Registreren Waarom moet u zich registreren voor deze site? Lees meer

Doenja-directeur Heinz Schiller: ‘Het is dweilen met de kraan open’

Welzijnsdirecteur Heinz Schiller stelde vorig jaar in de Volkskrant dat het welzijnswerk in Kanaleneiland nauwelijks zoden aan de dijk zet. Niet welzijnswerk, maar beter onderwijs, ouderbetrokkenheid, werk en herstructurering helpen de bewoners vooruit. ‘Het welzijn is niet de spil.’
Doenja-directeur Heinz Schiller: ‘Het is dweilen met de kraan open’

In zijn boek De kunst van het stijgen. Over sociale mobiliteit en welzijnswerk dat er toe doet onderbouwt Heinz Schiller zijn ideeën. Volgens hem schieten veel vernieuwingsprojecten op Kanaleneiland hun doel voorbij, omdat ze niet gericht zijn op verbetering van de maatschappelijke positie van bewoners. Het streven naar sociale cohesie in de Vogelaar-aanpak werkt volgens hem averechts: het bevestigt eerder de achterstand, dan dat het die doorbreekt. Dagvullend onderwijs, grotere ouderbetrokkenheid en werkende moeders die het goede voorbeeld geven, leveren meer op, zegt hij. Het welzijnswerk zou zich dan ook moeten beperken tot het versterken van ouderbetrokkenheid en individuele hulpverlening. Hij verwijst naar de Amerikaanse Harlem Children’s Zone waar docenten, sociaal werkers, ouders en vrijwilligers zich gezamenlijk inzetten voor een succesvolle schoolloopbaan van kinderen.

U constateerde vorig jaar dat het welzijnswerk in Kanaleneiland zijn stinkende best doet, maar dat het niet helpt. Welke resultaten boekt u dan wel?
‘Mijn kritiek in de Volkskrant ging over de aanpak van achterstand. Hoe kun je dat probleem in Kanaleneiland met succes te lijf gaan? Daar speelt niet alleen het welzijnswerk een rol in. En dat kan de achterstand ook niet oplossen. Het is weinig effectief. Volgens mij komt dat omdat we niet kunnen of willen focussen op de kern van de problemen. Neem de voorscholen (vaak een combinatie van peuterspeelzaal en basisschool, met taalprogramma’s voor kinderen en ouders, red.). Uit onderzoek blijkt dat we dat heel goed doen. Maar we weten niet zeker of het helpt. Tegelijkertijd bereiken we maar 40 procent van de kinderen in Kanaleneiland die vanwege een taal- of ontwikkelingsachterstand op een voorschool zouden moeten zitten. Pas als we 80 procent van die kinderen bereiken, maken we verschil.’

Maar wat brengt het welzijnswerk verder?
‘Van wat we doen, doen we 80 procent heel goed. Voorscholen, allerlei diensten, maatschappelijk werk, sociaalraadsliedenwerk, ouderenadviseurs, schuldhulp, jeugdhulpverlening. Die diensten draaien perfect en worden hoog gewaardeerd. Maar daarmee los je de achterstand niet op. We zijn constant bezig steeds weer dezelfde vragen te beantwoorden. De wijk reproduceert achterstand, daar kom je niet doorheen. Vanuit dat perspectief zijn we met individuele diensten aan het dweilen met de kraan open. Wat kan het welzijnswerk aan de kraan doen? Daar ben ik heel bescheiden over.’

Lees verder in Zorg + Welzijn Magazine nr 6, juni 2010.

Martin Zuithof/Fotografie: Herbert Wiggeman

Gerelateerde tags

2 reacties

  • no-profile-image

    Henk Duijn

    Hoewel een kennismaking met kunst via "bezigheidstherapie bij kunstenaars in hun atelier" mogelijk een positieve bijdrage kan leveren aan de sociale cohesie binnen de wijk, verwacht ik daar niet al te veel van.
    "Kunst" kan daarbij worden gezien als het beeldend tot uitdrukking brengen van emoties. Het is overigens niet uitgesloten dat individualisme op deze manier wordt aangewakkerd.

    Kennis van de (Nederlandse) taal, voldoende stimulering tot het benutten van mogelijkheden om zich verder te ontwikkelen (alfabetisering en scholing) en werkgelegenheid waarmee men een eigen inkomen kan verwerven vormen naar mijn mening de meest essentiële basis om verder te komen.

    Een aardig voorbeeld gericht op de ontwikkeling van mensen komt uit België.
    Bij het stimuleren tot ICT-gebruik wordt in bibliotheken computerles gegeven.
    Deelnemers dienen een symbolisch bedrag (€ 15,00 per cursusmodule) vooraf te betalen. Wanneer men de 4 tot 5 bijeenkomsten van de module heeft bijgewoond en de module met een positief resultaat heeft afgesloten, ontvangt de deelnemer zijn/haar betaling terug.
    De computerlessen worden door een verscheidenheid aan mensen gevolgd en verreweg de meesten ronden een aantal modulen met succes af. Het aantal digibeten wordt hiermee gereduceerd.

  • no-profile-image

    Marlies Duyx

    Jammer dat er niet meer informatie verstrekt wordt over het feit dat men bezig is meer kunstenaars te laten vestigen in de wijk / buurt.
    Dit lijkt mij een goede zaak, zeker als deze betrokken worden bij het aanbieden van activiteiten. Zij kunnen hun creativiteit kwijt en de jeugd maken kennis met vrijetijdsbesteding op een positieve manier.

Of registreer je om te kunnen reageren.

Zorgwelzijn is een uitgave van Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Media B.V.
Voorwaarden