Registreren Waarom moet u zich registreren voor deze site? Lees meer

Rashid bouwt bruggen

Als hij binnenkomt valt direct zijn vitale uitstraling op. In de wijk Oosterwei in Gouda liggen zijn wortels. Het is een wijk met goedkope huurflats in het centrum voor de nieuwkomers en ruime koopwoningen aan de randen voor de autochtonen.
Rashid bouwt bruggen

Nu de pensioengerechtigde leeftijd nadert, bezint Daan Vosskühler zich op wie hem in het werk gevormd hebben. Lees hier meer blogs van Daan Vosskühler >>

Als vierjarig kind kwam hij in de wijk wonen. Ging  aar de kleuter- en basisschool en leerde een vak op de LTS.  In korte tijd had hij veel verschillende baantjes. Toen Rashid 29 jaar was kwam er een omslag in zijn leven. In Gouda opende hij een bakkerij en delicatessenzaak. Kort daarna kon hij een bakkerij in zijn eigen wijk overnemen. Zijn winkel werd een laagdrempelige ontmoetingsplaats voor buurtbewoners: ‘Mijn kracht zit in het sociale. Ik heb met iedereen goed contact. Maar het verbaasde me  dat buurtbewoners het contact niet met elkaar niet zochten. Dat gaf mij het gevoel dat er iets moest gebeuren.’ Rashid weigerde echter uit te gaan van een probleemaanpak. Geheel in lijn met zijn eigen instelling wilde hij vanuit de kracht en het eigen vermogen van buurtbewoners aan betere onderlinge verhoudingen te werken.

Daartegenover schets bij het beeld van overheid en welzijnswerk die probleem georiënteerd zijn. Het zijn analyses die hem niet overal in dank af genomen worden. ‘Het worden projecten van mensen die niet in de buurt wonen. Het blijft brandje blussen. Veranderingen komen niet van buiten de wijk.  Daarom moest er een laagdrempelig project komen met vrijwel kostenloze activiteiten in plaats van duurgetaalde activiteiten. Moeten er plannen worden gemaakt mét mensen, de sociaal economisch zwakken, de psychisch zwakken, de probleemjongeren. We moeten accepteren dat een gemeente of instellingen bewoners niet kunnen organiseren.’
 
Met een oud ambtenaar en een econoom ontwikkelde Rachid het plan om een laagdrempelig ontmoeting- en activiteitencentrum in zijn wijk op te zetten. De samenwerking met enkele ervaren ‘witte buurtbewoners’ die het klappen van de zweep op bestuurlijk en politiek niveau kenden, vormt een voorbeeld van het bruggenbouwen dat Rashid voorstaat. Voor hem is duidelijk dat het project er zonder de support van deze ervaren rugdekkers niet gekomen was. ‘De kracht van het bestuur was dat zij de tent stabiel konden houden. Mijn onorthodoxe manier van werken hebben ze gesteund. Succes betekent ook afgunst en roddels. Als vrijwilligersorganisatie heb je minder mogelijkheden voor een geslaagde lobby. Daar hebben zij ook voor gezorgd.’
 
Hij beschrijft zichzelf als een naïeve idealist, die in de loop van het project geleerd heeft hoe verhoudingen werken. ‘Ik had twee grote dromen. Ik wilde van de Marokkaanse gemeenschap een groep maken. Maar dat kan niet, mensen zijn individualistisch. Daarin zat ik fout, het is juist mooi dat we individualisten zijn. Maar je hebt elkaar wel nodig en dat is ook mooi. Mijn tweede droom was dat ik wilde laten zien hoe subsidie gebruikt kan worden als mensen voor gemeenschappelijke doelen gaan. Daarom werken we met het geven van verantwoordelijkheid aan vrijwilligers, met activiteiten die door deelnemers gekozen zijn en met het stimuleren en faciliteren van buurtbewoners. Laat ieder doen waar hij goed in is. Maar ongewild maken we het door ons succes professionals ook moeilijk. We willen echter complementair zijn met professionals.’

Zijn tweede droom is voor een groot gedeelte gerealiseerd. Inloopactiviteiten, jongerenwerk, huiswerkklassen, fitness en taalles, zijn daar voorbeelden van. Toen het centrum zijn bestaan bewees, kwam de gemeente met het voorstel om tot een brede subsidie over te gaan. Het had een goed betaalde directeursfunctie voor Rashid kunnen opleveren. Hij weigerde omdat hij het project als  vrijwilligersproject was gestart. Hij verhuurde zijn zaak, besloot van de opbrengst te leven en werd fulltime vrijwilliger. Voor Rashid is het project een leerschool in levenswijsheid geworden. In niets hoor ik tijdens het interview boosheid, bitterheid of verwijten. ‘Ik ben me bewust dat rotte mensen niet bestaan, maar mensen hebben belangen. Ze maken fouten uit onwetendheid en tekorten. Daarom moet je jezelf leren kennen en je leren verplaatsen in de ander.’

Wanneer Rashid afscheid gaat nemen van zijn project staat niet vast, wel weet hij wat hij in de toekomst gaat doen: ‘Ik word weer ondernemer, wil talen studeren, reizen en een boek schrijven over mijn ervaringen.’ Allemaal dingen waar je niet aan toe komt in een ‘vrijwilligersbaan’ van zeven dagen per week.

Daan Vosskühler (1948) werkt als projectleider voor Stichting BottomUp Onderzoek en Advies. Hij houdt zich al meer dan 30 jaar als onderzoeker bezig met de vraag hoe welzijnswerk een vitale en patroondoorbrekende werksoort kan zijn in een land waar onderwijs, welzijn, veiligheid en bestuur hardnekkig categoraal blijven denken en werken.

Of registreer je om te kunnen reageren.

Zorgwelzijn is een uitgave van Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Media B.V.
Voorwaarden