Registreren Waarom moet u zich registreren voor deze site? Lees meer

‘Eén financiering nodig voor samenwerking in de jeugdzorg’

‘Niet ontevreden’, is Hans Kamps, directeur van de branche MOgroep Jeugdzorg over het beleidsprogramma 2011. Aan gemaakte afspraken wordt vastgehouden. De rol van de bureaus jeugdzorg lijkt echter tanend. ‘De indicatiestelling zou je kunnen missen, maar er is een meer coördinerende functie in de jeugdzorg nodig.’
‘Eén financiering nodig voor samenwerking in de jeugdzorg’

‘We komen er nog goed van af’,  zegt Hans Kamps, directeur van de branche Jeugdzorg van de MOgroep. ‘De afspraken die we in de sector met minister Rouvoet, gemeenten en provincies hebben gemaakt gelden ook in 2011. Ik mis wel een duidelijke stap naar integratie van jeugdzorg, ggd en jeugd-ggz. Die samenwerking is een belangrijke voorwaarde voor snelle en goede zorg voor kinderen en jongeren.’

Preventie
De beleidsvoornemens voor de jeugdzorg van het demissionaire kabinet borduren voort op de visie die minister Rouvoet in het voorjaar aan de Tweede Kamer heeft voorgelegd, vindt hans Kamps. En op de afspraken over geld en doelen die met provincies, gemeenten en de jeugdzorgsector zijn gemaakt. De nadruk ligt op de preventie en op de opvang van kinderen en gezinnen in de eerste lijn, zoals in het Centrum voor Jeugd en Gezin. Om de – duurdere - geïndiceerde jeugdzorg, die structureel groeit, te ontlasten.

Voorschot
De discussie over de herziening van het jeugdzorgstelsel – welke bestuurslaag is verantwoordelijk en beheert het budget? – moet door het volgende kabinet worden gevoerd. Kmaps wil wel een voorschot nemen: ‘Er moet één financieel kader komen voor de jeugdzorg. Dat kan door de gemeenten worden beheerd. In ieder geval moet de scheiding tussen de ggd-jeugdgezondheidszorg, de jeugd-ggz en de bureaus jeugdzorg weg.’

Voortbouwen
Hans Kamps mist in de beleidsvoornemens nog een duidelijke stap in de richting van de integratie van de drie jeugdzorgpoten. ‘Rouvoet had kunnen zeggen: vanaf nu moeten deze drie sectoren samenwerken. In ieder geval moet het volgende kabinet voortbouwen op de visie die de minister en de parlementaire werkgroep, waarin alle partijen plaats hadden, hebben neergelegd.’

Laagdrempelig
De rol van het bureau jeugdzorg lijkt in die visie uitgespeeld. De indicatiestelling is al door Rouvoet voor ambulante hulpvragen weggehaald zodat kinderen en gezinnen sneller worden geholpen. De nadruk ligt op de ‘eerste laagdrempelige hulp’ in de centra voor jeugd en gezin. ‘’Je zou de indicatiestelling kunnen missen,’ zegt Kamps, ‘maar je hebt wel mensen nodig die de diverse zorg aan gezinnen kunnen coördineren. Medewerkers van Bureau Jeugdzorg kunnen als casemanager worden ingezet.’

Gesloten jeugdzorg
In de beleidsvoornemens valt de overgang van kinderen van de gesloten jeugdzorg naar open en ambulante zorg op. Doel is verkorting van de verblijfsduur van jongeren in gesloten zorg. Hans Kamps vindt dat ’gemakkelijk opgeschreven’. ‘Ik denk dat gesloten jeugdinstellingen altijd ernaar hebben gestreefd jongeren zo snel mogelijk in de maatschappij te helpen. Ik weet niet of instellingen de ruimte hebben meer te doen dan ze al doen.’

Bron: Foto: ANP/Inge van Mill

Carolien Stam

Gerelateerde tags

Of registreer je om te kunnen reageren.

Zorgwelzijn is een uitgave van Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Media B.V.
Voorwaarden