Registreren Waarom moet u zich registreren voor deze site? Lees meer

Verdien een standbeeld

Afgelopen vrijdag, 6 november, kopte de voorpagina van de Volkskrant ‘Bussemaker snijdt in regels AWBZ’. Het vervolg van het artikel was te lezen onder de kop ‘Terug naar vertrouwen in de wijkzuster’. Kort gezegd komt het er op neer, dat de staatssecretaris heeft besloten, dat ouders van gehandicapte of terminaal zieke kinderen niet meer periodiek hoeven te bewijzen dat hun verwanten zorg nodig hebben. Hetzelfde geldt voor kinderen van dementerende ouders.
Verdien een standbeeld

Ik heb het artikel met verbazing én met een gelukzalig gevoel gelezen. Verbazing, omdat de bureaucratie, of beter gezegd de doorgeslagen controledrift, volledig uit de hand is gelopen. Ik heb beslist geen goede kennis van deze zorg, maar het is toch van de zotte dat deze ouders steeds weer moeten aantonen dat die zorg nodig is. Waar zijn wij mee bezig?

Mijn verbazing nam verder toe, toen in het artikel werd vermeld dat het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) door deze maatregel vierhonderd van de ruim tweeduizend banen moet schrappen. Dat is twintig procent inverdienen door het schrappen van belachelijke bureaucratie. U mag uitrekenen hoeveel geld dit scheelt. Wij hebben in Nederland van alles dichtgetimmerd met regelgeving en controlesystemen. Kijk alleen al binnen onze sector naar aanbestedingsprocedures, zorgprocedures, afrekeningssystematieken, kwaliteitsprocedures, verantwoordingsregistraties, ga zo maar door. Daarmee zijn kosten -zonder dat wij ons dat beseffen- volledig uit de hand gelopen.

Ik lees vaak dat uitvoerders en verzorgenden foeteren op de managementlagen bij hun organisaties en instellingen. Deels hebben ze misschien gelijk. Aan de andere kant zien zij vaak niet dat organisaties en instellingen worden bestookt met regelgeving en verantwoordingseisen die intern meer toezicht en controle noodzakelijk maken. Dus ook meer managers. Allemaal voor de controle en de controle over de controle. Maar de oorzaak van die doorgeschoten controle ligt wel bij onszelf. Eén incident bij de jeugdhulpverlening of de zorg en wij burgers schreeuwen moord en brand, de media knallen er boven op, op zoek naar slachtoffers en schuldigen. Er moeten koppen rollen. Kamerleden eisen spoeddebatten (en hopen daarmee in NOVA te komen) en ministers kondigen onderzoeken en maatregelen aan.

Resultaat? Weer meer regelgeving, verscherpte protocollen en controle. We trekken weer een extra manager aan om alles intern te organiseren en om alles te kunnen verantwoorden. De consequentie hiervan is, dat bestuurders zich tegen alles willen indekken. Er worden zeer kostbare bureaucratische firewalls opgebouwd, waardoor eigenlijk het echte werk de strot wordt dichtgeknepen. In bijna alles wat wij met elkaar doen in dit land, is wantrouwen het uitgangspunt. Als burger vind ik dit een ziekelijke ontwikkeling.

Nu naar mijn gelukzalige gevoel, dat ik kreeg van het bovengenoemde artikel. Bussemaker wil terug naar het vertrouwen in de wijkzuster. Lees: terug naar het vertrouwen in welzijnswerkers, zorgverleners, jeugdhulpverleners. Hiervoor verdient zij, wat mij betreft, een standbeeld op Het Plein in Den Haag. Vertrouwen is namelijk zeer kostbaar. Als wij ons vertrouwen geven, omarmen en niet meteen moord en brand schreeuwen bij iedere ‘fout’ die gemaakt wordt, zijn een mediahype en hysterie bij Kamerleden simpelweg overbodig geworden. Met dat vertrouwen kunnen we misschien een klein beetje verandering aanbrengen in die bureaucratische controle. Dus ministers, burgemeesters en wethouders; ga ook voor dat standbeeld.  

Dik Hooimeijer (1954) is lid van de raad van bestuur van Stichting MOOI, een welzijnsorganisatie in Den Haag, Zoetermeer en omstreken. Binnen de organisatie heeft hij Marketing & Innovatie als aandachtsgebied. Sinds 1975 is hij werkzaam in de welzijnssector. Hij noemt zichzelf een absoluut welzijnsdier, maar is ook een oprecht criticaster. Naar zijn oordeel is het welzijn te weinig innovatief en speelt het niet altijd in op de tijdgeest.

Dik Hooimeijer

Gerelateerde tags

Eén reactie

  • no-profile-image

    Hans Versteegh

    Vertrouwen.
    Inderdaad mag dat wel eens wat meer getoond worden richting werkers in zorg en welzijn. Voor mij hoort daar ook erkenning bij (maatschappelijke status, beloning). En dat heeft weer alles met imago te maken. In deze samenleving is het sociale cement ondergesneeuwd bij het economisch gewin. De sector heeft daar zelf ook wat in te winnen. Vertrouwen moet je ook in jezelf als vakman / vakvrouw hebben en daarnaast in je totale beroepsgroep. Dat betekent ook dat werkers zichzelf best meer op de kaart mogen zetten. Wees daar niet te bescheiden in. Laat maar zien wat je doet, waarvoor en waarom het je passie is, hoe waardevol je werk is voor de samenleving.
    Vertrouwen komt dus ook van binnenuit.
    Werkers in zorg en welzijn mogen ook ieder een eigen standbeeldje van zichzelf maken, wat mij betreft.
    Hans Versteegh
    Bestuurslid vd Beroepsvereniging Opbouwwerk Nederland (BON)

Of registreer je om te kunnen reageren.

Zorgwelzijn is een uitgave van Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Media B.V.
Voorwaarden