Registreren Waarom moet u zich registreren voor deze site? Lees meer

Hulpverleners schieten bij praten over zelfmoord in de kramp

Van minister Klink moet het aantal suïcides jaarlijks met vijf procent dalen. Daarvoor heeft hij een aantal maatregelen genomen, waaronder een unieke vorm van internethulpverlening. Een goed begin, vindt het veld, maar er moet nog veel meer gebeuren. ‘Alcoholconsumptie wordt niet aangepakt.’
Hulpverleners schieten bij praten over zelfmoord in de kramp

Door Maria van Rooijen - 'Zeg Engel, je gaat toch niet weer dreigen met suïcide, hè’, kreeg Elmira Engel (39) vaak van behandelaars te horen als ze hun vertelde dat ze het leven niet meer zag zitten. Drie keer deed ze een zelfmoordpoging. De eerste twee keer als puber. ‘Ik ben van mijn tweede tot 27e jaar misbruikt door mijn grootvader. Ik wilde mijn lijf niet meer voelen en wist geen andere weg dan dood te gaan.’

Beide keren werd ze na het innemen van veel pijnstillers de volgende dag weer wakker. Ze kwam in behandeling bij de ggz, kreeg allerlei diagnoses, maar over haar werkelijke probleem werd niet gesproken. ‘Ik wist niet hoe ik moest leven, niets gaf mij voldoening, alles kostte me ontzaglijk veel moeite. Maar zodra je zegt dat je dood wilt, vinden behandelaars je manipulatief en bedreigend. Ze komen ogenblikkelijk met suïcidecontracten, nemen je medicijnen in beheer, en als je jezelf snijdt volgt gedwongen opname. Wat ik miste, was begrip. Ze vroegen nooit door, nooit waarom ik niet meer verder wilde.’ In 1997, een week nadat ze was opgenomen in De Wende, een kliniek voor persoonlijkheidsstoornissen in Eindhoven, deed ze een derde poging. ‘Ik had veel moeite gedaan om in deze kliniek te komen, maar ik had me nu eenmaal voorgenomen om op die betreffende datum zelfmoord te plegen. In een hotelkamer nam ik medicijnen en alcohol en trok een plastic zak over mijn hoofd. Drie dagen zweefde ik tussen leven en dood. Toen werd ik gevonden door kamermeisjes.’ Ze kon weer terug naar De Wende. ‘Daar leerde ik hoe ik met mezelf om moest gaan, wat ik wel en niet wilde, dat ik er mocht zijn voor mezelf en niet altijd anderen hoefde te plezieren.’

Toch laten suïcidegedachten haar nooit los. ‘Ze geven me juist houvast. Het besef dat ik zelf mijn leven kan beëindigen, maakt dat ik kan leven.’ Met haar ervaringen besloot ze aansluiting te zoeken bij lotgenotenorganisaties, onder andere Ex6, een vrijwilligersorganisatie voor suïcidale en ex-suïcidale mensen. Ze werd begeleider van praatgroepen. In praatgroepen, zegt ze, ‘krijgen deelnemers wat ze in de reguliere hulpverlening vaak ontberen: begrip, aandacht en betrokkenheid’.


Taboe
Toch, zo stellen alle mensen die vrijwillig of beroepshalve te maken hebben met suïcide, begint het taboe daarop af te nemen. De belangrijkste aanwijzing daarvoor levert minister Klink van Volksgezondheid. Afgelopen najaar kondigde hij een samenhangend pakket aan maatregelen af om suïcide te doen verminderen.

‘Jarenlang werd suïcide gezien als een individuele beslissing, iemand koos daar nu eenmaal voor’, zegt Age Niels Holstein van de Ivonne van der Ven Stichting, een organisatie die ijvert voor suïcidepreventie. ‘Te weinig werd onderkend dat er bij suïcide vaak allerlei factoren een rol spelen die te beïnvloeden zijn. Mensen willen meestal niet dood, maar een eind aan hun lijden. In ons Nationaal Actieplan uit 2003 pleitten wij er al voor om op allerlei gebieden interventies te plegen, in de gezondheidszorg, in het onderwijs, bij eerste-hulpdiensten, op het spoor, in de opleiding van hulpverleners. De minister heeft die aanbevelingen nu grotendeels overgenomen. Dat is goed. Jammer is dat hij niet de regie heeft genomen voor de uitvoering van die plannen, hij heeft er geen kabinetsbeleid van gemaakt.’

Maar het feit dat de minister zich gecommitteerd heeft aan een streefcijfer – elk jaar moet het aantal suïcides met vijf procent zijn gedaald – én zijn concrete startsubsidie van 1,4 miljoen euro aan het initiatief 113Online vindt Holstein zeer bemoedigend.

113Online
De internethulpverlening van 113Online, die in juni start, is werkelijk uniek. Aan dit initiatief nemen vrijwel alle relevante partijen deel: van vrijwilligersorganisaties en GGZ Nederland tot ProRail. Vooral nieuw is dat de 24 uurs telefoon- en chatlijn gekoppeld wordt aan professionele hulpverlening. Als na professionele beoordeling van het contact via telefoon of chatbox duidelijk is dat iemand acuut hulp nodig heeft, wordt de crisisdienst ter plaatse ingeschakeld, die binnen een uur hulp verleent. Daarover worden nu afspraken gemaakt met de landelijke crisisdienstorganisatie. Een aantal ggz-instellingen heeft al toegezegd in die gevallen binnen 24 uur hulp te verlenen.

‘Dit is een enorme vooruitgang’, zegt Ed Claassens van Ex6, ‘want nu kunnen onze vrijwilligers alleen nog verwijzen naar de huisarts en laat therapie vervolgens maanden op zich wachten.’

Alcohol
Maar of de maatregelen van minister Klink afdoende zijn? Bij lange na niet, zegt Ad Kerkhof, hoogleraar suïcidepreventie aan de Vrije Universiteit. Zo mist hij maatregelen om alcoholconsumptie te verminderen. ‘Alcohol verlaagt de drempel om suïcide te plegen. Het beste bewijs daarvoor leverde Gorbatsjov. Hij nam strenge maatregelen tegen alcoholconsumptie. Tijdens zijn bewind daalde het aantal suïcides met 40 procent. Toen zijn opvolger Jeltsin die maatregelen terugdraaide, steeg het aantal weer naar het oude niveau. Als de minister erin zou slagen de alcoholconsumptie met de helft terug te dringen, zou het aantal suïcides ook met de helft dalen. Dat is veel effectiever dan al zijn maatregelen bij elkaar.’
Kerkhof had ook gewild dat de maatregelen voor deskundigheidsbevordering dwingender waren. ‘Hulpverleners weten nog bedroevend weinig over suïcidaliteit. Men denkt bijvoorbeeld dat suïcidaliteit voortvloeit uit depressie en dat als de depressie is behandeld suïcidegedachten ook zijn verdwenen. Dat is niet zo. Je ziet dan ook dat mensen na een geslaagde depressiebehandeling alsnog zelfmoord plegen. Kwetsbaarheid voor
suïcidaliteit is een eigenstandig iets wat apart behandeld moet worden, bij voorkeur met cognitieve gedragstherapie.’

Op ideeën brengen
Daarnaast durven hulpverleners suïcide nauwelijks aan de orde te stellen. Kerkhof: ‘Soms zijn ze bang patiënten op een idee te brengen. Dat is onzin. Of ze weten niet wat ze moeten doen als patiënten inderdaad zelfmoordplannen hebben. Daarom moet het omgaan met suïcidale patiënten standaard in de opleiding zitten. Als behandelaars daarin niet geschoold zijn, zouden ze geen BIG-registratie moeten krijgen. Ggz-hulpverleners zouden bij de intake patiënten standaard moeten vragen of ze wel eens denken aan suïcide. Later in de behandeling moet die vraag herhaald worden. En als dat zo is, moeten ze vervolgens twee essentiële vragen stellen: Goh, u moet wel erg wanhopig zijn, klopt dat? En: Waarover bent u zo wanhopig?’

Ook psychiater Jan Mokkenstorm, directeur bij GGZinGeest in Haarlem en betrokken bij 113Online, weet hoe hulpverleners te vaak ‘in de kramp schieten’ als  een patiënt over zelfmoord begint. ‘Omdat ze niet weten wat ze ermee aanmoeten, praten ze er liever niet over. Dat is struisvogelpolitiek en daarmee moeten we ophouden. Praten over suïcidaliteit moet doodgewoon worden.’ De suicidepreventiecommissie van GGZinGeest ontwikkelt best practices en richtlijnen waarmee hulpverleners praktisch goed uit de voeten kunnen. Door een train-de-trainer-opzet kunnen in korte tijd veel hulpverleners worden geschoold in het omgaan met suïcidale patiënten. Mokkenstorm: ‘Centraal daarin staat het te allen tijde bespreekbaar maken van suïcidale gedragingen en gevoelens. Daarnaast gaan we patiënten die ontslagen worden uit de kliniek naadloos overdragen aan de ambulante hulpverlening. Want juist in die overgangsperiode gaat het vaak mis. En we gaan mensen die een suïcidepoging hebben gedaan betere nazorg leveren. Ook als ze zeggen geen hulp te willen, nemen we een paar dagen na die poging toch contact met ze op.’

Gatekeepers
Een instelling die suïcidepreventie al serieus heeft aangepakt is GGZ Friesland. Provinciebreed heeft ze een keten geformeerd van hulpverleners die met suïcidale mensen te maken kunnen krijgen, zoals politie, spoedeisende hulp, schooldecanen, dominees, bedrijfsartsen. Al deze zogeheten gatekeepers zijn en worden getraind om signalen tijdig te herkennen. Ook leren zij op een goede manier met hen in contact te komen.
Zodra iemand uit de risicogroep wordt gesignaleerd, krijgt die een verwijzing naar GGZ Friesland. Die heeft een specifieke therapie ontwikkeld, gebaseerd op de cognitieve gedragstherapie. Extra aandacht wordt daarin besteed aan belangrijke personen in de omgeving van de patiënt die hem kunnen ondersteunen. Daarnaast is er een aparte, kortdurende interventie ontwikkeld voor nabestaanden. Zij lopen namelijk een tienmaal zo hoog risico zelf ook suïcide te plegen. Speciaal getrainde sociaal-psychiatrisch verpleegkundigen geven die behandeling in de huisartsenpraktijk.

Financiering
Het grote probleem is echter de financiering. ‘Zorgverzekeraars betalen niet voor preventie’, zegt Jos de Keijser, hoofd ambulante behandeling van GGZ Friesland, ‘en de overheid ziet suïcidepreventie toch te weinig als een collectieve verantwoordelijkheid. Er is onvoldoende geld voor. Zeker als je het vergelijkt met verkeersveiligheid. De miljarden die daaraan zijn besteed hebben geleid tot drastische vermindering van het aantal verkeersdoden. Waarom ook geen miljarden voor suïcidepreventie? Inmiddels zijn er meer doden als gevolg van suïcide dan doden door verkeersongelukken.’

Dit artikel staat in Zorg + Welzijn Magazine nummer 5, mei 2009.

 

Bron: Foto: ANP

Maria van Rooijen

Gerelateerde tags

5 reacties

  • no-profile-image

    Martine

    Bij ons in de psychologenpraktijk kan er immer over suicide worden gesproken en wordt dit nooit als dreiging ervaren. Juist erover mogen spreken geeft de client de ruimte om meer over zichzelf te durven en kunnen vertellen. En zeker wordt er naar de reden gezocht voor het leven niet meer aankunnen.Onze psycholoog spingt nooit in de kramp als het woord suicide valt. In tegendeel hij wordt heel alert en niks medicatiebewaking, nee aandacht voor dit probleem!

  • no-profile-image

    Cornelia

    Als wij, als samenleving, geen menswaardig levenseinde kunnen bieden, bijvoorbeeld aan dementerenden die opgesloten, vastgebonden en/of gesedeerd in een instelling hun laatste jaren moeten slijten, lijkt suïcide soms een minder beroerd alternatief.

  • no-profile-image

    Joris

    Aardig artikel. Wat ik echter mis, is de aandacht voor suicide als machtsmiddel. Veel hulpverleners worden namelijk ook geconfronteerd met mensen die dreigen met suicide om zaken gedaan te krijgen, terwijl de kans dat ze dit werkelijk doen niet groot is.

  • no-profile-image

    Arja

    Ja Leo, maar niet als het niet hoeft....

  • no-profile-image

    Leo

    Mag er nog wel iemand dood gaan in dit land ?

Of registreer je om te kunnen reageren.

Zorgwelzijn is een uitgave van Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Media B.V.
Voorwaarden