Registreren Waarom moet u zich registreren voor deze site? Lees meer

Civil society: overheid moet aansluiten bij kleine gezelschappen

Informele groepen vormen het hart van de civil society. Als de overheid de civil society wil bevorderen zal ze aan moeten sluiten bij de dynamiek van deze kleine gezelschappen die regelmatig bij elkaar komen. Deze drijven al op eigen kracht en zijn een sterk netwerk, zo stelt Marijke Houben, programmacoördinator bij het Tympaan Instituut.
Civil society: overheid moet aansluiten bij kleine gezelschappen

-OPINIE- De civil society speelt een belangrijk rol bij de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo). Binnen deze wet hebben gemeenten de opdracht de civil society te versterken zodat kwetsbare groepen betrokken blijven bij de samenleving. De civil society is zowel een duiding als een ideaal. De wetenschap duidt de civil society als de omgeving waar mensen op vrijwillige basis bijeenkomen om hun eigen belangen of die van anderen te behartigen. (Paul Dekker, SCP en hoogleraar Civil society aan de Universiteit van Tilburg). Het politiek- maatschappelijk ideaal daarentegen ziet de civil society juist als een samenleving waar iedereen klaar staat voor elkaar, waarin burgers naar elkaar omzien, informele zorg aan elkaar bieden en waar veel sociale cohesie is.

Organisaties die deel uitmaken van de civil society zijn zeer verschillend. Het kunnen grote professionele institutionele organisaties zoals vakbonden, politieke partijen of ANWB zijn. Kleinschalige hobbyclubs of gezelligheidsverenigingen, die draaien op vrijwilligers, behoren ook tot de civil society. Er is ook nog een derde groep, wellicht nog veel belangrijker voor de civil society, de zogenaamde informele groepen.

Informele groepen worden omschreven als kleine verbanden tussen privésfeer en verenigingen en stichtingen. Het zijn kleine gezelschappen die regelmatig bij elkaar komen of contact met elkaar onderhouden om een bepaald doel na te streven of een hobby uit te oefenen (Van den Berg et al, SCP 2011). Bij informele groepen wordt de eigen kracht van burgers gemobiliseerd en dat vormt een goede start voor de civil society. Informele groepen laten zich uiteraard nauwelijks sturen en daarom is de vraag interessant welke bijdrage zij nu al leveren aan de civil society.


Informele groepen drijven op de eigen kracht van burgers en ontmoeten elkaar met een speciaal doel, zoals het uitoefenen van een hobby, sport of het nastreven van een maatschappelijk doel. Door het onderlinge contact hebben leden oog voor elkaars noden en is er bereidheid elkaar te helpen. De informele groep vormt een belangrijk deel van het sociaal netwerk van de groepsleden.

Dat informele groepen succesvol kunnen worden ingezet voor beleidsdoelen, in dit geval veiligheid op straat, bewijst dit voorbeeld. In Gouda heeft de politie hondenbezitters benaderd en gevraagd om in hun buurt een oogje in het zeil te houden. Er kwam een goede respons. De hondenbezitters bleken elkaar in veel gevallen al te kennen en de oproep van de politie versterkte de band. De politie organiseert regelmatig bijeenkomsten en ontvangt regelmatig meldingen over wat zich op straat afspeelt. Resultaat is een structurele verbetering van de veiligheid op straat.


Informele groepen kunnen dus het startpunt zijn voor succesvolle initiatieven ter versterking van de civil society. Dat vraagt om een actieve overheid, dicht bij de burger, zodat signalen goed worden opgevangen en ook om een actieve overheid die initiatieven faciliteert. Dat is een manier om verdamping van de eigen kracht van de burgers te voorkomen en te stroomlijnen richting maatschappelijke doelen.

Marijke Houben (programmacoördinator Sociale Samenhang en Leefbaarheid bij het Tympaan Instituut, kennisinstituut voor samenlevingsvraagstukken in Zuid-Holland)
Over dit thema is een notitie geschreven met de titel ‘Blik op de Civil Society' (november 2011)

Bron: ANP-Photo

Alexandra Sweers

Of registreer je om te kunnen reageren.

Zorgwelzijn is een uitgave van Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Media B.V.
Voorwaarden