Registreren Waarom moet u zich registreren voor deze site? Lees meer

‘Bij Steunpunten huiselijk geweld dreigt overbelasting’

Gebrek aan landelijke sturing, steeds opnieuw het wiel uitvinden en capaciteitsproblemen. Dat zijn enkele zaken waarmee Advies- en Steunpunten Huiselijk Geweld (ASHG’s) tobben, zo blijkt uit onderzoek. 'Veel steunpunten zijn weinig koersvast en hebben ongelooflijk veel taken op hun bordje', zegt onderzoekster Sietske Dijkstra.
‘Bij Steunpunten huiselijk geweld dreigt overbelasting’

Als onderdeel van een groter onderzoek naar de kwaliteit van ASHG’s door het ministerie van VWS, deed Sietske Dijkstra samen met Edith Geurts en Jessica van Rossum van het NJI onderzoek naar de focus en richting van de steunpunten. ‘De Advies - en Steunpunten Huiselijk Geweld zijn vrij jong. Ze zijn bedoeld als brede, laagdrempelige voorposten waar iedereen terechtkan voor informatie en advies over de aanpak van huiselijk geweld. Jong en oud, slachtoffer en pleger, professionals en anderen.’ Het steunpunt moet goede contacten hebben met achterliggende hulpverlenende instanties, waarnaar ze kunnen doorverwijzen.

Overbelast
Dijkstra merkt echter dat er bij de steunpunten ongelooflijk veel taken op het bord liggen, wat een stuwmeer aan verwachtingen schept. ‘Ik zie veel capaciteitsproblemen en overbelaste medewerkers.’ Het onderzoek legt bloot waar veel ASHG’s mee tobben.
Er is onvoldoende nagedacht over wat het kader is van de ASHG’s, een landelijke visie op de wekwijzen ontbreekt en daarmee wordt de koers onduidelijk. Elke regio mag die zelf uitdenken, waardoor het wiel steeds opnieuw wordt uitgevonden. De steunpunten weten nauwelijks iets van elkaar: hoe ze werken, met anderen samenwerken, wat de kerntaken zijn en hoe ze zich verhouden tot nieuwe ontwikkelingen.

Meisjesbesnijdenis
Omdat het takenpakket onduidelijk is, zijn de steunpunten behoorlijk onbeschermd, vindt Dijkstra. ‘De ontwikkelingen in de aanpak van huiselijk geweld gaan door. Zo komen er steeds meer taken bij.’ Het ASHG is geen vergaarbak van ‘alles dat met huiselijk geweld’ te maken heeft, concluderen de onderzoekers in het rapport. Volgens hen is het goed om duidelijk durven te bepalen wat een steunpunt wel en niet doet. ‘Je kunt wel experts in huis hebben, maar als je ook alles van onderwerpen als meisjesbesnijdenis, eergerelateerd geweld en oudermishandeling moet weten, dan wordt dat heel veel. Het moet duidelijk zijn wie de vakinhoudelijke achterban vormt om naar door te verwijzen. En vooral dient er voldoende capaciteit te zijn voor passende hulpverlening.’

Polderen
Door het achterblijven van sturing en een duidelijke koers, belanden veel ASHG’s in organisatorische rompslomp, zo blijkt uit het onderzoek. Dijkstra: ‘Koepelorganisaties kunnen hier werk van maken. Bijvoorbeeld door vast te leggen welke rol de steunpunten spelen bij een huisverbod en straks bij de meldcode. Tot nu toe hebben zij vrij spel, waardoor ze nog meer gaan polderen. Het is belangrijk dat alsnog duidelijk wordt wat een ASHG minimaal moet zijn.’

Het onderzoek ‘Kwaliteitsverbetering Advies- en steunpunten huiselijk geweld’ maakt deel uit van het langer lopend en landelijke project ‘Kwaliteitsimpuls van de ASHG’s’, dat door VWS is uitgezet. Hierbij zijn diverse koepelorganisaties betrokken, waaronder de MOgroep Welzijn & Maatschappelijke Dienstverlening (W&MD), de landelijke GGD, De VNG en de Federatie Opvang.

Meer nieuws in uw inbox? Klik hier voor de gratis Zorg + Welzijn Nieuwsbrief. Voor meer achtergronden en opinies, neem hier een abonnement op Zorg + Welzijn Magazine.

Bron: Foto: ANP/Koen Suyk

Alexandra Sweers

Gerelateerde tags

Of registreer je om te kunnen reageren.

Zorgwelzijn is een uitgave van Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Media B.V.
Voorwaarden