Registreren Waarom moet u zich registreren voor deze site? Lees meer

Opbouwwerk en vrijwilligers

Een gesprek met een vrijwilligster van een zomeractiviteit in mijn wijk zette me aan het denken. Zij had een discussie gehad met de opbouwwerkster. Het ging over de activiteiten die vooral gericht zijn op achterstandsgroepen. Ze vroeg zich af waarom het opbouwwerk zich niet richtte op de tweeverdieners, met twee auto’s voor de deur en twee vakanties per jaar. Naar ik begreep had de opbouwwerkster hier niet echt een antwoord op. Het zette mij aan het denken over de rol van het opbouwwerk en de rol die mensen zelf kunnen nemen.
Opbouwwerk en vrijwilligers

Lees hier meer blogs van Tineke van Uden >>

Ik vind het niet zo onlogisch dat in de wijk waarin ik woon, jarenlang vooral geïnvesteerd is in de doelgroepen die moeilijk te betrekken zijn bij activiteiten. Doelgroepen die geen geld hadden om zomaar deel te nemen aan het verenigingsleven of de weg niet wisten. Alhoewel de wijk inmiddels aardig opgeleukt is met speelveldjes, koopwoningen en een mooi wijkcentrum is het nog steeds een wijk waarin de zogenaamde achterstandsgroepen aandacht verdienen.

De opmerking van de vrijwilligster raakte me omdat ik weet hoe hard het opbouwwerk zijn best doet om alle bewoners te betrekken. Maar er is nog iets wat mij raakt. Uitgaande van burgerkracht en zelfredzaamheid geloof ik namelijk helemaal niet dat de doelgroep waar de vrijwilligster toe behoort zoveel ondersteuning nodig heeft. Kijkend naar de activiteit die zij georganiseerd hebben, de bouwweek met een feestavond, zijn ze prima in staat te zorgen voor de locatie, het materiaal, de vrijwilligers en de begeleiding.

Wat ik een beetje zorgelijk vind is dat het bijna klonk als een tweedeling ‘de armen tegen de rijken’ en dat is toch juist waar we vanaf willen in zo’n wijk. Alle bewoners: jong, oud, arm, rijk, gekleurd, blank, alleenstaand of gezinnen, kunnen gebruik maken van de activiteiten die aangeboden worden door het opbouwwerk. En ja, het kan best zijn dat bepaalde activiteiten een bepaalde doelgroep aantrekt, maar dit staat niemand in de weg om zelf actie te ondernemen en iets te organiseren. De jonge stellen in de wijk zijn, buiten het opbouwwerk om, gestart met spelletjesavonden, het initiatief van ouders organiseert de bouwweek. Het zou zo mooi zijn wanneer de zelfgeorganiseerde vrijwilligersgroepen het opbouwwerk de handen in elkaar zouden kunnen slaan en elkaar zouden kunnen versterken.

Wellicht dat dat de boodschap of vraag van de vrijwilligster was: Hoe kunnen we ervoor zorgen dat er een brug geslagen wordt tussen de ‘oude’ en ‘nieuwe’ bewoners? Daarin zou het opbouwwerk misschien een sterkere rol in kunnen nemen, al zijn ze daar al mee bezig naar mijn idee. Tegelijkertijd ben ik van mening dat het opbouwwerk het goed doet wanneer ze zich niet actief bemoeit met zaken die goed gaan. Ik vraag me zelfs af of mensen er wel op zitten te wachten dat het opbouwwerk zich met hen gaat bemoeien. Want zou het niet wat raar zijn wanneer het opbouwwerk tijd en geld moet steken in zaken die mensen zelf prima kunnen?

Tineke van Uden (1965) werkte in haar gevarieerde loopbaan met jongeren in de jeugdhulpverlening zoals opvangcentra, internaat, op straat en in het sociaal cultureel werk. In het volwassenenwerk deed zij ervaring op in de vrouwenopvang en stapte daarna over naar het maatschappelijk werk. Inmiddels is zij zelfstandig onderneemster en traint en adviseert organisaties rondom outreachende hulpverlening. Daarnaast is ze parttime docent Sociale Studies ben bij Avans Hogeschool 's Hertogenbosch. Volg Tineke op Twitter via @TinekeTouw>>

Tineke van Uden

Of registreer je om te kunnen reageren.

Zorgwelzijn is een uitgave van Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Media B.V.
Voorwaarden