven wél in de hand kunnen houden.’
Jeugdhulp
zeven kinderen

Eén op zeven kinderen in Leeuwarden krijgt jeugdhulp

Leeuwarden staat al jaren bekend als stad waar veel jeugdhulp wordt gegeven. Aan de Leeuwardse wethouder Hilde Tjeerdema de taak om dat terug te dringen. 'Dit is een taai proces, dat veel reuring geeft.' 
Jeugdhulp
twee puzzelstukjes

Transformatiegen ontdekt in Utrecht

Waar de meeste gemeenten worstelen met grote tekorten op jeugdhulp, ontdekte bestuurskunde onderzoeker Jan-Kees Helderman dat Utrecht de gouden formule gevonden heeft.
Wet- en regelgeving

Veel onduidelijkheid over recentralisatie jeugdzorg

Wat wil minister Hugo de Jonge nu precies met zijn voorstel om de jeugdwet te recentraliseren? Wie wordt er dan verantwoordelijk voor de jeugdzorg? En wat gaat de minister in de tussentijd doen aan de misstanden in de jeugdwet? Over die vragen debatteerde de Tweede Kamer maandag 19 november.
Jeugdhulp
Foto van meisje die hand tegen haar hoofd houdt

‘We moeten ophouden met doen alsof kinderen getikt zijn’

Jo Hermanns, emeritus hoogleraar Opvoedkunde, reageert op de ingreep van het kabinet in de jeugdzorg: ‘Iedereen keer zien we dezelfde problemen in de jeugdzorg en iedere keer zien we dezelfde, niet helpende oplossing: weer een structuurwijziging. Het inhoudelijke verhaal, waar het probleem wezenlijk in zit, wordt niet aangepakt.’

Over transformatie

Van transitie naar transformatie

Gemeenten zijn vanaf 1 januari 2015 verantwoordelijk voor de uitvoering van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo), de Jeugdwet en de Participatiewet. Het idee is dat gemeenten deze wetten met minder bureaucratie en goedkoper kunnen uitvoeren dan het rijk omdat ze dichter bij de inwoners zitten. De transitie van de taken is inmiddels achter de rug, maar hoe staat het met de transformatie?

Lees meer

Op 1 januari 2015 is de decentralisatie van start gegaan. Vanaf dat moment werden gemeenten verantwoordelijk voor jeugdzorg, werk en inkomen en zorg aan langdurig zieken en ouderen. Een deel van deze taken hebben de gemeenten overgenomen van de Rijksoverheid. De transitie is inmiddels achter de rug, de speciale Transitiecommissie Sociaal Domein is opgeheven en de echte transformatie is van start gegaan. Maar hoe gaat dit?

De Transitiecommissie Sociaal Domein concludeerde in haar eindrapport van september 2016 dat de eerste stappen naar de transformatie gezet zijn, maar dat het moeilijkste nog moet komen. ‘We zitten met z’n allen in een veranderingsproces, met verschuivingen in macht, zeggenschap en geld. Daar kunnen we van werkvloer tot bestuurskamer en van burger tot parlement (nog) niet goed mee om gaan. We zien dat het leidt tot afwachtend of vingerwijzend gedrag en dat houdt de beweging op. Binnen de eigen organisatie of in de keten, lokaal en centraal.’ De commissie concludeert dat het transformeren nog niet altijd effectief verloopt, dat gemeenten en rijk elkaar verwijten dat ze zich niet aan afspraken houden. ‘Er zijn tal van bijeenkomsten en overleggen, maar het lijkt of men elkaars taal niet spreekt, de verwijdering blijft.’ De commissie vindt dat duidelijker moet zijn wie het voortouw gaat nemen. Maar ook dat raadsleden hoe rol gaan oppakken. ‘Raadsleden bepalen het speelveld, stellen de randvoorwaarden en houden toezicht, maar zij zijn nog zoekende. Hebben doorgaans niet het gevoel regie te hebben. Terwijl ze toch echt aan het stuur (kunnen) zitten.’

Huishoudelijke hulp

Verder stelt de commissie het ‘onbegrijpelijk’ te vinden dat de kansen niet worden gepakt bij de transformatie van de markt voor huishoudelijke ondersteuning. ‘De sector beweegt nog onvoldoende toe richting dienstverlening aan huis. Er vindt ook geen begeleiding plaats vanuit de overheid. Dit terwijl hier geweldige kansen liggen voor meer werkgelegenheid aan de onderkant van de arbeidsmarkt.’ Ook nu, bijna een jaar na het eindrapport van de commissie, is het nog niet goed geregeld rondom de huishoudelijke ondersteuning. Renée de Vries, woordvoerder van ouderenbond ANBO: ‘Thuiswonende ouderen hebben wijkverpleging, huishoudelijke hulp en dagbesteding nodig. De groei van het aantal ouderen zet de komende jaren sterk door. Nu al wonen zes op de zeven ouderen thuis: tot op hoge leeftijd zelfstandig, vaak met enige ondersteuning van mantelzorg en in toenemende mate van technologische en digitale innovaties en voorzieningen. Wanneer dat niet meer volstaat, ondersteunt de thuiszorg, ontlast de dagbesteding en coördineert de wijkverpleging de noodzakelijke complexere en intensievere zorg. Deze ontwikkeling betekent een toegenomen druk op de voorzieningen thuis. Daarom stellen we: praat over verpleegzorg, of deze nu thuis of in een instelling gegeven wordt.’

Integraal werken

De grote belofte van de decentralisaties was het integraal werken. Zorg en ondersteuning dichterbij, minder versnipperd en minder duur. Is dat al realiteit? Hilde van Xanten, senior adviseur sociale zorg bij Movisie liet eerder aan Zorg+Welzijn weten: ‘Er zijn nog forse slagen te maken. Met name in de samenwerking tussen de domeinen.’ Van Xanten ziet dat er in het land steeds meer aandacht is voor hoe integraal te werken, er wordt geëxperimenteerd en er zijn ook al goede voorbeelden te vinden. Toch is er volgens haar nog volop ruimte voor verbetering. Niet alleen wat betreft de positie van cliënten bij het integraal werken, maar ook wat betreft de samenwerking tussen professionals en de randvoorwaarden daarvoor. ‘We zien heel vaak dat bijvoorbeeld zorg en ondersteuning én werk en inkomen nog niet natuurlijk samenwerken. Ze vallen in verschillende wettelijke kaders, met eigen regels en werkwijzen en dan wordt het voor professionals lastig om een samenhangend ondersteuningsplan op maat op te stellen. Maar op de plekken waar gemeente en aanbieders samen komen tot één visie, de werkwijzen echt op elkaar afstemmen en de bekostiging daarop laten aansluiten, blijkt het wel mogelijk.’

Jeugdzorg

En integraal werken is niet het enige punt waar nog verbetering mogelijk is wanneer je kijkt naar de transformatie van het sociaal domein. Jeugdzorg Nederland, GGZ Nederland, Vereniging Gehandicaptenzorg Nederland (VGN) en de Vereniging Orthopedagogische Behandel Centra (VOBC) lieten eerder in 2017 aan de leden van de Tweede Kamer weten dat de decentralisatie nog niet gebracht heeft wat ze had moeten doen. Zij stellen: ‘We zijn nu ruim twee jaar na de decentralisatie die verbetering moest brengen voor de jeugdhulp. De hulp zou integraal worden, toegankelijk en dicht bij het kind. Meer preventie, slimmere samenwerking en een einde aan verkokering en perverse prikkels omdat alle jeugdhulpvormen nu onder één opdrachtgever vallen: de gemeente. Van dat ideaal zien we twee jaar na de decentralisatie helaas nog te weinig terug.’