Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Reacties0

Verliezen om te winnen

‘Soms moet je kunnen verliezen, om te kunnen winnen’, zegt Henk Janissen in een gesprek over zijn jarenlange inzet voor de leefbaarheid in zijn Amsterdamse wijk. Als buurtmentor en actievoerder is hij een tacticus. Sommige dingen moet je laten lopen, om vervolgens strategisch toe te slaan op terreinen die wel een kans van slagen hebben.
Verliezen om te winnen

Nu de pensioengerechtigde leeftijd nadert, bezint Daan Vosskühler zich op wie hem in het werk gevormd hebben. Lees hier meer blogs van Daan Vosskühler >>

In zijn waslijst van projecten en bewonersinitiatieven staat de constante beïnvloeding van overheid en instellingen centraal.  Door gebrek aan maatwerk en bureaucratische verblinding werken deze vaak contraproductief. Dan schuwt hij de confrontatie niet, die gebaseerd is op feitenkennis en deskundigheid. Dat maakt hem tot een opponent die respect afdwingt maar ook gevreesd wordt. Want voor professionals die ‘weten hoe het moet’ is het moeilijk te verteren dat een actieve buurtbewoner hen met regelmaat op hoofdlijnen en details verslaat. Daarmee  is Henk de luis in de pels van de overheid en instellingen. Hoewel hij niet optimistisch is over de kansen voor de groeiende groep kansarmen aan de onderkant van de samenleving, heeft hij nog niets van zijn strijdlust verloren.

Hij staat in een oude traditie van het strijden tegen onrecht. Zijn vader was een socialist in hart en nieren, die zijn kinderen inspireerde zich tegen maatschappelijke ongelijkheid en onrecht te verzetten. Veel geld om te studeren was er niet. Dus werd er een vak geleerd op de ambachtschool en werd er al op jonge leeftijd geld verdiend.

Nu zou Henk zonder twijfel een hbo- of universitaire opleiding gevolgd hebben. Alle vaardigheden als buurtmentor, van het schrijven van een projectaanvrage tot het projectcoördinatie heeft hij in de praktijk ontwikkeld. Zijn bouwkundige kennis wist hij te benutten bij de renovatie van zijn buurt. Als advocaat van de van bewoners heeft hij, met kennis van bestrating, riolering, bestektekeningen, vergunningen en bouwvoorschriften, steeds hun belang naar voren gebracht.  

Wie denkt dat Henk zich alleen als actievoerder heeft laten gelden heeft het mis. Hij is ook een bouwer, die een tweetal organisaties heeft opgericht. Een daarvan is een klusbedrijf dat zich vooral inzet voor minder draagkrachtigen. De andere, de Stichting Experimentele Werkplaats, bestaat meer dan twintig jaar. Vaklieden, veelal uit de scheepsbouw, werken er als vrijwilliger met voortijdige schoolverlaters, allochtonen en minima. Naast technische opleidingen in hout- en  metaalbewerking, lassen, elektra, administratie en ICT, kunnen er ook sociale vaardigheidstrainingen gevolgd worden. Jongeren die in het grootschalige voortgezet onderwijs tussen wal en schip terecht komen, vinden er een veilige en inspirerende leer- en werkplek.

Een bezoek aan de Stichting is een bijzondere ervaring. Wat opvalt is de perfecte staat van de huisvesting die uit geschakelde portocabines bestaat, en het uitgebreide technisch instrumentarium waarover de leerlingen en werkmeesters beschikken. Dat alles is voor een appel en een ei bijeengesprokkeld. In de werklokalen heerst een gemoedelijke sfeer. In de middagpauze treffen de werkmeesters elkaar tijdens een lunch om het werk te bespreken. Het doet denken aan een bedrijfskantine waar werknemers met elkaar dollen.

De gemiddelde leeftijd van de praktijkdocenten ligt boven de 55 jaar. Het zijn stuk voor stuk vaklieden die een groot gedeelte van hun vrije tijd in overdracht van kennis en begeleiding van leerlingen steken. Het hele project ademt de sfeer van hechte verbondenheid. Kleinschaligheid en persoonlijke betrokkenheid vormen een scherp contrast met de onpersoonlijke leerfabrieken die veel leerlingen voortijdig zien afhaken.

Maar denk niet dat deze stichting kan rekenen op een ruime subsidie. Hoewel de begroting laag is door het ontbreken van loonkosten, moet er ieder jaar intensief gezocht worden naar subsidies en fondsen. Kortom, het is een klus de werkplaats draaiende te houden.

Op mijn vraag of er mensen zijn die in zijn voetspoor als actievoerder en organisator willen treden zwijgt Henk even. Hij schetst een beeld van een samenleving die steeds meer individualistisch wordt met mensen die het overzicht kwijt raken. ‘Mensen verliezen hun interesse in politiek, weten niet meer hoe zich te organiseren als gemeenschap en worden daardoor extra kwetsbaar. Strijdbaarheid is een schaars artikel geworden, dit ondanks de opkomst van een bevolkingsgroep die met armoede wordt geconfronteerd.’ Voor Henk zit het werk er nog lang niet op.

Daan Vosskühler (1948) werkt als projectleider voor Stichting BottomUp Onderzoek en Advies. Hij houdt zich al meer dan 30 jaar als onderzoeker bezig met de vraag hoe welzijnswerk een vitale en patroondoorbrekende werksoort kan zijn in een land waar onderwijs, welzijn, veiligheid en bestuur hardnekkig categoraal blijven denken en werken.

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.