Registreren Waarom moet u zich registreren voor deze site? Lees meer

Wmo: ondanks wachttijden zijn cliënten positief

In 2008 kende 40 procent van de gemeenten een wachttijd voor huishoudelijke hulp, Niettemin is ruim 90 procent van de cliënten positief over indicatie en behandeling van de aanvraag. Er komt een verdere verschuiving aan van huishoudelijke hulp 2 - met zorg - naar huishoudelijke hulp 1 - zonder zorg. Dat blijkt uit de Benchmark Wmo van Onderzoeks- en adviesbureau SGBO.
Wmo: ondanks wachttijden zijn cliënten positief

Door Carolien Stam – Geen enkele gemeente heeft in de eerste helft van 2008 een contract afgesloten met een schoonmaakbedrijf. Maar dat gaat wellicht veranderen, is de verwachting van Barbara Wapstra, projectleider Benchmark Wmo bij SGBO. ‘In de aanbestedingsprocedures dingen ook schoonmaakbedrijven mee. Of zij daadwerkelijk in aanmerking komen is mede afhankelijk van de politieke keuzes die gemaakt zijn in gemeenten.’

Jaarlijkse meting
De benchmark is een jaarlijks terugkerende meting onder gemeenten over de uitvoering van de Wmo. Onderzoeksbureau SGBO, ontstaan uit de Vereniging Nederlandse Gemeenten en nu onderdeel van de BMC-groep, voert de benchmark uit. 172 gemeenten hebben gegevens aangeleverd in 2008. In de eerste helft van 2008 kende 40 procent van de gemeenten een wachtlijst voor huishoudelijke hulp.

Tevreden
Toch blijkt uit het tevredenheidsonderzoek dat cliënten erg te spreken zijn over de uitvoering van de Wmo door de gemeenten: van de cliënten die de afgelopen 12 maanden een aanvraag hebben ingediend zijn de meesten (zeer) tevreden over de tijd die is uitgetrokken voor het aanvragen (93%) gevolgd door de wijze van behandeling door de medewerker tijdens de aanvraag (91%).

Mensenwerk
Vorig jaar kwamen er bij het Meldpunt herindicatie meer dan 700 meldingen binnen. ‘Kijk je naar het totale aantal cliënten, is dat niet veel. Ter indicatie: voor de benchmark hebben 80.000 cliënten een vragenlijst ingevuld. Als je daar 10 procent van neemt, kom je aardig in de buurt,’ aldus Wapstra. ‘Herindicaties zijn mensenwerk, er gaan soms ook dingen niet goed.’

Meer HH1
Uit de benchmark blijkt ook dat driekwart van de cliënten is geïndiceerd voor huishoudelijke hulp 1 (zonder zorg). Barbara Wapstra voorspelt een verdere daling van het aantal huishoudelijke hulp 2–geïndiceerden (met zorg). ‘Verschillende gemeenten hebben oude indicaties laten staan en gaan nu herindiceren. De manier van indiceren is anders. Voor de invoering van de Wmo werd bij indicatie geen onderscheid gemaakt tussen hh1 en hh2. Dat werd in de uitvoering door de zorgverleners beslist. Nu wordt dat onderscheid bij indicatie door gemeenten wel gemaakt.’

SGBO, Benchmark Wmo 2008

Meer weten? Lees dan ook de gratis Zorg + Welzijn Nieuwsbrief. Daarvoor kunt u zich hier aanmelden.

Carolien Stam

Gerelateerde tags

Eén reactie

  • no-profile-image

    MarietjeD

    Tevredenheidsonderzoek uitgevoerd bij de gemeente. Resultaat???? Er moet een onderzoek komen onder de mensen die geindiceerd zijn. Dan zal de uitslag hetzelfde zijn maar dan in het negatieve. Hoe kan je in godsnaam een onderzoek bij de gemeente doen als daar geen controletoezicht daarboven staat? Ze gaan hun eigen boterham toch niet weggooien.

Of registreer je om te kunnen reageren.

Zorgwelzijn is een uitgave van Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Media B.V.
Voorwaarden