Registreren Waarom moet u zich registreren voor deze site? Lees meer

Jongerenbuurtbemiddeling kan escalatie voorkomen

Jongeren zijn vaak betrokken bij buurtconflicten, maar zelden bij het oplossen ervan. In steeds meer steden worden ze daarom ingezet om te bemiddelen, zoals in Rotterdam. ‘Ze spreken dezelfde taal.’
Jongerenbuurtbemiddeling kan escalatie voorkomen

Buurtbewoners in de Rotterdamse deelgemeente IJsselmonde klagen bij de politie over jongeren die overlast veroorzaken. Omdat er jongeren bij betrokken zijn, meldt de politie de zaak aan bij JOLO, het project voor jongerenbemiddeling in de wijk. De projectleider nodigt de klagende bewoners uit op het kantoor voor buurtbemiddeling om hun verhaal te doen. Jongerenbemiddelaarster Heba Rustom (18): ‘Er kwamen zes bewoners. Tegen mij, een andere jongerenbemiddelaar en de projectleider vertelden ze dat de jongens altijd voetbalden in het speeltuintje dat bedoeld is voor kleine kinderen. Als volwassenen hen wegstuurden, werden ze door de jongens uitgescholden. Ik vroeg of ze wel eens rustig met de jongens hadden gesproken. Blijkbaar niet. Op gegeven moment merkte wel één bewoner op dat het probleem waarschijnlijk aan de communicatie lag. Dat vond ik heel goed gezegd, maar de anderen waren het daarmee niet eens. Ik vroeg of ze met de jongens hier op kantoor wilden praten. Eerst hielden ze dat af. “Die jongens luisteren toch niet”, zeiden ze. Maar later gingen ze er toch mee akkoord.’

Feijenoord
De jongens zijn inderdaad met de bewoners in gesprek gegaan, maar hoe dat is afgelopen kan Heba niet vertellen. ‘Bij dat gesprek was ik niet aanwezig, omdat ik toen net voor mijn examen zat.’ JOLO Jongerenbuurtbemiddeling staat voor Jongeren Lossen het Op. Ze bemiddelen bij conflicten tussen buurtbewoners en jongeren. Of tussen jongeren onderling. Het project is in 2001 als pilot gestart en bestaat sinds enkele jaren in de Rotterdamse deelgemeenten IJsselmonde en Feijenoord, en sinds vorig jaar ook in Nijmegen.

De methodiek is ontwikkeld door CoCon, expertisebureau voor (jongeren)buurtbemiddeling. Het idee erachter is dat jongeren vaak betrokken zijn bij conflicten, maar zelden bij het zoeken naar een oplossing daarvoor. Hossni El Chamlal, projectleider JOLO in IJsselmonde: ‘Terwijl jongeren, na een stevige training, net zo goed kunnen bemiddelen als volwassenen. Beter zelfs, als het om leeftijdgenoten gaat. Ze praten elkaars taal en hoeven niet op te boksen tegen een autoriteit. Ze kunnen van elkaar ook meer hebben.’

Luisteren
Bij bemiddeling wordt de klagende partij eerst uitgenodigd om haar verhaal te doen. Vervolgens de andere partij. Tot slot komen beide bij elkaar om een oplossing te vinden. Hoewel bij die gesprekken altijd een volwassen projectleider aanwezig is, doen de jongerenbemiddelaars vooral het woord. Ze hebben daarvoor een driedaagse training gevolgd. ‘Daar leerden we’, zegt Heba, ‘actief te luisteren, verhalen samen te vatten, de goede vragen te stellen en vooral niet te oordelen of te adviseren. Dus niet: “waarom hebt u niet eerst met de jongens gepraat?” Maar: “hebt u met ze gepraat?” ’
Ook Rico Bostelaar (16) is vrijwilliger bij JOLO. Hij zit nog middenin zijn eerste bemiddelingscasus: een oudere mevrouw die wordt getreiterd door buurkinderen. Rico: ‘Tijdens het eerste gesprek vertelde ze dat de kinderen haar uitschelden voor hoer. Ik vroeg of ze met haar buren wilde praten. Eerst niet, na drie kwartier wel. Diezelfde avond hebben we de buren uitgenodigd om hier te komen. Eén buurvrouw kwam. Volgens haar overdreef de oudere dame. In feite ontkende ze dat haar kinderen zoiets zouden doen. Maar ze was wel bereid om met haar te gaan praten. Dat gesprek vindt binnenkort plaats.’

Politie
JOLO heeft indmiddels 150 jongeren opgeleid. Van de 170 zaken die bij JOLO zijn terechtgekomen, is 80 procent succesvol verlopen, zegt Marco Edink, projectleider JOLO in Feijenoord. Daarbij zitten wel veel zaken die al na een eerste of tweede gesprek opgelost werden. ‘Soms zijn buurtbewoners al tevreden omdat ze hun verhaal kwijt kunnen.’ Maar de bemiddeling kost veel energie. El Chamlal: ‘Jongeren willen meestal wel praten, volwassenen veel minder. Die vinden dat de politie het conflict maar moet oplossen. Daarnaast kan het lastig zijn om overlastgevende jongeren op te sporen. Je weet dan wel dat ze soms op een bepaalde plek zijn, maar je hebt meestal geen adres of telefoonnummer. Ga dan maar die “ene jongen met die capuchon” eruit pikken. Maar uiteindelijk lukt dat meestal wel.’

Dit artikel staat in Zorg + Welzijn Magazine nummer 2, februari 2010.

Maria van Rooijen/fotografie Roel Dijkstra

Gerelateerde tags

Eén reactie

  • no-profile-image

    s. klok

    hallo,
    ik ben voor mijn studie bezig met een onderzoek naar jongerenbuurtbemiddeling en ik zou graag willen weten wie dit stuk geschreven heeft voor mijn bronvermelding.

    mvg,

    s. klok

Of registreer je om te kunnen reageren.

Zorgwelzijn is een uitgave van Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Media B.V.
Voorwaarden