Participatie

Participatie
rolstoel drempel

Positieve gezondheid: nu ook op wijkniveau

Gezond zijn is meer dan niet ziek zijn. Het gaat ook over meedoen, kwaliteit van leven en zingeving ervaren. Het Louis Bolk instituut onderzocht welke interventies gezondheid- en welzijnsprofessionals op wijkniveau kunnen doen om bij te dragen aan de positieve gezondheid van de bewoners.
Participatie

Klantmanagers zitten klem tussen wens en werkelijkheid

Het wetsvoorstel tot wijziging van de Participatiewet is een gemiste kans om de werkcontext van klantmanagers te verbeteren en hen in staat te stellen bijstandsgerechtigden de ondersteuning te bieden die zij nodig hebben om (duurzaam) betaald werk te vinden. In plaats daarvan zet het klantmanagers klem tussen wens en werkelijkheid.
Participatie

Wetenschappelijke kennis toepassen was nog nooit zo makkelijk

Evidence based practice is als term niet meer weg te denken uit het sociaal domein. Toch is het implementeren van wetenschappelijke kennis nog niet zo makkelijk. Het integratief gedragsmodel vormt daar een mooie uitzondering op. Het model wordt al steeds meer toegepast, maar dat kan zeker nog meer!
Participatie

Investeren in banen voor mensen met een kwetsbare arbeidsmarktpositie

Voor lager opgeleiden met een kwetsbare arbeidsmarktpositie is het moeilijk om aan werk te komen en om werk te behouden. Werkgevers kunnen daar wat aan doen door banen te creëren die speciaal voor deze groep zijn bedoeld, baancreatie dus. Zowel de mensen in kwestie als bedrijven hebben er voordeel bij.
Participatie

Werkgevers ervaren: baancreatie kan áltijd en levert veel op

Er zijn meer geschikte banen nodig voor mensen met een kwetsbare arbeidsmarktpositie. Via baancreatie kunnen werkgevers zorgen voor geschikte banen, maar dat gebeurt relatief weinig. Toch is er latente vraag bij werkgevers. Om die te stimuleren is onder andere een vraaggerichte benadering van werkgevers nodig, met kennis over alle mogelijkheden.

Leve de Dinges, de professional voor alle ontembare problemen

Het gaat niet goed met de arbeidsintegratie van langdurig werkzoekenden en mensen met een arbeidsbeperking. Het lijkt erop dat iedereen naar elkaar zit te kijken en wijzen voor het verder brengen van de inclusieve arbeidsmarkt. Wie staat er op om dit te doorbreken? Dat is de zogenoemde Dinges, zoals blijkt uit onderzoek naar succesvolle re-integratiepraktijken.

Naar een reëel perspectief op zelfredzaamheid en re-integratie

In dit essay gaan we in op zogeheten 'rechtvaardige' re-integratie. Op basis van ervaringskennis laten we zien dat levenskansen, levensrisico's en praktische mogelijkheden om een nieuwe start te maken niet gelijk verdeeld zijn. Er kan dan ook niet a-priori van zelfredzaamheid worden uitgegaan. Toch gebeurt dit vaak, met schade voor werkzoekenden tot gevolg.
Participatie

Ex-gedetineerden treffen (on)zichtbare tralies

Terwijl steeds meer werkgevers schreeuwen om personeel, worden ex-gedetineerden stelselmatig uitgesloten op de arbeidsmarkt. Werkgevers hebben vooroordelen. Om ex-gevangenen effectiever naar werk te begeleiden moeten werkbemiddelaars en re-integratieconsulenten de drempels kennen die werkgevers ervaren.
Participatie

Inclusief ondernemen doe je samen

Ondanks de krapte op de arbeidsmarkt zijn er nog steeds groepen mensen die moeizaam aan het werk komen. Het gaat bijvoorbeeld om ouderen, mensen met een beperking, mensen met een praktisch opleidingsniveau en statushouders. Een belangrijke oorzaak is de ‘mismatch’ in opleidingsniveau en competenties. Om het tij te keren werkt het Werkgeverservicepunt Gooi en Vechtstreek intensief samen met werkgevers.
Participatie
Vernieuwde manier van inburgering

Minister Koolmees onderschat de welzijnssector

De nieuwe inburgeringswet moet begin 2021 in werking. Bij de uitvoering hiervan is een grote rol voor de welzijnssector gewenst. Maar verantwoordelijk minister Koolmees onderschat de welzijnssector. En de welzijnssector onderschat zichzelf.

Over participatie

Wat is de Participatiewet?

Iedereen die kan werken, maar die het zonder ondersteuning niet redt op de arbeidsmarkt, valt sinds 1 januari 2015 onder de Participatiewet. Doel van deze wet is dat meer mensen, ook mensen met een arbeidsbeperking, werk vinden. In de Participatiewet wet zijn de voormalige Wet sociale werkvoorziening, de Wet werk en bijstand en de Wajong samengevoegd. Gemeenten zijn verantwoordelijk voor de uitvoering van de Participatiewet.

Lees meer

Sinds de invoering van de Participatiewet op 1 januari 2015 zijn gemeenten verantwoordelijk om mensen die ondersteuning nodig hebben, aan de slag te krijgen op de arbeidsmarkt. Om dit te kunnen realiseren, zijn er in de wet een aantal instrumenten opgenomen die gemeenten moeten helpen zoals loonkostensubsidie en beschut werk. Naast het bieden van ondersteuning die gericht is op arbeidsinschakeling, hebben gemeenten ook de taak om inwoners die onder de Participatiewet vallen, wanneer dat nodig blijkt, inkomensondersteuning te bieden. Gemeenten bepalen zelf welke inwoners voor welke vorm van ondersteuning in aanmerking komen.

Om daadwerkelijk te zorgen dat mensen die ondersteuning nodig hebben in dienst genomen worden door een werkgever, kunnen gemeenten werkgevers een loonkostensubsidie verstrekken. Deze subsidie kan uitgekeerd worden als een werkgever iemand in dienst neemt die per uur niet volledig productief zijn en daardoor eigenlijk niet het wettelijk minimum loon kunnen verdienen.

Beschut werk en banenafspraak

Een ander onderdeel van de Participatiewet is de opbouw van beschut werk. Beschut werk is bedoeld voor mensen die zo veel begeleiding nodig hebben op hun werkplek (bijvoorbeeld door hun lichamelijke of psychische beperking) dat het niet realistisch is om van een reguliere werkgever te verwachten dat hij hen in dienst neemt. Daarom is er vanuit het rijk budget beschikbaar gesteld om in totaal 30.000 beschutte werkplekken te realiseren. Dit gaat echter nog niet zo voorspoedig als gehoopt. Zo was er in 2015 bijvoorbeeld budget om 1600 plekken te realiseren, uiteindelijk zijn dat er maar 44 geworden. De Tweede Kamer heeft daarom vastgesteld dat gemeenten vanaf 1 januari 2017 verplicht zijn om beschut werk aan te gaan bieden. Binnen vijf jaar moeten de plekken die in 2015 en 2016 niet gerealiseerd werden, alsnog beschikbaar komen. Het totaal van 30.000 plekken moet in 2048 gehaald zijn.

En dan is er nog de banenafspraak. In 2013 is, in het sociaal akkoord, afgesproken dat werkgevers voor 2026 stapsgewijs 100.000 extra banen creëren voor mensen met een ziekte of een handicap. De overheid creëert daar bovenop ook 25.000 banen. Deze banenafspraak staat los van het bieden van beschut werk. Wanneer de doelstellingen van de banenafspraak niet gehaald worden, kan er een dwingend quotum afgesproken worden. Dat quotum houdt in dat op termijn elke werkgever met 25 en meer werknemers een formele verplichting krijgt arbeidsplaatsen open te stellen aan mensen met een arbeidsbeperking en moet betalen voor niet vervulde plekken.

Tegenprestatie en basisinkomen

Naast regels, subsidiemogelijkheden en afspraken voor en met werkgevers, zijn er in de Particpatiewet ook verplichtingen opgenomen voor burgers. Eén van die verplichtingen is de tegenprestatie naar vermogen. Dit betekent dat gemeenten inwoners die een bijstandsuitkering ontvangen, kunnen verplichten hier een tegenprestatie voor te leveren. Denk hierbij bijvoorbeeld aan het verplicht uitvoeren van vrijwilligerswerk. De enige voorwaarden die het rijk stelt aan de tegenprestatie, is dat de tegenprestatie het re-integratiebeleid niet mag doorkruisen en dat er geen tegenprestatie gevraagd mag worden van alleenstaande ouders die de volledige zorg hebben voor één of meer kinderen tot vijf jaar.

Om na te gaan of mensen met een bijstandsuitkering sneller uitstromen naar werk en daardoor dus minder (lang) afhankelijk zijn van een uitkering, wordt er nu in verschillende gemeenten getest of een basisinkomen zou werken. Er zijn hiervoor verschillende experimenten in gang. Vanuit het rijk wordt een experiment gesubsidieerd. In dit experiment mogen bijstandsgerechtigden deelnemen op vrijwillige basis en worden ze ingedeeld in drie groepen: een ontheffings-, een intensiverings- en een vrijlatingsgroep. Op die manier kunnen gemeenten testen hoe gedrag van bijstandsgerechtigden verandert naarmate ze meer of minder verplichtingen krijgen en wel of geen geld mogen bijverdienen naast hun uitkering. Een aantal gemeenten, zoals Terneuzen en Zwolle, die dit experiment te ingewikkeld vinden, ontwikkelen zelf experimenten waarbij de regeldrang minder hoog is.

Uitgelicht congres

Congres Wijkteams – Extra editie

ReeHorst

Congres Wijkteams 2020

ReeHorst

Congres Armoede en Schulden

ReeHorst